Skip to content Skip to footer
Search

Loading Results

‘Meer belasting betaald dan inkomsten behaald? Dan krijgt u geld terug’

Als uw box 3 inkomsten vrijwel volledig opgaan aan belastingen, dan moet u belasting terugkrijgen. Daarnaast is de Nederlandse vermogensrendementsheffing niet houdbaar en als deze op korte termijn niet wordt aangepast dan zou de Hoge Raad moeten ingrijpen. Dat is het recente advies van Advocaat-Generaal Niessen aan de Hoge Raad.

Het ministerie van Financiën heeft in een eerste reactie aangegeven het advies van de Advocaat-Generaal (A-G) niet te delen. De wetgever heeft een ruime beoordelingsmarge bij het vormgeven van wetgeving en het ministerie is van mening dat de wetgever die marge niet heeft overschreden bij de huidige vermogensrendementsheffing.

Wat betekent dit voor u?

Indien u in de afgelopen jaren minder dan 1,2 procent rendement heeft behaald op uw vermogen en dus meer belasting heeft betaald dan u met dit vermogen heeft verdiend, dan raden wij u aan de belasting terug te vragen door bezwaar te maken bij de Belastingdienst. Afhankelijk van het uiteindelijke oordeel van de Hoge Raad kan uw bezwaar worden gehonoreerd.

Deze uitspraak is ook van belang voor buitenlands belastingplichtigen met een vakantiewoning in Nederland. Buitenlands belastingplichtigen met een vakantiewoning in Nederland betalen ook Nederlandse vermogensrendementsheffing van 1,2 procent over de waarde van de vakantiewoning. Het werkelijk behaalde rendement is in veel gevallen echter lager. Indien u de Nederlandse vakantiewoning niet verhuurt, kan worden aangesloten bij het eigenwoningforfait om het rendement te berekenen. Op basis daarvan wordt een percentage van de WOZ waarde van de woning als voordeel in aanmerking genomen. Voor vakantiewoningen tot ca. een miljoen is het percentage maximaal 0,75 procent. Aangezien dat percentage lager is dan de effectieve box 3 heffing van 1,2 procent zou dit in lijn met de conclusie van de A-G direct een recht op teruggaaf van belasting betekenen.

Indien één van deze situaties op u van toepassing is, dan raden wij u dus aan om bezwaar te maken tegen uw belastingaanslag(en).

Ontwikkelingen box 3

Het advies van de A-G is een nieuwe ontwikkeling op het gebied van box 3. Vorig jaar informeerden wij u al over de uitspraak van de Hoge Raad: “Box 3 heffing moet worden aangepast” en de daarop volgende massaal bezwaar procedure: “Box 3-heffing op spaartegoed: vanaf 26 juni 2015 maakt u automatisch bezwaar”. Per 1 januari 2017 wijzigt de box 3-heffing waarbij het percentage van 4 procent wordt aangepast. Daarnaast heeft het kabinet aangegeven uiteindelijk over te willen gaan naar heffing over werkelijk rendement.

In het laatste voorstel komt het kabinet tegemoet aan de conclusie van de A-G dat de Nederlandse vermogensrendementsheffing niet houdbaar is. Het is naar mening van de A-G wel van belang dat dit op niet al te lange termijn wordt opgevolgd, anders moet de Hoge Raad ingrijpen.

Volgend op het advies van de A-G zal de Hoge Raad over enige tijd uitspraak doen.

 

Kritiek huidige wetgeving

Het bezwaar van de A-G tegen de box 3 heffing ziet met name op twee punten.

Ten eerste kan de box 3 heffing willekeurig uitwerken. De rendementen van individuele belastingplichtigen kunnen onderling sterk afwijken waardoor mensen met eenzelfde vermogen steeds hetzelfde bedrag aan belasting moeten betalen, terwijl zij mogelijk zeer verschillende inkomens hebben.

Ten tweede, als de heffing wordt beoordeeld als een netto-vermogensbelasting (in plaats van een vermogensrendementsheffing) dan kan deze uitwerken als inbeslagname van inkomsten in plaats van een eerlijke belasting van inkomsten. Dit is het geval als het rendement op vermogen minder dan 1,2 procent is. In deze gevallen is de effectieve belastingdruk over de werkelijke inkomsten uit het vermogen (meer dan) 100 procent. In dat geval wordt een belastingplichtige gedwongen om in te teren op diens vermogen.

Met deze twee punten, in samenhang met de actuele kennis over de onvoorspelbaarheid van macro-economische ontwikkelingen, komt de A-G tot de conclusie dat de vermogensrendementsheffing een ongeoorloofde inbreuk is op het recht op ongestoord genot van eigendom (artikel 1 Eerste Protocol EVRM).

Volgens de A-G is het niet gepast voor de rechter om direct in te grijpen, omdat daarbij rechtspolitieke keuzes moeten worden gemaakt. Een rechter houdt zich buiten het politieke speelveld. Wel kan de Hoge Raad in deze zaak aankondigen in de toekomst te zullen ingrijpen.

Zoals hierboven ook aangegeven, kan in individuele gevallen volgens de A-G wel direct worden ingegrepen, namelijk wanneer de heffing hoger is dan de netto-inkomsten en waardevermeerdering van het vermogen.

Contact

Renate de Lange-Snijders

Renate de Lange-Snijders

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)62 248 81 40

Jan Nieuwenhuizen

Jan Nieuwenhuizen

Senior Manager, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)63 009 60 77

Volg ons