Fiscale behandeling bestuurdersbeloningen wijzigt

19/07/22

De Wijziging van het Besluit voorkoming dubbele belasting is geen onderdeel van het Belastingplan 2023, maar heeft wel effect per 1 januari 2023.

Vanaf deze datum vervalt de goedkeuring om internationale dubbele belasting over bestuurders- en commissarisbeloningen te voorkomen door middel van de vrijstellingsmethode in plaats van de verrekeningsmethode. De goedkeuring uit 2008 kon onder voorwaarden worden toegepast op het moment dat op basis van een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting de verrekeningsmethode van toepassing zou zijn. Bij de verrekeningsmethode mag slechts de in het buitenland feitelijk betaalde inkomstenbelasting in aftrek worden gebracht op de Nederlandse inkomstenbelasting. Het feit dat het inkomen niet meer wordt vrijgesteld, kan voor veel in Nederland wonende directeuren/bestuurders en commissarissen van buitenlandse vennootschappen leiden tot een hogere belastingdruk op hun inkomen.

Achtergrond

Indien u werkzaam bent in het buitenland past Nederland voor de voorkoming van dubbele belastingheffing over uw buitenlandse inkomen de vrijstellingsmethode dan wel de verrekeningsmethode toe. Het maakt daarbij uit of u de inkomsten hebt verdiend in het kader van uw dienstbetrekking (als werknemer) of dat u een bestuurdersbeloning verkrijgt (als bestuurder of commissaris). Voor looninkomsten van werknemers verleent Nederland in beginsel een vrijstelling van het inkomen, voorzover er fysiek in een ander land gewerkt is. Bij een bestuurdersbeloning ligt dit anders en is het voorkomen van dubbele belasting afhankelijk van het belastingverdrag. De meeste Nederlandse belastingverdragen schrijven een verrekeningsmethode voor ter voorkoming van dubbele belasting ter zake van bestuurders- en commissarisbeloningen. 

De verrekeningsmethode kan nadeliger uitpakken voor bestuurders- en commissarissen als de Nederlandse heffing hoger is dan de in het buitenland feitelijk betaalde inkomstenbelasting (zie ook hieronder “verschil vrijstellingsmethode en verrekeningsmethode”). Op basis van het besluit voorkoming dubbele belasting van 18 juli 2008 was echter goedgekeurd dat ter zake van bestuurders- en commissarisbeloningen de vrijstellingsmethode ook als methode ter voorkoming van dubbele belasting mocht worden toegepast. De voorwaarden daarvoor waren kort gezegd als volgt:

  • De bestuurdersbeloning moest feitelijk zijn onderworpen aan belastingheffing in het andere land; en 

  • In het andere land mocht er geen sprake zijn van een gunstiger regime voor dergelijke inkomsten dan voor een normale werknemersbeloning.

Indien voldaan was aan deze voorwaarden (wat ook moet kunnen worden aangetoond) kan een belastingplichtige op verzoek in de aangifte inkomstenbelasting alsnog gebruikmaken van de vrijstellingsmethode, zelfs als op basis van het bilaterale belastingverdrag Nederland slechts een verrekening van de belasting over de buitenlandse inkomsten zou toestaan. 

In de Notitie Fiscaal Verdragsbeleid 2020 die op 29 mei 2020 aan de Tweede Kamer is aangeboden, werd reeds aangekondigd dat de goedkeuring met betrekking tot de toepassing van de vrijstellingsmethode voor bestuurders- en commissarisbeloningen zou vervallen. Die goedkeuring komt per 1 januari 2023 dus te vervallen.

Verschil vrijstellingsmethode en verrekeningsmethode 

De reden dat de vrijstellingsmethode vaak gunstiger uitwerkt dan de verrekeningsmethode is omdat Nederland bij de verrekeningsmethode slechts een aftrek op de Nederlandse inkomstenbelasting geeft voor de in het buitenland feitelijk betaalde inkomstenbelasting (tot maximaal de toerekenbare Nederlandse inkomstenbelasting). In het geval het Nederlands belastingtarief hoger is, dan is er een evident nadeel want Nederland zal de heffing ‘aanvullen’ tot het Nederlands niveau.

Nederland kan ook voorkoming van dubbele heffing over het buitenlandse inkomen verlenen op basis van de vrijstellingsmethode met progressievoorbehoud. De belastingplichtige rapporteert uiteraard het wereldinkomen in de aangifte inkomstenbelasting. Vervolgens geeft Nederland een evenredige vermindering van de inkomstenbelasting in de verhouding tussen de buitenlandse arbeidsinkomsten waarvoor recht op voorkoming van dubbele belasting bestaat en het totale (box 1) inkomen. De hoogte van de daadwerkelijk betaalde belasting in het buitenland is dan niet relevant. Indien dit lager is dan de vrijstelling die Nederland verleent, ontstaat er dus per saldo een voordeel voor de belastingplichtige ten opzichte van de verrekeningsmethode. 

Wat betekent dit voor u?

De aangekondigde wijziging kan voor veel in Nederland woonachtige bestuurders en commissarissen van buitenlandse vennootschappen tot een hogere belastingdruk op hun inkomen leiden. Uiteindelijk zal het afhangen van het toepasselijke bilaterale belastingverdrag of u vanaf  2023 steeds een vrijstelling verkrijgt of niet over uw buitenlandse bestuurdersbeloning. Daarom is het zaak om uw persoonlijke positie goed in kaart te brengen, vooral op basis van oudere belastingverdragen zal Nederland namelijk nog steeds een vrijstelling bieden voor het buitenlandse inkomen. Werkt u in een land waarmee Nederland heeft afgesproken enkel een verrekening te bieden voor de belasting over bestuurder- en commissarisbeloningen? Dan is het belangrijk om uit te zoeken of u voor uw aangifte inkomstenbelasting 2022 nog gebruik kan maken van de goedkeuring om de vrijstellingsmethode toe te passen. 

Contact

Daniël Sternfeld

Daniël Sternfeld

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)61 089 28 89

Maaike Sips

Maaike Sips

Senior Manager Knowledge Centre Tax, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)6 5375 55 65

Volg ons