Kernpunten begroting per ministerie

Ministerie van Financiën

Op Prinsjesdag is de begroting voor 2021 gepresenteerd, waarin ruim € 3,1 miljard voor het ministerie van Financiën is begroot. Dit is een stijging t.o.v. de begroting van 2020 toen € 1,7 miljard werd opgenomen.

Verbetering Uitvoerbaarheid Toeslagen

Vooruitlopend op een volledige hervorming van het toeslagenstelsel worden nu al maatregelen getroffen die de meest urgente problemen in het huidige stelsel oplossen. Zo worden grote terugvorderingen van eerder toegekende toeslagen voorkomen door de kinderopvangtoeslag voortaan proportioneel vast te stellen en wordt terugvordering van toeslagen in bijzondere omstandigheden gematigd. Daarnaast wordt de rechtsbescherming van burgers verbeterd door de mogelijkheden om in gesprek te gaan met de burger te vergroten. Als laatste zijn er maatregelen voorgesteld die het verlies van het recht op toeslagen door partnerschap voorkomen. Dit alles moet zorgen voor een meer menselijke maat en meer rechtsbescherming in het toeslagenstelsel.

De Nederlandse economie in crisis

  • Het coronavirus heeft nationaal en internationaal effect op de economie. De Nederlandse economie krimpt dit jaar naar verwachting met 5 procent. De economische ontwikkeling is onzeker en hangt voor een gedeelte af van het vertrouwen van zowel consumenten als ondernemers.
  • De aanbodzijde werd geraakt door uitval en ziekte. Door de contactbeperkingen en sluitingen kon de capaciteit van de economie niet volledig worden ingezet. Een aanbodschok van deze omvang leidt ook tot vraaguitval: consumptie en investeringen lopen terug.
  • Huishoudens geven in 2020 6 procent minder uit dan in 2019. De investeringen dalen met 8 procent en de uitvoer met 5 procent. Als open economie is Nederland gevoelig voor internationale economische schokken. Verschillende landen in Europa worden naar verwachting geconfronteerd met een nog grotere economische neergang dan Nederland. Als de economie in andere landen terugvalt, of als bedrijven in andere landen in de problemen komen, heeft dat directe invloed op de Nederlandse import en export
  • Toch is het de verwachting dat de Nederlandse economie in 2021 zal herstellen. Als Nederland te maken krijgt met een tweede virusgolf, is de economische neergang echter groter.

Oprichting Nationaal Groeifonds

  • Het kabinet trekt de komende 5 jaar €20 miljard uit voor investeringen die bijdragen aan economische groei. Dit doet het kabinet door middel van de oprichting van het nationaal groeifonds.
  • Doelstelling van het nationaal groeifonds is het duurzaam versterken van het verdienvermogen door het structureel vergroten van het bruto binnenlands product.
  • Het geld uit het Nationaal Groeifonds gaat naar kennisontwikkeling, onderzoek, ontwikkeling, innovatie en infrastructuur. De projecten moeten een minimale projectomvang van €30 miljoen hebben.
  • Om de beste investeringsvoorstellen te selecteren komt het fonds op gepaste afstand van de politiek te staan. Een onafhankelijke commissie zal de investeringsvoorstellen beoordelen op de toegevoegde waarde voor het verdienvermogen en brengt een zwaarwegend en leidend advies uit.

Overheidsfinanciën

  • Het begrotingstekort komt in 2020 naar verwachting uit op -7,2 procent van het bbp. De gevolgen van de coronacrisis leiden tot een historisch groot begrotingstekort en onzekerheid voor de overheidsfinanciën. Ook in 2021 blijft het saldo met ‒ 5,5 procent naar verwachting sterk negatief.
  • De lagere belastinginkomsten en hogere WW- en bijstand uitgaven door de crisis leiden hierdoor tot een verslechtering van het saldo. Daarbovenop komen de noodmaatregelen. Deze tellen op tot circa 35 miljard euro in 2020 en verklaren het grootste deel van het begrotingstekort.
  • Door het begrotingstekort en belastinguitstel neemt de overheidsschuld toe van 49 procent van het bbp in 2019 tot 59 procent van het bbp in 2020. Hoewel er in 2021 nog steeds sprake is van een aanzienlijk begrotingstekort stijgt de schuld maar beperkt verder, tot 61 procent van het bbp.
  • Er is momenteel genoeg ruimte om deze schok voor de overheidsfinanciën op te vangen. De Europese begrotingsregels laten ruimte voor deze uitzonderlijke situatie.

Financiële sector die bijdraagt aan de vergroening

In 2020 zal de Minister van Financiën zich ook inzetten om op Europees niveau verdere acties te ondernemen om de financiële sector te betrekken bij de Europese klimaatopgave. Hierbij zal de Minister van Financiën tevens aandacht houden voor de zogenaamde Environmental, Social and Governance (ESG)-criteria, die naast duurzaamheid ook oog hebben voor sociale en governance-aangelegenheden.

Garanties

  • Het kabinet heeft er bewust voor gekozen om bestaande garantieregelingen te verruimen en nieuwe regelingen aan te gaan. Zo is een aantal bestaande regelingen voor ondernemersfinanciering zoals de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) en de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO) verruimd en versoepeld.
  • Daarnaast staat de overheid garant voor de financiële risico’s die voortvloeien uit de gezamenlijke inkoop van genees- en hulpmiddelen gerelateerd aan de behandeling van COVID-19, voor leverancierskredieten aan de detailhandel en de lening aan KLM.
  • Wanneer de garantie wordt ingeroepen is de rekening voor de overheid. Door de corona gerelateerde garanties steeg het totale uitstaand risico aan garanties en achter borgstellingen met ruim Tweede Kamer, vergaderjaar 2020–2021, 35 570, nr. 1 30 60 miljard tot circa 68 procent van het bbp.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Selwyn Moons

Selwyn Moons

Partner, Rotterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 71 07

E-mailadres

Ministerie van Defensie

Ondanks de onzekere tijden investeert het kabinet in onderwijs, duurzaamheid en veiligheid. Dat zien we ook terug in de investering in Defensie. De Defensiebegroting stijgt nu al enkele jaren. T.o.v. 2020 stijgt de begroting voor 2021 van € 10,6 miljard naar een totaal van € 11,5 miljard. Verhoudingsgewijs gaat de investering ten opzichte van het BNP ook omhoog (naar 1,48%), maar dat komt vooral omdat de economie krimpt.

Personeel

Moderne werkgever
Defensie wil nadrukkelijk een moderne werkgever zijn, met oog voor ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Met behulp van de zogeheten ‘routekaart opleiden en trainen’ wordt het thema diversiteit en inclusiviteit in alle opleidingen opgenomen. Ook wordt op afstand samenwerken en vergaderen verder ontwikkeld. Het Personeelsmodel van Defensie wordt gemoderniseerd, zodat het aantrekkelijker wordt om bij Defensie te gaan werken. 

Werving en vulling
Defensie heeft 9000 openstaande vacatures, blijkt uit de gepubliceerde personeelscijfers. Er solliciteren wel weer meer meer mensen op een baan bij Defensie. Echter, het realisatiepercentage van de externe werving daalde, met name bij de landmacht. Hier is de impact van het coronavirus merkbaar, aldus het ministerie. We zien een groei van de formatie met ruim 1.000 FTE in het afgelopen jaar. Toch is er op 1 juli 2020 van een lichte stijging van de vulling van militaire functies met 0,3% naar 79% ten opzichte van 1 januari 2020 (78,7 %). Het vullingspercentage van het burgerpersoneel is 103,8%. Dit betekent dat burgers in sommige gevallen, al dan niet tijdelijk, een militaire functie bekleden. Het reservisten bestand is met 8,5% gestegen ten opzichte van medio 2019. Deze groeiende flexibele schil draagt in toenemende mate bij aan de inzetbaarheid van de krijgsmacht. Dit past in het beeld van een adaptieve krijgsmacht. Lees de personeelsrapportage over de operationele gereedheid van Defensie in de eerste helft van 2020.

Materieel

Materieelbegrotingsfonds
Een nieuw fonds moet Defensie stabiliteit bieden onder wisselende politieke omstandigheden. Het kabinet wil “de schokbestendigheid van de Defensiebegroting verbeteren”. Defensie dient daarom dit jaar voor het eerst een materieel begrotingsfonds in. Voor de komende 15 jaar is ongeveer € 66 miljard beschikbaar. In het komende jaar is daarvan € 4,6 miljard begroot. Dit fonds maakt het mogelijk om de uitgaven voor de langere termijn beter in kaart brengen. Dat geldt ook voor de samenhang van het beheer en onderhoud van de investeringen. Het geld is onder andere bedoeld voor onder andere de aanschaf van onderzeeboten en M-fregatten.

Materieelinvesteringen
Investeringen in materieel dragen eraan bij dat de krijgsmacht nog beter is voorbereid op mogelijke dreigingen voor Nederland in de toekomst. Voor het komende jaar zijn o.a. de volgende investeringen voorzien:

  • De hydrografische opnemingsvaartuigen ondergaan een update;
  • Er komen naar verwachting in 2021 de 4 reeds bestelde MQ9 Reaper onbemande vliegtuigen binnen (€ 55,7 miljoen in 2021);
  • Militairen worden gefaseerd voorzien van een nieuwe uitrusting (helmen, vesten en persoonlijke beschermingsmiddelen);
  • Investering in de F-35 (€ 887 miljoen). In 2024 is het de bedoeling dat er 46 F-35 toestellen beschikbaar zijn;
  • Vervanging en modernisering van de Chinook helikopter (€ 208 miljoen);
  • De aanschaf van een Combat Support Ship (€ 114 miljoen);
  • De vervanging van de Luchtverdedigings- en Commando Fregatten (LCF) is voren geschoven, dit zou moeten leiden tot het beschikbaar zijn van het eerste nieuwe schip in 2032.
    Bekijk de volledige lijst van de investeringsprojecten

Digitalisering en innovatie

Verbeterde IT
Het programma GrIT (Grensverleggende IT) moet een nieuwe basis leggen onder de IT-systemen van de Defensieorganisatie. Het programma GrIT is daarmee nu aangeland in de fase van interne en politieke besluitvorming. Het streven is om de gunning af te ronden voor het einde van 2020. Daarnaast investeert Defensie in “extra personele expertise en tooling voor zowel de laag als hoog gerubriceerde data omgeving”. Dat gebeurt in het kader van de ambitie om een informatiegestuurde krijgsmacht te worden.

Cyber en online
Ook wil Defensie de cyber capaciteit van de Defensieonderdelen verder laten groeien en zogenaamde Cyber Mission Teams verder doorontwikkelen. In samenwerking met andere ministeries zal het strategisch responskader tegen hybride dreigingen verder vormgegeven worden. Defensie heeft ook aandacht voor des-informatie die online wordt verspreid. Zij zetten daartoe expertise en perspectieven uit de sociale wetenschappen in ten behoeve van het defensiebeleid.

Onbemande vliegtuigen
De luchtmacht heeft behoefte aan vier onbemande verkenningstoestellen (MQ-9 reaper) die vanuit Leeuwarden bediend worden. Die toestellen verzamelen elders op de wereld informatie, die vervolgens in Leeuwarden geanalyseerd wordt. De eerste van deze ‘drones’ komen einde van volgend jaar. Er zijn al enkele tientallen mensen voor opgeleid, van het speciaal daarvoor in het leven geroepen 306 Squadron. Het Squadron is nu al actief met het analyseren van beelden die door andere toestellen gemaakt worden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Robbert-Jan Poerstamper

Robbert-Jan Poerstamper

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 63 14

E-mailadres

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

In de begroting is voor zorg € 86,7 miljard opgenomen. Dit is hoger (5,47%) dan in de begroting van 2020, waar € 82,2 voor zorg werd opgenomen.

Het kabinet blijft inzetten op het beheersen van de coronacrisis en blijft werken aan toegankelijke en betaalbare zorg die merkbaar beter wordt voor mensen. In het najaar komt het kabinet met een discussienotitie waar drie aandachtsvelden centraal staan: meer ruimte voor vernieuwing om ook bij te dragen aan het werkplezier van de zorgprofessionals meer samenwerking, coördinatie en regie zodat de samenhang van het zorgstelsel verbetert en de verschillende verantwoordelijkheden helder zijn meer preventie om de gezondheid en het welbevinden van mensen (waar nodig) te stimuleren

Coronacrisis: maatregelen in de zorg

In 2020 en 2021 maakt het kabinet € 6,7 miljard extra vrij voor crisismaatregelen:

  • Voor meer testcapaciteit is reeds € 650 miljoen uitgetrokken. In 2021 komt hiervoor € 350 miljoen euro beschikbaar.
  • Voor vaccinontwikkeling is € 700 miljoen gereserveerd.
  • Er wordt € 305 miljoen geïnvesteerd in meer IC-capaciteit.
  • Zorgmedewerkers krijgen in 2020 een bonus van netto € 1.000. In 2021 krijgen zorgmedewerkers een tweede bonus van netto € 500.

Zorgpremie

Het kabinet raamt voor 2021 een zorgpremie van € 123 per maand. In 2021 wordt de zorgtoeslag verhoogd met € 44 voor alleenstaanden en € 99 voor meerpersoonshuishoudens. Het eigen risico blijft met € 385 gelijk.

Versterken van digitale zorg

Tijdens de coronacrisis is het belang van digitale zorg extra onderstreept. Niet alleen cliënten en hun naasten, maar ook zorgaanbieders hebben de toegevoegde waarde van digitale zorg ervaren. De behoefte aan digitale zorg zal blijvend zijn werk. Om deze reden werkt het ministerie van VWS met verzekeraars en andere financiers aan het vastleggen van digitale zorg in de contractering van zorg. Daarnaast zullen slimme zorgoplossingen bekender gemaakt worden onder cliënten, mantelzorgers en zorgprofessionals. Onder andere via het communicatieprogramma Zorg van Nu. Ook heeft het kabinet verschillende extra regelingen zoals Stimuleringsregeling E-health Thuis (SET) en SET COVID-19 2.0 om digitale zorg te stimuleren. Het kabinet blijft werken aan toegankelijke en betaalbare zorg die merkbaar beter wordt voor mensen. Hierbij hoort ook een verschuiving van de focus op ziekte en zorg naar een focus op gezondheid en gedrag. De opdracht om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden is volgens het kabinet onverminderd urgent. Het vraagt om een beweging naar de juiste (voor)zorg op de juiste plek: het voorkomen van (duurdere) zorg, het verplaatsen van zorg (dichterbij mensen thuis) en het vervangen van zorg (door andere zorg zoals e-health).Het kabinet wil zich meer gaan inzetten voor domeinoverstijgende samenwerking en wil daarom verkennen hoe de governance binnen het zorgstel kan worden versterkt. Voor het zomerreces van 2020 zal het kabinet een zogenaamde contourennota in het parlement bespreken.

Aantrekken van meer zorgpersoneel

Het actieprogramma Werken in de Zorg zet in op het aantrekkelijker maken van werken in de zorg. Dit actieprogramma wordt uitgebreid en structureel gemaakt. Het kabinet maakt in 2021 € 20 miljoen extra beschikbaar. In 2022 loopt dit budget op met € 80 miljoen en vanaf 2023 jaarlijks met € 130 miljoen. Deze investeringen moeten leiden tot minder werkdruk en minder administratieve lasten voor zorgpersoneel, maar ook een beter ontwikkel- en loopbaanperspectief en meer autonomie en zeggenschap.

Versterken van jeugdzorg

Het kabinet verlengt de tijdelijke extra middelen die gemeenten in de periode 2019 – 2021 hebben ontvangen. In 2022 ontvangen gemeenten € 300 miljoen extra voor de jeugdzorg. Ook komt het kabinet met een wetsvoorstel voor een verbeterde organisatie van de jeugdzorg. Voor de zorg voor de groep kinderen en jongeren met meervoudige en complexe problematiek is extra aandacht. Hiervoor worden acht bovenregionale expertisecentra opgericht en is er vanaf 2021 structureel € 26 miljoen beschikbaar voor deze centra.

Terugdringen en voorkomen van roken, overgewicht en overmatig alcoholgebruik: Extra middelen

Het Nationaal Preventieakkoord heeft als doel om roken, overgewicht en overmatig alcoholgebruik terug te dringen in Nederland. In 2021 is € 12 miljoen extra beschikbaar om de realisatie van de ambities van het Nationaal Preventieakkoord te versnellen. Vanaf 2022 stijgt dit naar 16 miljoen euro extra.

Terugdringen en voorkomen van dakloosheid

In 2020 en 2021 is € 200 miljoen beschikbaar gesteld voor het terugdringen van dakloosheid. Deze middelen zijn bedoeld voor het beschikbaar stellen van extra woonplekken met begeleiding voor dak- en thuislozen, het voorkomen van dakloosheid en kortdurende opvang in één- of tweepersoonskamers.

Terugdringen van aantal zelfmoorden en zelfmoordpogingen

Vanaf 2021 is € 4,8 miljoen extra per jaar beschikbaar om het aantal zelfmoorden en zelfmoordpogingen terug te dringen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Willeke Bakker

Willeke Bakker

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 45 69

E-mailadres

Ministerie van Justitie en Veiligheid

Op Prinsjesdag is gepresenteerd dat het kabinet ook komend jaar zal investeren in veiligheid. De Miljoenennota 2021 vermeldt dat in 2021 in totaal €12.6 miljard besteed wordt aan Justitie en Veiligheid. Ten opzichte van het huidige jaar betekent dat een stijging van €0.8 miljard (gecorrigeerd voor inflatie: + €0.5 miljard). Percentueel gezien wordt daarmee 3.7% van de Rijksbegroting van 2021 besteed aan het veiligheidsdomein. Deze pagina biedt inzicht in de begrote uitgaven van het Ministerie van Justitie en Veiligheid voor 2021.

Beleidsprioriteiten Justitie en Veiligheid

In de Troonrede ging de aandacht uit naar het belang van (vertrouwen in) de rechtsstaat en de bescherming daarvan. De Koning sprak over een niet-aflatende strijd tegen georganiseerde criminaliteit die de maatschappij ondermijnt en refereerde naar de oprichting van het Multidisciplinair Interventieteam (MIT). In de Miljoenennota wordt uitgebreider ingegaan op het koesteren van de rechtsstaat en staat beschreven hoe de instellingen van justitie, veiligheid en migratie het komend jaar hun effectiviteit verder gaan verhogen. De voornaamste beleidsprioriteiten zijn daarbij het moderniseren van de rechtspraak, het op orde maken van de capaciteit, het merkbaar versterken van de politieorganisatie en het toewerken naar een robuuste migratieketen. Vanuit de Veiligheidsagenda 2019-2022 wordt ook komend jaar ingezet op de aanpak van ondermijnende criminaliteit, mensenhandel, cybercrime en online seksueel kindermisbruik.

Specifiek op het vlak van rechtsbescherming zal gewerkt worden aan een effectievere jeugdbeschermingsketen, een hardere aanpak van online kindermisbruik en een scheidingsaanpak die escalatie moet voorkomen. Daarnaast gaat de aandacht uit naar sneller en gericht jeugdstrafrecht, een verbetering van de rechtstoegankelijkheid en het beter beschermen van slachtoffers. Ook het terugdringen van discriminatie, een betere balans tussen zorg en veiligheid en een veilige re-integratie met de wet Straffen en Beschermen staan in 2021 hoog op de agenda. Binnen het migratiebeleid wordt in 2021 ingezet op een versterking van de keten. Ook wordt ingezet op een versterking van het Europees grenstoezicht, het stimuleren van kennismigratie en het gemeenschappelijk asielbeleid. Gelijktijdig is de aanpak van overlast en de terugkeer van onrechtmatig verblijvende vreemdelingen een prioriteit.

Belangrijke bedragen zoals genoemd in de Miljoenennota 2020

In 2021 komt €12.6 miljard van de Rijksbegroting ten behoeve van Justitie en Veiligheid en wordt €1.6 miljard aan ontvangsten verwacht, waarmee het besteedbaar budget van het ministerie van Justitie en Veiligheid op €14,2 miljard uitkomt. Het overgrote deel hiervan wordt besteed aan Politie (€6,4 miljard), Straffen en Beschermen (€3,0 miljard) en Rechtspleging en rechtsbijstand (€1,6 miljard). Voor Migratie is €1,4 miljard begroot en voor Veiligheid en Criminaliteitsbestrijding €1,0 miljard. Verder wordt €274 miljoen besteed aan contraterrorisme en nationaal veiligheidsbeleid. Voor de niet-beleidsartikelen wordt €0,5 miljard beschikbaar gesteld aan het apparaat kerndepartementen. €53 miljoen is nog onverdeeld en €3 miljoen is gereserveerd voor het niet-beleidsartikel geheim.

Belangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties ten opzichte van de ontwerpbegroting 2020

De grootste uitgavenmutaties waren reeds aangekondigd in de Voorjaarsnota 2020 en zijn als volgt:

  • In 2021 zal €141 miljoen extra worden vrijgemaakt voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit, wat het jaar erop zal oplopen tot een structurele verhoging van €150 miljoen per jaar. Waar in de najaarsnota van 2019 al incidenteel €110 miljoen was vrijgemaakt voor de aanpak van ondermijning op regionaal en lokaal niveau, vormen de extra middelen een sterke impuls voor de continuering en verbreding van de aanpak van ondermijning. In 2021 worden de middelen met name besteed aan meer bewaking en beveiliging (€40 miljoen) en de oprichting van een Multidisciplinair Interventie Team waarin de betrokken diensten intensief samenwerken (€82 miljoen). Ook wordt van de middelen de eerder opgezette lokale aanpak verder verstevigd (€15 miljoen) en is er geld uitgetrokken voor ondersteunende versterkingen (€4 miljoen). Met deze extra investeringen wordt invulling gegeven aan het versterken van (het vertrouwen in) de rechtsstaat;
  • Op basis van het Prognosemodel Justitiële Ketens (PMJ) is voor 2021 €152 miljoen vrijgemaakt voor de bekostiging van de capaciteitsbehoefte van de justitiële keten. Vooral bij gevangenissen en Tbs-instellingen wordt een grotere capaciteitsbehoefte verwacht. Dit extra budget zal de komende jaren nog verder oplopen naar een bedrag van €284 miljoen in 2024. Hiermee wordt invulling gegeven aan de beleidsprioriteit rondom het op orde maken van de capaciteit bij de betrokken instellingen;
  • Voor asiel en opvang is voor 2021 in totaal €294 miljoen extra beschikbaar gesteld. Aangegeven wordt dat dit bedrag nodig is om de toegenomen bezetting bij COA te bekostigen en de achterstanden bij IND weg te werken. Voorts is ook het budget van DT&V en de Raad voor de Rechtspraak verhoogd. Uit het extra budget wordt ook de eerstejaars asielopvang bekostigd. Verder zijn eerder dit jaar twee moties aangenomen, die hebben geleid tot een oplopende investering van structureel €10 miljoen voor de bestrijding van mensenhandel en gedwongen prostitutie en een oplopende investering van structureel €15 miljoen voor extra capaciteit van de zedenpolitie, (medisch) forensisch onderzoek en opleiding tot zedenrechercheurs.

In de Miljoenennota 2021 zijn, in aanvulling op de voorjaarsnota 2020 en de nota van wijzigingen, nog zes extra mutaties opgenomen. Zo gaat er €1 miljoen naar het project Law Delta Zeeland, waarbij geld vrijkomt voor een justitiecomplex en een Strategisch kenniscentrum Georganiseerde Ondermijnende Criminaliteit in Vlissingen. Deze plannen zijn onderdeel van het bestuursakkoord uit juni 2020 over de compensatie voor het niet verhuizen van de Marinierskazerne. Verder is voor de komende twee jaar in totaal €91 miljoen gebudgetteerd voor de digitalisering van werkprocessen in de strafrechtketen, waarmee de financiering van 2020 uit het Regeerakkoord wordt gecontinueerd. Hiermee wordt invulling gegeven aan de modernisering van de rechtspraak. Verder wordt in lijn met het Regeerakkoord jaarlijks €23 miljoen beschikbaar gesteld aan de politie, om uitvoer te geven aan verschillende maatregelen. In afwachting van de bestedingsplannen zijn deze middelen nog gereserveerd op de Aanvullende Post van de Rijksbegroting. Voor de aanpak van ondermijning en afpakken wordt €23,9 miljoen uit 2020 meegenomen naar de komende drie jaar. Deze middelen worden gebruikt voor de financiering van lokale projecten in de aanpak van ondermijning en ICT-trajecten. Tot slot wordt na de €60 miljoen van dit jaar voor 2021 nog eens €40 miljoen extra vrijgemaakt voor de bekostiging van corona gerelateerde kosten. Hierbij moet gedacht worden aan kosten voor personele bescherming, voor het corona-proof maken van primaire processen en voor het wegwerken van de achterstanden in de strafrechtketen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Robbert-Jan Poerstamper

Robbert-Jan Poerstamper

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 63 14

E-mailadres

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Op Prinsjesdag werd de begroting voor 2021 gepresenteerd, waarin ruim € 6,1 miljard voor het ministerie van BZK is begroot. Dit is een stijging t.o.v. 2019 waar de begroting voor BZK € 5,5 miljard bedroeg.

Betaalbare woningen

  • Het kabinet maakt €295 miljoen in 2021 beschikbaar om knelpunten in de woningbouw aan te pakken. Dit bedrag bestaat uit een intensivering van €95 miljoen euro. Daarnaast wordt er jaarlijks €100 miljoen als aanvullende post gereserveerd voor de stikstofwet. Verder worden bestaande plannen voor de woningbouwimpuls versneld.
  • Het kabinet geeft bij de woningbouw extra aandacht aan kwetsbare groepen en ouderen. Daarnaast zal het kabinet een doorbouwgarantie verder uitwerken, waarbij ook de financiële risico’s en budgettaire impact in kaart worden gebracht
  • Daarnaast wordt de overdrachtsbelasting gedifferentieerd. Zo krijgen koopstarters meer kans door differentiatie in de overdrachtsbelasting waarin zij worden vrijgesteld van deze belasting, terwijl het tarief voor beleggers wordt verhoogd naar acht procent.
  • De Belastingdienst verlaagt vanwege de gevolgen van corona tijdelijk de invorderingsrente. Dit leidt tot minder ontvangsten bij de huurtoeslag. Voor de uitwerking van gebiedsontwikkelingen wordt een ontwikkelbudget van € 5 mln. beschikbaar gesteld.

Overdrachtsbelastingvrijstelling voor starters

Starters op de woningmarkt genieten de komende vijf jaar (tot en met 31 december 2025) een vrijstelling voor de overdrachtsbelasting. Iemand kwalificeert als starter wanneer deze starter bij aankoop van de eerste woning jonger dan 35 jaar is, maar wel meerderjarig. Verder geldt dat een starter de vrijstelling maar eenmalig kan toepassen. Kopers vanaf 35 jaar en kopers jonger dan 35 jaar die geen recht meer hebben op de vrijstelling, gaan het verlaagde tarief van 2 procent voor woningen betalen. Voorwaarde voor zowel starters als kopers vanaf 35 jaar is dat zij ook daadwerkelijk in de woning gaan wonen en wel voor onbepaalde duur.

Eenmalige huurverlaging en verhuurderheffing

Huurders met een inkomen beneden de 23.255 euro voor een eenpersoonshuishouden (voor ouderen 23.175 euro) of 31.550 euro voor een meerpersoonshuishouden (voor ouderen 31.475 euro) hebben mogelijk recht op een eenmalige huurverlaging. Dit is het geval indien de huur voor de woning boven 619,01 euro per maand ligt (voor huishoudens van drie personen of meer 663,40 euro per maand). De woningcorporatie voert de huurverlaging in principe automatisch door, maar een huurder kan ook een verzoek indienen. De huurverlaging is juridisch afdwingbaar via de Huurcommissie. Als tegemoetkoming voor de huurverlaging wordt het tarief van de verhuurderheffing die woningcorporaties betalen verlaagd met 0,036 procentpunt naar 0,526 procent over de berekende WOZ-waarde.

Digitale overheid

  • Door de intelligente lockdown zijn veel volwassenen en kinderen noodgedwongen thuis komen te zitten. Behalve dat er meer kansen zijn ontdekt in het benutten van digitalisering, is ook gebleken dat een aanzienlijk deel van de bevolking zonder hulp digitaal vastloopt. Met de actie #allemaaldigitaal zet het ministerie van BZK in om kwetsbare mensen van een digitaal apparaat te voorzien
  • In 2021 geeft het ministerie van BZK-burgers meer grip op en regie over de gegevens die de overheid van hen heeft. Hiermee kunnen burgers de gegevens die de overheid van hen heeft, zoals adres, leeftijd of inkomen, digitaal delen met organisaties buiten de overheid.
  • Het Ministerie van BZK zet verder in op het toepassen van informatieveiligheidsstandaarden voor overheidswebsites.

Een waardegedreven digitale overheid

  • BZK wil de digitale dienstverlening aan de burger verder ontwikkelen. Hiervoor gaat BZK gebruik maken van experimenten, onderzoek, innovatielabs en klantreizen.
  • In 2020 werkt BZK een toekomstbeeld voor het stelsel van registraties uit.
  • Voor de innovatieve doorontwikkeling van de Generieke Digitale Infrastructuur (GDI) voorzieningen ontvangt Logius, als de grootste uitvoeringsorganisatie voor deze voorzieningen, een bijdrage voor diverse opdrachten die voortvloeien uit de investeringsagenda. Het gaat daarbij om het Programma Machtigen, hergebruik van gegevens voor MijnOverheid, het doorontwikkelen van de generieke voorzieningen in het stelsel van basisregistraties en het programma eID, waaronder ook het bereiken van een grotere doelgroep voor DigiD Substantieel valt. Logius ontvangt tevens een bijdrage voor een onderzoek naar de herinrichting van de eigen GDI infrastructuur teneinde deze om te zetten naar generieke services. Ook krijgt Logius een bijdrage voor een onderzoek naar de obstakels in het gebruik van Standard Business Reporting. Tot slot ontvangt Logius een bijdrage voor Digicampus, een samenwerking tussen wetenschap, overheid en bedrijfsleven die gericht is op agenderen, innoveren en delen van gebleken successen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Selwyn Moons

Selwyn Moons

Partner, Rotterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 71 07

E-mailadres

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Op Prinsjesdag is in de begroting voor 2021 € 9,3 miljard voor het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat begroot. Dit is hoger dan in de begroting van 2020, waar € 8,9 miljard voor Infrastructuur en Waterstaat is opgenomen. 

Versneld onderhoud infrastructuur

Met de begrotingsstukken is op Prinsjesdag besloten dat 1,9 miljard euro versneld ingezet wordt voor het onderhoud en vervangen van wegen, spoor, vaarwegen en dijken. Deze investeringen worden naar voren gehaald om de economie te ondersteunen tijdens de coronacrisis. 

Rijksinfrastructuur

  • Van deze 1,9 miljard wordt ruim een half miljard versneld beschikbaar gesteld om eerder dan gepland onderhoud uit te voeren aan de Rijksinfrastructuur. Het gaat hierbij om het onderhoud van bruggen, tunnels en sluizen die in de decennia na de oorlog zijn gebouwd. Dit bedrag komt bovenop de extra 265 miljoen die op Prinsjesdag 2019 al werd aangekondigd. Het gaat o.a. om groot onderhoud van de N18 en A50 in Oost-Nederland. Ook het baggeren van grote rivieren als de Nederrijn-Lek, Bovenrijn-Waal en de Twentekanalen vindt eerder plaats.
  • Naast de versnelde investering in onderhoud komt er in 2021 100 miljoen extra beschikbaar om de veiligheid op wegen en fietspaden te verbeteren, bovenop de 50 miljoen euro die al jaarlijks beschikbaar is. Dit bedrag wordt geïnvesteerd in reactie op de vele ideeën die gemeenten en provincies hebben aangedragen. 

Openbaar vervoer

  • De overige 1,4 van de 1,9 miljard wordt versneld ingezet voor onderhoud en vervanging van het spoor. Tussen 2021 en 2023 komt ongeveer de helft van het extra budget beschikbaar. Hiermee worden onder meer het spoor rond Schiphol, goederenrangeerterrein Kijfhoek en de havenspoorlijn van Rotterdam aangepakt.
  • Naast het versnelde onderhoud van het spoor worden de vervoerders ondersteund bij tegenvallende inkomsten door de coronacrisis. Er wordt verwacht dat het aantal reizigers in het openbaar vervoer achterblijft als gevolg van het advies om thuis te werken en (hoger) onderwijs op afstand te volgen. Het ministerie trekt 740 miljoen uit voor een beschikbaarheidsvergoeding OV in de periode tot 1 juli 2021.

Voortgang Deltafonds

  • In het Deltafonds is circa €18,6 miljard beschikbaar in de periode 2021-2034. Jaarlijks komt dat neer op gemiddeld €1,3 miljard . 
  • Het herijkte Deltaprogramma 2021 laat zien dat de uitvoering van de doelstellingen voor waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid en ruimtelijke adaptatie in 2050 moet versnellen.
  • Er is 200 miljoen beschikbaar gesteld voor aanpassingen om met de gevolgen van extreem weer om te gaan, zoals piekbuien, droogte en wateroverlast. Dit betreft een cofinanciering met gemeenten, waterschappen en provincies. 
  • Bovendien heeft de minister de intentie om 100 miljoen extra beschikbaar te stellen voor zoetwatermaatregelen in de periode 2022-2027. 

Duurzaamheid

  • De energiebelasting op walstroom voor de binnenvaart wordt afgeschaft. Walstroom is een milieuvriendelijke variant in vergelijking met (diesel)aggregaten die nu nog vaak gebruikt worden door de binnenvaart.
  • Daarnaast kunnen bouwers in 2021 subsidie aanvragen om ervaring op te doen met schone machines.

Circulaire economie

  • Het kabinet heeft als doel gesteld dat Nederland in 2050 een volledig circulaire economie is: een economie zonder afval, die draait op herbruikbare grondstoffen. Zij zetten daarom in op 50% minder verbruik van primaire grondstoffen in 2030. 
  • Om deze reden wordt 40 miljoen als aanvullende middelen aangewend voor het versnellen en opschalen van de circulaire economie.
  • Daarnaast wordt kennisontwikkeling en innovatie gestimuleerd, een investeringsfonds opgezet en worden ondernemers geholpen met het ombouwen van bestaande businessmodellen naar circulaire businessmodellen. 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Fons Kop

Fons Kop

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 74 74

E-mailadres

Ministerie van Buitenlandse Zaken

In de begroting voor 2021, is € 14,0 miljard voor het ministerie van Buitenlandse Zaken begroot. Dit is meer dan in de begroting van 2020, waar € 13,1 miljard voor BZ werd opgenomen. Hiervan is € 11,4 miljard voor Buitenlandse Zaken en € 3,04 miljard voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Van het aandeel Buitenlandse Zaken, wordt ruim € 11 miljard opzij gezet voor effectieve Europese samenwerking. Dit is een duidelijke prioriteit voor BZ.

Ministerie van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

De begrote uitgaven van het Ministerie van BHOS zijn onderverdeeld in vijf beleidsartikelen. De doelstelling voor ‘Duurzame economische ontwikkeling, handel en investeringen’ (€ 513 miljoen) is duurzaam handels- en investeringssysteem inclusief Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO), versterking van de Nederlandse handels- en investeringspositie en aan versterking van de private sector en arbeidsmarkt in ontwikkelingslanden. De rollen die Nederland hier uitvoert zijn financieren, stimuleren, regisseren en uitvoeren. In 2021 gaat Invest International, de internationale tak van Invest-NL, van start. In de tweede groep van uitgaven (Duurzame ontwikkeling, voedselzekerheid, water en klimaat, € 735 miljoen) is veel aandacht voor de COVID-19 pandemie. In 2021 staan investeringen in weerbaarheid van voedselsystemen hoog op de agenda. Tevens wordt veel aandacht gegeven aan verbeterde water, sanitatie en hygiëne voorzieningen (WASH). Als laatste, belangrijk punt wordt de urgentie van klimaatinzet genoemd. Onder sociale vooruitgang wordt menselijke ontplooiing en het bevorderen van sociale gelijkheid en inclusieve ontwikkeling benoemd. In 2021 starten nieuwe strategische partnerschappen die voortkomen uit Power of Voices en het SDG5 Fonds. Hier is € 744 miljoen voor begroot. Ongeveer € 750 miljoen gaat naar Vrede, veiligheid en duurzame ontwikkeling. Er zijn maatregelen aangekondigd om de kwaliteit van ontwikkelingssamenwerkingsprogramma's te verbeteren.Deze maatregelen betreffen het tegengaan van fragmentatie, meer focus op het opschalen van succesvolle activiteiten, meer context- en land-specifiek werken, versterking van de capaciteit voor monitoring, evaluatie en leren en een scherpere afweging van de best passende financieringsmodaliteit. Met multilaterale samenwerking en overige inzet (€ 322 miljoen) wordt onder andere de inzet van cultuur en sport in ontwikkelingslanden bedoeld, om een sociale en kansrijke samenleving te stimuleren en het bevorderen van maatschappelijke betrokkenheid in Nederland. Ministers van BZ, OCW, BHOS hebben voor de periode 2021-2024 opnieuw een geïntegreerd internationaal cultuurbeleid afgesproken. Hierin staan de SDG’s nog meer centraal dan in de vorige beleidsperiode (2017-2020).

Ministerie van Buitenlandse Zaken

De begrotingsstaat van het ministerie van Buitenlandse Zaken bedraagt ruim 11 miljard en richt zich op vier beleidsartikelen, namelijk versterkte internationale rechtsorde, veiligheid en stabiliteit, effectieve Europese samenwerking en Consulaire dienstverlening en uitdragen Nederlandse waarden.

Versterkte internationale rechtsorde

Er wordt ingezet op het bevorderen van een goed functionerende internationale rechtsorde inclusief gastlandbeleid, met een blijvende inzet op mensenrechten, als integraal onderdeel van het buitenlandbeleid. De positie van Nederland als gastland voor Internationale Organisaties (IO’s) en diplomatieke missies, in het bijzonder organisaties met een mandaat op het gebied van vrede en recht, biedt een goed uitgangspunt voor de bevordering van de ontwikkeling van internationale rechtsorde. De bevordering van mensenrechten is een kernelement van het Nederlands buitenlandbeleid. Ongeveer € 105 miljoen gaat naar dit thema. De regering zet zich concreet in voor de volgende prioritaire thema’s:

  • Vrijheid van meningsuiting (off- en online)
  • De vrijheid van religie en levensovertuiging
  • Gelijke rechten voor vrouwen en meisjes
  • Mensenrechtenverdedigers
  • Gelijke rechten voor lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen, transgender en interseksen personen
  • De internationale rechtsorde/strijd tegen straffeloosheid.

Veiligheid & stabiliteit

Nederland zet zich in op het bevorderen van de Nederlandse en internationale veiligheid en stabiliteit door doelgerichte bilaterale en multilaterale samenwerking en het bevorderen van democratische transitie in prioritaire gebieden, vooral in de ring rond Europa. De basis voor de inzet van het kabinet op internationaal veiligheidsbeleid ligt besloten in de Geïntegreerde Buitenland- en Veiligheidsstrategie (GBVS). De GBVS aanpak beschrijft drie pijlers: onveiligheid voorkomen waar mogelijk, verdedigen tegen urgente dreigingen waar noodzakelijk en het versterken van ons veiligheidsfundament. Om de daarbij benoemde dertien doelen te behalen is de samenhangende inzet nodig van defensie, diplomatie, economie, ontwikkelingssamenwerking, politie, inlichtingendiensten en justitie. Dit onderwerp strekt zich dus uit naar andere begrotingen, zoals Defensie, Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking, Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Economische Zaken en Klimaat. Ongeveer € 270 miljoen gaat naar dit thema.

Consulaire dienstverlening en uitdragen Nederlandse waarden

Dit thema richt zich op het verlenen van excellente consulaire diensten aan Nederlanders in nood in het buitenland, evenals het verstrekken van reisdocumenten aan Nederlanders in het buitenland. Daarnaast levert het Kabinet een bijdrage aan een gereguleerd personenverkeer door de Nederlandse inbreng in het Europese visumbeleid en is verantwoordelijk voor de visumverlening kort verblijf.

Daarnaast richt Nederland zich op het versterken van de Nederlandse cultuursector door internationale uitwisseling en presentatie; verbindingen leggen met economische diplomatie en andere prioriteiten van geïntegreerd buitenlandbeleid, zoals het mensenrechtenbeleid en veiligheidsbeleid. Ongeveer €51 miljoen gaat naar dit thema.

Effectieve Europese Samenwerking

In algemene zin streeft het kabinet naar een effectieve Europese samenwerking om de Europese Unie en haar lidstaten zo vreedzaam, welvarend en sterk mogelijk de toekomst in te loodsen. Het kabinet beschouwt Europa als essentieel voor de welvaart, vrijheid en veiligheid van Nederland. Een actieve opstelling van Nederland in het Europese besluitvormingsproces en in de bilaterale relaties met Europese partners is dan ook in het directe belang van Nederlandse burgers en bedrijven. Door consequent en constructief optreden kan Nederland zijn invloed binnen de Europese Unie vergroten. Zo kan Nederland mede vormgeven aan ontwikkelingen in Europa die direct van invloed zijn op onze economische, sociale en politieke toekomst. Nederland zet zich specifiek in voor effectief extern beleid, inclusief een versterkt gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid. De Staat van de Unie bevat de geïntegreerde visie van de regering op de Europese samenwerking en de rol van Nederland daarbij. Ongeveer €10 miljard gaat naar dit thema.

Meerjarig Financieel Kader (MFK)
Op 21 juli 2020 hebben de EU-lidstaten overeenstemming bereikt over het nieuwe Meerjarig Financieel Kader (MFK, 2021-2027). Het Cohesiebeleid en het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) dalen in reële termen maar blijven de grootste uitgavencategorieën. In lijn met de Nederlandse inzet om tot een gemoderniseerde EU-begroting te komen wordt het MFK gemoderniseerd, met meer nadruk op terreinen zoals onderzoek en innovatie, klimaat, migratie en veiligheid.

Europese Vredesfaciliteit
Tegelijkertijd met de start van het nieuwe Meerjarige Financiële Kader zal ook de Europese Vredesfaciliteit (EVF) opgezet worden. Dit is een nieuw instrument voor de financiering van de gemeenschappelijke kosten van EU-missies en operaties, EU-bijdragen aan vredesoperaties en militaire capaciteitsopbouw in derde landen. De faciliteit dient ter versterking van het EU extern optreden en, conform de Nederlandse inzet, een bijdrage te leveren aan een meer geïntegreerde benadering van conflicten en crises binnen het EU-buitenlandbeleid.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Anton Koonstra

Anton Koonstra

Partner, Industry Leader Consulting Public Sector, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 33 03

E-mailadres

Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Op Prinsjesdag is de begroting voor 2021 gepresenteerd, waarin ruim € 6,5 miljard voor het ministerie van EZK is begroot. Dit is hoger dan in de begroting van 2020, waar € 5,7 miljard voor EZK werd opgenomen.

Nationaal Groeifonds voor toekomstige welvaart

Het kabinet trekt de komende vijf jaar in totaal 20 miljard euro uit voor investeringen die bijdragen aan het behouden en vergroten van de welvaart en zal worden besteed aan kennisontwikkeling, fysieke infrastructuur en onderzoek, ontwikkeling & innovatie. Dit is nodig om de welvaart de komende 20 tot 30 jaar te behouden en te vergroten. Investeren door bedrijven die leidend zijn op het gebied van innovatie, verduurzaming en digitalisering is van belang om Nederland als koploper op deze thema’s te behouden. Ook is Nederland is door de aanwezigheid van mondiale spelers internationaal een serieuze gesprekspartner op deze gebieden.

Investeringen in groeibedrijven, innovatie en banen

  • 150 miljoen beschikbaar via nationaal scale-upfonds om startups en scale-ups te ondersteunen;
  • 150 miljoen naar de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen om innovatieve mkb-bedrijven te ondersteunen;
  • 157 miljoen extra beschikbaar voor de innovatieregeling WBSO waarmee vooral startups en mkb-bedrijven meer onderzoek en ontwikkeling kunnen doen;
  • 38 miljoen voor mkb-werkgevers voor omscholing personeel;
  • 300 miljoen reservering voor beoogd fonds om (middel)grote bedrijven gezond te houden;
  • 225 miljoen vrijgemaakt voor cofinanciering van EU-programma’s gericht op regionale ontwikkeling, innovatie, duurzaamheid en digitalisering.

Sleuteltechnologieën voor maatschappelijke en economische kansen

Technologieën zoals kunstmatige intelligentie, kwantum-en nanotechnologie kunnen bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke problemen, zoals duurzamer produceren, een betere digitale veiligheid en meer gezonde levensjaren. Om hier een impuls aan te geven investeert het Kabinet vanaf 2021 structureel 10 miljoen per jaar in deze technologieën en komende jaren 23,5 miljoen voor onderzoek en ontwikkeling van AI.

Uitvoering Klimaatakkoord gaat door

Het doel is om de uitstoot van broeikasgassen te reduceren met 49% in 2030 (t.o.v. 1990) op een manier die voor iedereen haalbaar en betaalbaar is.

  • Met de eerste verbrede Stimuleringsregeling Duurzame Energieproductie (SDE++) die eind dit jaar opengaat komen meer CO2-reducerende technieken in aanmerking voor subsidie.
  • Komend jaar wordt de CO2-heffing voor bedrijven in de industrie ingevoerd.
  • 60 miljoen voor duurzame innovaties in de industrie voor onder andere pilotprojecten om nieuwe CO2-reducerende technologieën te testen of versneld in te zetten, de opschaling van duurzame waterstof te stimuleren en het testen van methodes voor het opslaan, hergebruiken of transporteren van CO2 (CCUS).

Wetsvoorstel CO₂- heffing voor de industrie

Het kabinet kondigt aan dat in 2021 een nationale CO₂-heffing wordt geïntroduceerd voor industriële productie en afvalverbranding. Deze heffing wordt naast het bestaande systeem voor CO₂-beprijzing op het niveau van de EU (EU-ETS) geïntroduceerd. De subsidieregeling indirecte emissiekosten ETS loopt dit jaar af. Bedrijven krijgen een (op termijn afnemende) vrijstelling over een deel van de uitstoot (dispensatierechten), zodat zij in staat zijn de bedrijfsvoering aan te passen op minder CO₂-uitstoot. Er zijn mogelijkheden om een overschot aan dispensatierechten aan te wenden voor verrekening en overdracht. Meer over de Nederlandse CO₂-heffing industrie en de op 15 september 2020 gepubliceerde PwC speelveldtoets is terug te vinden in ons bericht ‘Wetsvoorstel CO2-heffing voor de industrie’.

Wet vliegbelasting

In het regeerakkoord is opgenomen dat er per 2021 een nationale vliegbelasting wordt ingevoerd, indien de Europese route onvoldoende (of onvoldoende snel) oplevert. De regering heeft de mogelijkheid de wet op 1 januari 2021 of later in werking te laten treden. Voor passagiersvluchten vanuit Nederland wordt een heffing van 7 euro per vertrekkende passagier voorgesteld. Vanwege de hub-functie van Schiphol, wordt voorgesteld transferpassagiers niet in de heffing te betrekken. Voor vrachtvluchten wordt geheven bij het vertrek van het vrachtvliegtuig vanaf een in Nederland gelegen luchthaven. Beloofd was een onderzoek te laten doen van de effecten van een vliegbelasting voor de luchtvrachtsector. Dit onderzoek is op Prinsjesdag gepubliceerd.

Baangerelateerde investeringskorting (BIK)

Het kabinet kondigt aan dat bij Nota van Wijziging bij het Belastingplan nog een Baangerelateerde Investeringskorting (BIK) wordt voorgesteld. De BIK laat ondernemers een percentage van gedane investeringen in mindering brengen op de loonheffing. Het gaat om een crisismaatregel per 2021. Na afloop van de BIK maakt het kabinet nog steeds geld vrij voor een nader te bepalen maatregel met hetzelfde doel (het verlagen van werkgeverskosten).

Gerichte vrijstelling voor scholingskosten

De gerichte vrijstelling voor het volgen van een opleiding of studie gericht op het verwerven van inkomen, wordt uitgebreid voor situaties waarin de vergoeding of verstrekking van de opleiding geldt als loon uit vroegere arbeid. Door deze verruiming kunnen bijvoorbeeld vergoedingen van scholingskosten als onderdeel van een sociaal plan en nog niet tijdens de dienstbetrekking opgenomen scholingsbudgetten ook onder de gerichte vrijstelling vallen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Richard Goldstein

Richard Goldstein

PS Industry Leader en Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 50 48

E-mailadres

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

In de begroting voor 2021, is € 97,8 miljard begroot voor het Ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid. Vorig jaar was dit € 85,8 miljard. Het kabinet richt zich het komende jaar op het behouden van werkgelegenheid.

Het behouden van werkgelegenheid

De impact van het coronavirus op de economie houdt aan en zal ook komend jaar bepalend zijn voor de arbeidsmarkt. Naar verwachting zal de economie zich voor een gedeelte herstellen, maar de werkloosheid zal dit jaar verder oplopen. Het behouden van werkgelegenheid staat voor dit kabinet dan ook voorop. Ook zal het kabinet mensen en bedrijven ondersteunen bij de omschakeling naar de veranderde economie. Daarnaast is er meer aandacht voor de mensen die bovenmatig worden getroffen door deze veranderingen, zoals jongeren en mensen met een arbeidsbeperking. Dit jaar heeft het kabinet twee noodpakketten gepresenteerd. In oktober gaat het steun- en herstelpakket van start. Daarmee probeert het kabinet banen en inkomens te beschermen.

Herstellen van de arbeidsmarkt

Voordat de coronacrisis uitbrak stonden we er relatief goed voor op de arbeidsmarkt. Dit was het resultaat van de afgelopen jaren waarin het kabinet veel aandacht heeft besteed aan hervormingen van de arbeidsmarkt en sociale zekerheid. Het kabinet gaat komend jaar door op die ingeslagen weg. Zo worden de afspraken rondom het pensioenakkoord momenteel uitgewerkt tot concrete voorstellen voor wet- en regelgeving, wat ervoor zorgt dat Nederland uiterlijk in 2026 over kan gaan op een moderner en persoonlijker pensioenstelsel. Ook het inburgeringsstelsel gaat op de schop. Vanaf 1 juli 2021 kunnen nieuwkomers sneller aan het werk en de Nederlandse taal leren. Gemeenten krijgen daarbij een belangrijke rol. Daarnaast hoopt het kabinet dit najaar te komen met een reactie op de voorstellen van de Commissie Regulering van werk, die op verzoek van het kabinet voorstellen heeft gedaan voor een toekomstbestendige arbeidsmarkt. De situatie op de arbeidsmarkt als gevolg van het coronavirus onderstreept deze analyse. Het wetsvoorstel Breed Offensief, moet het gemakkelijker gaan maken voor mensen met een arbeidsbeperking om aan het werk te komen. Het doel is iedereen naar vermogen te laten meedoen, onder andere door het voor werkgevers eenvoudiger te maken mensen met een arbeidsbeperking aan te nemen. Om de vele mensen die door de coronacrisis acuut in financiële problemen zijn gekomen te helpen, wordt de aanpak van armoede en schulden geïntensiveerd en versneld. Er komt een fonds waarmee mensen sneller geholpen kunnen worden met het aflossen van hun schulden. Ook wijzigt de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening met ingang van 2021, krijgen gemeenten de wettelijke grondslag om vroegtijdig schulden te signaleren en een hulpaanbod te doen. Tot slot wordt er gewerkt aan een reactie op het rapport van de commissie Heerts over de schadeafhandeling bij beroepsziekten door blootstelling aan gevaarlijke stoffen.

Wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen

In de aanloop naar Prinsjesdag is het Wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen gepubliceerd. Het wetsvoorstel regelt drie afzonderlijke maatregelen. Het wordt per 2022 mogelijk maximaal 10 procent van het pensioenvermogen op de pensioeningangsdatum te laten uitkeren. Daarnaast wordt de RVU-heffing voor regelingen voor vervroegd uittreden versoepeld van 2021 tot en met 2025. Ten slotte worden de mogelijkheden tot fiscaal verlofsparen vanaf 2021 uitgebreid. Lees hier meer over de maatregelen uit dit wetsvoorstel.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Bastiaan Starink

Bastiaan Starink

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)65 375 58 28

E-mailadres

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Het kabinet investeert opnieuw extra in onderwijs en cultuur. In de begroting is er € 40 miljard opgenomen voor het Ministerie van OCW. Dat is een stijging t.o.v. 2020 toen er € 39,1 miljard op de begroting stond.

Onderzoek coronavirus

Het kabinet heeft voor corona-gerelateerd onderzoek eind maart 2020 extra middelen ter beschikking gesteld voor acute onderzoeksvragen gerelateerd aan COVID-19. Voor nationaal onderzoek naar COVID-19 is vanuit het kabinet in totaal € 47,5 miljoen beschikbaar gesteld, via de Ministeries van VWS, OCW en EZK.

Ondersteuning culturele en creatieve sector

  • De uitbraak van Covid-19 heeft grote gevolgen gehad voor de culturele sector. Vele theaters, concertzalen, musea en bioscopen zijn dichtgegaan tijdens de intelligente lockdown.
  • De Minister van OCW kondigde op 15 april aan dat het kabinet € 300 miljoen extra ter beschikking stelt om de culturele en creatieve sector door de financieel zware eerste maanden heen te helpen en in staat te stellen om te investeren voor het volgende seizoen.
  • Het kabinet heeft daarnaast besloten tot een steunpakket voor de culturele sector. Dit steunpakket is aanvullend op de generieke maatregelen, het eerdere aanvullende cultuurpakket van € 300 miljoen en de € 60 miljoen voor de schade van gemeenten in verband met de lokale culturele infrastructuur. Het kabinet stelt nu € 264 miljoen extra beschikbaar voor onder meer de verlenging van het aanvullende cultuurpakket in de eerste helft van 2021, waarmee ook wordt ingezet op innovatie en nieuwe vormen van publieksbereik.

Tegemoetkoming studenten mbo en hbo/ inhaalprogramma’s

  • Een nog onbekende groep studenten zal studievertraging oplopen als gevolg van de uitbraak van COVID-19. Het kabinet heeft besloten om studenten die in de afrondende fase van hun studie zitten deels te compenseren voor de financiële gevolgen van de uitbraak van COVID-19.
  • Het gaat hier om ondersteuning in de kosten voor levensonderhoud door de overheid aan studenten in het mbo en ho. De totale kosten van deze eenmalige tegemoetkoming voor studenten in mbo en hbo bedragen € 200 miljoen.
  • Om leerachterstanden in te halen is eenmalig € 244 miljoen aan extra middelen gereserveerd. Met deze middelen kunnen aanbieders van onderwijs leerlingen en studenten ondersteunen bij het inhalen van leerachterstanden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Anton Koonstra

Anton Koonstra

Partner, Industry Leader Consulting Public Sector, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 33 03

E-mailadres

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Op Prinsjesdag is de begroting voor 2021 gepresenteerd, waarin ruim € 1,8 miljard voor het ministerie van LNV is begroot. Dit is hoger dan in de begroting van 2020, waar € 1,4 miljard voor LNV werd opgenomen.

Sterke positie boer

De omslag naar toekomstbestendige landbouw staat of valt met het gegeven dat de boer een eerlijke en redelijke prijs krijgt voor het voedsel dat hij of zij produceert. In het najaar van 2020 stuurt het ministerie van LNV een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer om oneerlijke handelspraktijken te verbieden. Daarnaast presenteert de Autoriteit Consument & Markt (ACM) een monitor die inzichtelijk maakt hoe de prijsvorming van een aantal producten zich in de voedselketen ontwikkelt en wat eventuele knelpunten zijn, bijvoorbeeld daar waar het gaat om het (niet) belonen van boeren die zich inspannen voor duurzaamheid. In 2021 start een commissie waar boeren terecht kunnen voor laagdrempelige geschilbeslechting.

Structurele stikstofaanpak

Het kabinet werkt het komende jaar verder aan de opgave om de stikstofneerslag te verminderen en de natuur te herstellen en te versterken.

  • Het Rijk investeert de komende jaren in totaal meer dan 2 miljard euro in efficiënte bronmaatregelen in sectoren als de landbouw (meer weidegang, betere stallen, beter voer), industrie, mobiliteit en de bouw.
  • Voor de landbouw komen er volgend jaar financiële regelingen en subsidies voor boeren die willen omschakelen naar meer duurzame (kringloop)landbouw en boeren die willen stoppen.
  • Doel is dat in 2030 minimaal de helft van de stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden een gezond stikstofniveau heeft en daarmee onder de zogenoemde kritische depositiewaarde komt.
  • Streven is de structurele aanpak stikstof begin 2021 wettelijk te verankeren.

Nationale Eiwitstrategie

Eind 2020 presenteert LNV de Nationale Eiwitstrategie met als doel om eiwitrijke gewassen voor vee ook in Nederland en Europa te kunnen telen. Daarnaast zet LNV in op het verkrijgen van eiwit uit reststromen van verschillende bronnen zoals bietenblad, bierbostel, keukenafval en meer. Ook de ontwikkeling van alternatieve eiwitbronnen voor menselijke consumptie is onderdeel van de Nationale Eiwitstrategie. Voorbeelden van lopende projecten zijn o.a. hoe je eiwitten kan winnen uit zeewier en mogelijkheden om plantaardige eiwitten te gebruiken als vleesvervanger.

Versterken natuur

  • Voor het versterken en herstellen van natuur komt vanaf 2021 tot en met 2030 substantieel extra geld beschikbaar, oplopend tot jaarlijks 300 miljoen euro. Rijk en provincies geven met deze middelen uitvoering aan het gezamenlijke programma Natuur.
  • Daarnaast wordt uit de Begrotingsreserve Stikstof 125 miljoen euro ingezet voor natuurherstelprojecten in natuurgebieden, zoals hydrologische maatregelen en het verwerven van ‘sleutelhectares’ om de robuustheid van natuurgebieden te vergroten.

Duurzame Europese Landbouw

Bij de uitwerking van de Europese programma’s van de Green Deal spant Nederland zich in voor helder en structureel beleid omtrent onder meer gewasbescherming, bodemgebruik en veredelingstechnieken, in lijn met onze nationale plannen. Daarmee versterken we de internationale uitgangspositie voor duurzaam ondernemende boeren in Nederland. Naar verwachting treedt het nieuwe Europees Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) op 1 januari 2023 in werking.

  • De inzet van het kabinet is om het nieuwe GLB meer ondersteunend te maken aan innovatieve landbouw, die bijdraagt aan klimaatdoelstellingen, biodiversiteit en natuur- en landschapsbeheer.
  • Nederland streeft in het nieuwe GLB naar een verschuiving van middelen voor inkomensondersteuning naar doelgerichte betalingen voor boeren die bijvoorbeeld bijdragen aan herstel van de biodiversiteit en reductie van emissies.
  • De Nederlandse invulling van het GLB krijgt in 2021 vorm in het Nationaal Strategisch Plan dat elke EU-lidstaat moet opstellen.

Met de uitvoering van het Noordzeeakkoord en de kottervisie werkt LNV – samen met visserijorganisaties – aan een transitie naar betere verdienmodellen voor een kleinere en meer duurzame visserijvloot.

Verduurzaming veehouderij en dierenwelzijn

  • Ondersteuning bij de uitvoering van de afspraken die vijf dierlijke sectoren (melkvee, varkens, pluimvee, kalveren en geiten) met elkaar hebben gemaakt over verduurzaming. Dit gebeurt met subsidies, het wegnemen van juridische belemmeringen en afspraken over het vergroten van de afzetmarkt voor duurzame producten.
  • Vanuit Europa (Farm-to-Fork) wordt gewerkt aan nieuwe normen voor dierenwelzijn en diertransporten. Samen met de NVWA, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties onderzoekt LNV wat kwetsbaarheden in slachthuizen zijn, waar de afgelopen jaren meerdere incidenten speelden, en welke maatregelen nodig zijn voor betere borging van dierenwelzijn, voedselveiligheid en goed toezicht. LNV kijkt hierbij in het bijzonder naar verlaging van de toegestane slachtsnelheid.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Richard Goldstein

Richard Goldstein

PS Industry Leader en Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 50 48

E-mailadres

Volg ons

Contact

Richard Goldstein

Richard Goldstein

PS Industry Leader en Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 50 48

Hide