Skip to content Skip to footer
Search

Loading Results

Particulier

Wat kunt u nu al doen om in 2022 fiscaal voordeel te behalen, en wat kunt u beter even uitstellen? Welke acties kunt u als particulier ondernemen en waar moet u rekening mee houden? 

Voor de meest actuele tips en aandachtspunten (gebaseerd op het pakket Belastingplan 2022), andere wetsvoorstellen en (tijdelijke) goedkeuringen in het kader van de coronacrisis), klik op deze link: 2022 in zicht - Actuele fiscale tips voor uzelf en uw organisatie.

De overige fiscale en juridische tips en aandachtspunten vindt u hierna. Onze selectie is gebaseerd op de huidige wetgeving en rechtspraak. 

De volgende thema’s komen aan de orde: werken, ondernemen, sparen en beleggen, schenken en erven, wonen, mobiliteit en administratie.

Klik op het tabje van uw keuze en ga direct naar het gewenste onderwerp.

Werken

Werken

Aandachtspunten

Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag (WML) 

Het bruto wettelijk minimumloon bedraagt per 1 januari 2022: 1.725,00 euro per maand, 398,10 euro per week en 79,62 euro per dag. 

Maximale transitievergoeding

De transitievergoeding (ontslagvergoeding) bedraagt 1/3 bruto maandsalaris per gewerkt dienstjaar, en naar rato voor het overige gedeelte van het dienstverband of als het dienstverband korter dan een jaar heeft geduurd. Dit betekent dat u als werknemer ook aanspraak hebt op een transitievergoeding als de arbeidsovereenkomst wordt opgezegd in de proeftijd. In 2021 is de hoogte van de transitievergoeding maximaal 84.000 euro bruto of één jaarsalaris bruto (als uw salaris hoger is dan 84.000 euro bruto). 

Betaald ouderschapsverlof vanaf augustus 2022

Werknemers hebben recht om tot het achtste levensjaar van het kind 26 weken onbetaald ouderschapsverlof op te nemen. Vanaf 2 augustus 2022 krijgen werknemers die ouderschapsverlof op willen nemen de eerste negen weken een uitkering van het UWV. Deze uitkering bedraagt 50 procent van het dagloon van de werknemer, gemaximeerd op 50 procent van het maximumdagloon (225,57 euro per dag). De werknemer heeft recht op de uitkering op het moment dat de negen weken ouderschapsverlof worden opgenomen in het eerste levensjaar van het kind. De werknemer moet minimaal twee maanden voor het ingaan van het verlof een schriftelijk verzoek indienen bij de werkgever. De werkgever mag het verzoek in principe niet weigeren. Omdat werknemers vanaf augustus 2022 recht hebben op betaald ouderschapsverlof, wordt verwacht dat meer werknemers hier gebruik van zullen maken.

Meer zekerheid, makkelijker werken voor andere werkgever, gratis verplichte studie

Per 1 augustus 2022 moet de Nederlandse overheid de Europese richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden hebben omgezet in nationale wetgeving. Hoewel de definitieve wetgeving niet vaststaat, volgt uit de richtlijn het volgende:

  • Uw werkgever is verplicht om u als werknemer van meer informatie te voorzien over de belangrijkste elementen van uw arbeidsrelatie, zoals de aard en plaats van de arbeid en de duur van een normale werkdag. Bent u flexwerker? Dan krijgt u van uw werkgever meer specifieke informatie over de dagen en uren waarop u mogelijk wordt opgeroepen.
  • Uw werkgever kan u niet verbieden om nevenwerkzaamheden uit te voeren bij een andere werkgever, tenzij uw werkgever een gegronde reden heeft.
  • Uw werkgever betaalt de voor uw functie verplichte studie.
Ondernemen

Ondernemen

Tips

Voorkom verliesverdamping in box 2

Hebt u vanaf 2019 een verlies in box 2 (een verlies uit aanmerkelijk belang)? Dan kunt u dit verlies zes jaar voorwaarts verrekenen met uw box 2-inkomsten. Hebt u vóór 2019 een verlies in box 2? Dan is verrekening van dit verlies met uw box 2-inkomsten nog steeds negen jaar voorwaarts mogelijk. Na die termijnen verdampen uw nog niet verrekende verliezen. Mogelijk kunt u verliesverdamping per 2022 voorkomen door in 2021 maatregelen te treffen. In sommige situaties kunt u voor box 2-verliezen een belastingkorting verkrijgen die u tot negen jaar na het ontstaan van het verlies kunt verrekenen met de belasting in box 1.

Keer nog dit jaar dividend uit uw VBI uit

Als u in 2021 geen dividend uit uw vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI) uitkeert, krijgt u voor de inkomstenbelasting te maken met een forfaitair rendement van maximaal 5,69 procent (2021) over de waarde in het economische verkeer van de VBI. Voor zover u wel dividend uitkeert, kunt u het forfaitaire rendement daarmee verrekenen. Over het forfaitaire rendement of het uitgekeerde dividend bent u 26,9 procent box 2-heffing verschuldigd. Als u een dividend uitkeert dat gelijk is aan het forfaitaire rendement, leidt dit niet tot een hogere box 2-heffing. Het uitgekeerde dividend verhoogt wel uw vermogensgrondslag voor box 3.

Keer zo mogelijk dividend in plaats van extra loon uit

De keuze voor een dividenduitkering is fiscaal aantrekkelijker dan uitbetaling van extra loon. Over extra loon wordt in 2021 maximaal 49,5 procent inkomstenbelasting geheven, terwijl over een dividenduitkering belasting wordt geheven van 37,9 procent tot 45,2 procent (gecombineerde heffing inkomsten- en vennootschapsbelasting). Let op dat een wijziging van de hoogte van uw loon gevolgen kan hebben voor uw pensioenopbouw. Houd er ook rekening mee dat de keuze voor dividend in plaats van extra loon niet volledig vrij is, maar wordt beperkt door de regels voor het gebruikelijk loon.

Stel aflossing door uw bv van belaste vordering uit tot na 1 januari 2022

Als u een vordering hebt op uw eigen bv die u wilt laten aflossen, stel dan de aflossing uit tot ná 1 januari 2022. U kunt dan een vol jaar box 3-heffing over het bedrag van de aflossing besparen.

Houd een urenadministratie bij

Als ondernemer of als zzp’er hebt u recht op verschillende fiscale aftrekposten, zoals de zelfstandigenaftrek. Daarvoor is vereist dat u ten minste 1.225 uren per jaar aan uw onderneming besteedt. Dat moet u kunnen aantonen met een urenadministratie. Door de coronacrisis kunt u in 2021 misschien niet aan het urencriterium voldoen. Om te voorkomen dat u daardoor geen gebruik (meer) mag maken van de aftrekposten, geldt er een goedkeuring voor de periode van 1 januari 2021 tot 1 juli 2021. U mag er in die periode van uitgaan dat u ten minste 24 uur per week aan uw onderneming hebt besteed. Ook als u dat niet werkelijk hebt gedaan.

Trek huurkosten zelfstandige werkruimte af

Als u beschikt over een zelfstandige werkruimte in uw huur- of koopwoning, kunt u onder omstandigheden de daarmee samenhangende kosten aftrekken van de belastbare winst of het belastbaar resultaat.

Vorm een herinvesteringsreserve voor een verkocht bedrijfsmiddel

Als u een bedrijfsmiddel hebt verkocht en daarbij een boekwinst hebt behaald, dan is het mogelijk om belastingheffing over de boekwinst uit te stellen door deze te reserveren in een herinvesteringsreserve. Voorwaarde is dat u het voornemen hebt en gedurende het aanhouden van de reserve houdt om het bedrijfsmiddel te vervangen. Een herinvesteringsreserve kunt u maximaal drie jaar in stand houden na het jaar waarin u het bedrijfsmiddel hebt verkocht. Investeert u vervolgens binnen deze termijn in een ander bedrijfsmiddel, dan boekt u de herinvesteringsreserve af op de aanschafprijs van het nieuwe bedrijfsmiddel. Investeert u niet binnen drie jaar in een nieuw bedrijfsmiddel, dan valt de herinvesteringsreserve aan het einde van het derde jaar in de winst, tenzij er sprake is van een bijzondere omstandigheid. Corona kan een bijzondere omstandigheid zijn die verlenging van de driejaarstermijn van de herinvesteringsreserve mogelijk maakt. Ook als u in privé bepaalde vermogensbestanddelen aan uw bv ter beschikking stelt, mag u als terbeschikkingsteller een herinvesteringsreserve vormen.

Laat uw herinvesteringsreserve niet verlopen

Een herinvesteringsreserve mag u maximaal drie jaar aanhouden. Laat dan ook de termijn voor in het verleden gevormde herinvesteringsreserves niet verlopen. Als u een herinvesteringsreserve in 2018 gevormd hebt, dan moet u nog vóór 31 december 2021 deze reserve benutten. Doet u dat niet, dan valt de herinvesteringsreserve vrij in de winst en bent u vervolgens belasting verschuldigd. Corona kan een bijzondere omstandigheid zijn die verlenging van de driejaarstermijn van de herinvesteringsreserve mogelijk maakt.

Aandachtspunten

Vermogen uit uw VBI halen

Als u van plan bent om vermogen uit uw VBI te halen, let er dan op dat dit vermogen langer dan achttien maanden in de VBI heeft gezeten. Zo niet, dan wordt dat vermogen namelijk voor die periode ook tot uw box 3-vermogen gerekend en als zodanig belast. Een uitzondering daarop is als u kunt aantonen dat u een zakelijke reden hebt om het vermogen al eerder uit uw VBI te halen.

Sparen en beleggen

Sparen en beleggen

Tips

Behaal voordeel door optimale verdeling box 3-vermogen tussen fiscale partners

Fiscale partners kunnen het gezamenlijke box 3-vermogen (na aftrek van het gezamenlijke heffingsvrije vermogen van 101.300 euro in 2022 en 100.000 euro in 2021) onderling aan elkaar toerekenen. Door gebruik te maken van deze mogelijkheid om vermogen aan elkaar toe te rekenen, kunt u een voordeel in box 3 behalen. U moet hierbij wel rekening houden met andere (fiscale) regelingen, waaronder de gevolgen voor de heffingskortingen. Het belastingtarief blijft 31 procent. Het heffingsvrije vermogen per persoon bedraagt vanaf 1 januari 2022 50.650 euro (in 2021: 50.000 euro). Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Tariefstructuur box 3 met de percentages voor 2021 en 2022

Schijf

Grondslag 2021

Grondslag 2022

Fictief 
rendement 
2021

Fictief 
rendement 
2022

Heffingsvrij vermogen

€ 0 -
€ 50.000

€ 0 -
€ 50.650

Vrijgesteld

Vrijgesteld

1

€ 50.000 -
€ 100.000

€ 50.650 -
€ 101.300

1,90%

 

1,82%

 

2

€ 100.000 - € 1.000.000

€ 101.300 - € 1.013.000

4,50%

 

4,37%

 

3

Vanaf 1.000.000

Vanaf 1.013.000

5,69%

 

5,53%

 

Maak een keuze tussen box 1 en box 3

Vanwege de huidige relatief lage hypotheekrente en de relatief hoog oplopende forfaitaire rendementen in box 3 kan het fiscaal aantrekkelijk zijn om uw eigenwoningschuld niet in box 1 maar in box 3 te doen vallen. Afhankelijk van de situatie kan dat bijvoorbeeld door de voorwaarden van de lening op een bepaalde manier aan te passen of door de lening tijdelijk af te lossen en vervolgens een nieuwe lening af te sluiten. Vanwege de afbouw van het tarief waartegen u de hypotheekrente in box 1 in aftrek kunt brengen - stapsgewijs van 43 procent (2021) naar 40 procent (2022) en uiteindelijk 37,03 procent (2024) - neemt het voordeel van deze herfinanciering in de toekomst toe. De gefaseerde afschaffing van de ‘aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld’ (de wet Hillen) draagt ook bij aan de toename van het voordeel in de toekomst. Wanneer uw hypotheekrenteaftrek lager is dan uw eigenwoningforfait, dan wordt het per saldo te betalen bedrag met 86,67 procent verminderd (in 2021 is dit 90 procent). Een en ander geldt ook wanneer u uw eigenwoninglening herfinanciert bij uw eigen bv, waarbij u meer mogelijkheden hebt in de vormgeving van de lening.

Voorbeeld
Het uitgangspunt in dit voorbeeld is dat uw box 3-vermogen in 2022 onder het hoogste forfaitaire rendement valt (5,53%) en dat u uw hypotheekrente tegen het maximale tarief in aftrek kunt brengen in box 1 (40%). In dit voorbeeld wordt geen rekening gehouden met het eigenwoningforfait.

Stel: de eigenwoningschuld bedraagt 500.000 euro en jaarlijkse hypotheekrente bedraagt 15.000 euro (3%). In 2022 vindt hypotheekrenteaftrek plaats tegen een tarief van 40 procent, waardoor u een effectief voordeel van 6.000 euro in box 1 behaalt (€15.000 * 40%). Als de schuld in box 3 valt, verlaagt deze de vermogensgrondslag, waardoor u een effectief voordeel van 8.571 euro behaalt (€ 500.000 * 5,53% * 31%). Het effectieve voordeel in box 3 is in dit voorbeeld dus hoger dan het effectieve voordeel in box 1. Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Betaal belastingaanslagen voor 1 januari 2022

Het kan aantrekkelijk zijn om uw openstaande (definitieve) belastingaanslagen nog dit jaar te betalen en daarmee uw box 3-vermogen te verlagen. Nog niet betaalde belastingschulden mogen namelijk niet in box 3 in aftrek worden gebracht, met uitzondering van te betalen erfbelasting.

Benut tijdige voorlopige aanslag voor aftrek belastingschuld in box 3

Als u voor 1 november 2021 een voorlopige aanslag hebt aangevraagd of voor 1 oktober een definitieve aangifte hebt ingediend en de Belastingdienst heeft geen voorlopige aanslag opgelegd voor 31 december 2021, dan mag u een bedrag ter grootte van de na 31 december 2021 opgelegde en betaalde belastingaanslag opnemen als schuld in box 3. Dit bedrag komt dan in aftrek op de belaste bezittingen in box 3 met peildatum 1 januari 2022. Bij het aanvragen van een voorlopige aanslag is het van belang dat het een ‘echt’ verzoek om een voorlopige aanslag betreft en niet slechts de indiening van een schattingsformulier voor IB-ondernemers en resultaatgenieters.

Schenk voor 1 januari 2022

Overweeg uw (reguliere) schenking voor 1 januari 2022 te doen. Een schenking - aan een goed doel, uw kind of iemand anders - verlaagt uw box 3-vermogen. Dit kan u vermogensrendementsheffing (box 3) besparen. Let wel, deze schenking verhoogt vervolgens het box 3-vermogen van de begiftigde en kan daardoor bij de begiftigde leiden tot een hogere vermogensrendementsheffing, tenzij de begiftigde voor 1 januari 2022 de schenking aanwendt voor consumptief gebruik of aflossing van de eigenwoningschuld. 

Overweeg beleggingen onder te brengen in een bv of VBI

Afhankelijk van uw vermogen en verwacht rendement kan het fiscaal gunstig zijn om uw vermogen onder te brengen in een bv (box 2) of in een vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI; speciaal regime in box 2). Een VBI is een beleggingsinstelling die vrijgesteld is van de heffing van vennootschapsbelasting, zodat de voordelen die zij met haar beleggingen behaalt niet belast zijn. Wel geldt jaarlijks een forfaitair rendement in box 2 van maximaal 5,69 procent (2021) over de werkelijke waarde van de VBI tegen een tarief van 26,9 procent inkomstenbelasting. Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Betaal hypotheekrente vooruit

Het kan aantrekkelijk zijn om hypotheekrente van het eerste halfjaar van 2022 vooruit te betalen in 2021. Dit kan uw eventuele box 3-belasting verlagen. Daarnaast wordt de hypotheekrenteaftrek in 2022 verlaagd met drie procent. Het is ook voordelig om de rente vooruit te betalen als u in 2022 een lager inkomen of belastingheffing tegen een lager progressief tarief verwacht. Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Stel voornemen tot verhuur eigen woning uit tot na 1 januari 2022

Als u uw eigen woning verhuurt, wordt deze niet meer gezien als eigen woning, maar als beleggingsvermogen. Daardoor verplaatst uw box 1-woning zich in de meeste gevallen naar box 3. Als u de woning pas vanaf 2 januari 2022 verhuurt, dan zal de woning in 2022 niet in de box 3-heffing worden meegenomen.

Doe grote aankopen vóór 1 januari 2022

Als u grote aankopen of uitgaven voor consumptieve doeleinden hebt gepland, dan kan het fiscaal aantrekkelijk zijn om deze alvast voor 1 januari 2022 te doen. Dit kan u vermogensrendementsheffing (box 3) besparen.

Benut de vrijstelling groene beleggingen en andere box 3-vrijstellingen

Er is een vrijstelling in box 3 van 60.429 euro (2021) per persoon voor groene beleggingen. Daarnaast geldt onder voorwaarden een vrijstelling in box 3 voor voorwerpen van kunst en wetenschap, bossen, natuurterreinen en Natuurschoonwet-landgoederen.

Waardeer uw vorderingen op peildatum

In box 3 wordt het vermogen gewaardeerd tegen de waarde in het economisch verkeer op de peildatum 1 januari. Als u vorderingen in privé hebt uitstaan dan kan het lonen om de waarde ervan te beoordelen op de peildatum. Verwacht u dat de vordering niet meer (volledig) terugbetaald wordt, dan is het mogelijk om de (nominale) waarde van de vordering in box 3 te verminderen. 

Claim als buitenlands belastingplichtige teruggaaf dividendbelasting

Als buitenlands belastingplichtige - u bent dan niet woonachtig in Nederland - hebt u mogelijk recht op gedeeltelijke teruggaaf van ingehouden Nederlandse dividendbelasting. U mag als buitenlands belastingplichtige in principe niet slechter worden behandeld dan een binnenlands belastingplichtige. Als de Nederlandse belastingdruk op uw dividenden hoger is dan wanneer u binnenlands belastingplichtige zou zijn geweest, dan hebt u recht op teruggaaf van het verschil.

Schenken en erven

Schenken en erven

Tips

Gebruik jaarlijkse schenkingsvrijstellingen

Het kan gunstig zijn om gebruik te maken van de jaarlijkse schenkingsvrijstellingen. Voor het jaar 2021 gelden de volgende vrijgestelde bedragen:

  • Kinderen (stiefkinderen, pleegkinderen of de weduwe/weduwnaar van uw overleden kind): 6.604 euro.
  • Kleinkinderen en derden: 3.244 euro.
Benut de eenmalig verhoogde schenkingsvrijstelling kinderen

Voor schenkingen aan kinderen (stiefkinderen, pleeg­kinderen of de weduwe/weduwnaar van uw overleden kind) kan eenmalig onder voorwaarden gebruik worden gemaakt van de verhoogde vrijstelling. In 2021 bedraagt deze vrijstelling voor kinderen (of hun partner) in de leeftijd tussen 18 en 40 jaar eenmalig 26.881 euro. Voor schenkingen voor een dure studie van het kind bedraagt dit eenmalig vrijgestelde bedrag onder voorwaarden 55.996 euro en voor de eigen woning van het kind zelfs 105.302 euro. U kunt de eenmalig verhoogde vrijstelling ook toepassen als uw eigen kind al ouder is dan 40 jaar, maar zijn of haar partner nog wel tussen de 18 en 40 jaar is. Als de schenker binnen 180 dagen na de schenking overlijdt, hoeft de verkrijger over die schenking van 105.302 euro - in tegenstelling tot de meeste andere schenkingen - geen erfbelasting te betalen.

Benut de schenking eigen woning aan derden

U kunt eenmalig onder voorwaarden tot 105.302 euro onbelast schenken aan een ander voor een eigen woning. Dit geldt ook voor een schenking ter aflossing van een oude restschuld van voor 29 oktober 2012. De eigen woning kan buiten Nederland zijn gelegen. Tussen de schenker en de verkrijger is geen familierelatie noodzakelijk. Wel moet de verkrijger of diens partner tussen de 18 en 40 jaar zijn en mag binnen de relatie van schenker en verkrijger maar eenmaal beroep op deze verhoogde vrijstelling worden gedaan. De schenking mag wel over drie jaren worden gespreid. Als de schenker binnen 180 dagen na de schenking overlijdt, hoeft de verkrijger over die schenking van 105.302 euro - in tegenstelling tot de meeste andere schenkingen - geen erfbelasting te betalen.

Betaal erfbelasting met kunstvoorwerpen of cultuurgoederen uit de nalatenschap

U kunt een verzoek indienen tot kwijtschelding van erfbelasting in ruil voor kunst- en cultuurbezit. Deze kwijtschelding kan oplopen tot maximaal de waarde van het kunstvoorwerp(en) die u aan de Staat wilt overdragen vermeerderd met twintig procent, maar niet meer dan de verschuldigde erfbelasting en belastingrente. Daarvoor beoordeelt de Adviescommissie beoordeling aangeboden cultuurbezit uit nalatenschappen eerst of de voorwerpen uit de nalatenschap van voldoende nationaal kunst- of cultuurhistorisch belang zijn. Het is ook mogelijk dat een erflater voor zijn overlijden vraagt of voorwerpen uit zijn nalatenschap aan de voorwaarden voldoen. Dit heet een verzoek bij leven. De Belastingdienst gaat sinds kort ook akkoord als kwalificerende kunstvoorwerpen die in gedeelde eigendom zijn, vanuit de nalatenschap in betaling worden gegeven.

Benut de fiscale voordelen voor (buitenlands) landgoed 

Voor een landgoed in de zin van de Natuurschoonwet 1928 (NSW) kunt u onder voorwaarden gebruikmaken van fiscale voordelen voor de schenk- en erfbelasting en de overdrachtsbelasting. Een in het buitenland gelegen landgoed moet wel deel uitmaken van het Nederlands cultureel erfgoed. Voor toepassing van de schenk- en erfbelasting wordt er vervolgens een onderscheid gemaakt tussen opengestelde landgoederen en niet opengestelde landgoederen. Opengestelde landgoederen zijn volledig vrijgesteld van schenk- en erfbelasting, niet opengestelde landgoederen zijn voor de helft van de (bestemmings)waarde vrijgesteld. De overdrachtsbelasting kent een 100%-vrijstelling. Aanvullende voorwaarden zijn: het verkregen landgoed moet gedurende 25 jaar gerangschikt blijven onder de NSW en ten minste gedurende 25 jaar in bezit blijven van de verkrijger(s). Voldoet u daar niet aan, dan wordt het voordeel teruggenomen. Als u het landgoed erft, dan mag u het landgoed wel schenken of aan andere erfgenamen overdragen. Daarnaast is onbebouwde grond niet belast in box 3 als deze grond is gerangschikt onder de NSW. Als de eigen woning gerangschikt is onder de NSW, wordt er rekening gehouden met een lagere WOZ-waarde.

Contante giften niet langer aftrekbaar

Contante giften komen niet meer in aanmerking voor de giftenaftrek. Bent u gewend om goede doelen met een anbi-status financieel bij te staan door middel van contante giften (bijvoorbeeld bij collectes aan de deur of in de kerk), houdt u er dan rekening mee dat sinds 1 januari 2021 deze betalingen niet meer in aanmerking komen voor aftrek. U kunt uw giften voortaan beter overmaken via de bank.

Plan uw schenkingen aan goede doelen

Periodieke giften hebben als voordeel dat u ze onbeperkt in aftrek mag brengen in uw aangifte inkomstenbelasting, met (in 2021) een maximaal belastingvoordeel van 43 procent tot gevolg. Voor de aftrek van een periodieke gift is vereist dat die gift schriftelijk moet zijn vastgelegd voor een periode van minimaal vijf jaar. Onder voorwaarden is een onderhandse overeenkomst daarvoor voldoende. Het gaat dan om giften aan een algemeen nut beogende instelling (anbi) of een sociaal belang behartigende instelling (sbbi, zoals een sportvereniging, dorpshuis of muziekvereniging). Een voorwaarde is dat de sbbi een vereniging is met minimaal 25 leden die niet aan vennootschapsbelasting is onderworpen, of daarvan is vrijgesteld. Bij complexere schenkingen, zoals schenking van een waardevol kunstobject, kan het raadzaam zijn de schenking in een notariële akte vast te leggen. Het percentage waartegen u een gift in aftrek kunt brengen, is vanaf 2020 gelijkgetrokken met het maximale aftrektarief eigen woning. Per jaar wordt dit teruggebracht met 3 procent, tot uiteindelijk 37,03 procent in 2024. Om een zo groot mogelijk fiscaal voordeel te behalen, kunt u het beste nog dit jaar starten met een periodieke gift. Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Maak gebruik van de ‘gewone’ giftenaftrek

Daarnaast kunt u gebruikmaken van de aftrek voor ‘gewone’ giften aan anbi’s of aan steunstichtingen sbbi (een stichting die uitsluitend is opgericht om geld in te zamelen voor het jubileum van een sociaal belang behartigende instelling). Hiervoor gelden andere voorwaarden dan bij een periodieke gift. Zo moet u rekening houden met een drempel en een plafond die afhankelijk zijn van uw inkomen. Afhankelijk van uw wensen zijn er diverse geefstructuren mogelijk. Het percentage waartegen u een gift in aftrek kunt brengen, is vanaf 2020 gelijkgetrokken met het maximale aftrektarief eigen woning (43 procent) en wordt met drie procent per jaar teruggebracht tot uiteindelijk 37,03 procent in 2024.

Vermenigvuldig uw gift aan culturele instellingen voor uw giftenaftrek

Giften aan een algemeen nut beogende instelling (anbi) die is aangewezen als culturele instelling mag u met 1,25 vermenigvuldigen voor de giftenaftrek inkomstenbelasting, met een maximum van 1.250 euro. 

Benut de giftenaftrek voor giften vanuit uw bv aan anbi en steunstichting sbbi

Giften vanuit uw bv aan een anbi en aan een steunstichting sbbi komen onder voorwaarden in aanmerking voor de giftenaftrek voor de vennootschapsbelasting. De aftrek bedraagt ten hoogste 50 procent van de winst, met een maximum van 100.000 euro. Een van de voorwaarden voor aftrek van een schenking aan een anbi is dat u als aandeelhouder geen doorslaggevende zeggenschap mag hebben over de anbi als verkrijger van uw gift. Als uw bv een zakelijk belang heeft bij de betaling aan een goed doel, is er sprake van zakelijke kosten die volledig aftrekbaar zijn voor de vennootschapsbelasting, zonder plafond. Wij adviseren per geval aan de hand van de feiten en omstandigheden te beoordelen of het om zakelijke kosten of om een (niet-zakelijke) gift gaat.

Vermenigvuldig uw gift vanuit uw bv aan culturele instellingen voor uw giftenaftrek

U mag uw gift vanuit uw bv aan een culturele instelling vermenigvuldigen met 1,5 voor de giftenaftrek vennootschapsbelasting, met een maximum van 2.500 euro. 

Neem familiewaarden als vertrekpunt bij investering in ‘eigen’ goed doel

Door familiewaarden als vertrekpunt te kiezen bij investeringen in een ‘eigen’ goed doel, ontstaat er grotere betrokkenheid van de familie bij het goede doel en dit geeft de familieleden meer persoonlijke voldoening. Bovendien versterkt het de familieband, ook tussen de generaties.

Aandachtspunten

Wijziging huwelijksvermogensrecht 

Bij huwelijken - en geregistreerde partnerschappen - na 1 januari 2018 ontstaat standaard een beperkte gemeenschap van goederen in plaats van een algehele gemeenschap van goederen. Dit betekent dat het voorhuwelijkse privévermogen, maar ook erfenissen en giften die tijdens het huwelijk worden verkregen, tot het privévermogen van de partners blijven behoren. Vermogen dat de partners tijdens het huwelijk afzonderlijk of gezamenlijk verkrijgen, en goederen die vóór het huwelijk al gezamenlijk aan hen toebehoorden, vallen in de beperkte gemeenschap. Hetzelfde geldt voor schulden die zij aangaan tijdens huwelijk, of schulden die al gezamenlijk vóór het huwelijk zijn aangegaan. Dit heeft als zodanig geen fiscale gevolgen. Partners kunnen van de wettelijke gemeenschap afwijken door huwelijkse voorwaarden aan te gaan.

Vermogensverschuiving bij aangaan of wijzigen huwelijkse voorwaarden

Het aangaan of wijzigen van huwelijkse voorwaarden kan leiden tot een vermogensverschuiving tussen de gehuwden of geregistreerde partners. In bepaalde situaties en onder voorwaarden kan sprake zijn van een belastbare schenking.

Zakelijke rente bij notariële schuldigerkenning

Wanneer u een notariële ‘papieren schenking’ doet, zonder daadwerkelijk vermogen over te dragen aan uw kinderen, let er dan op dat u jaarlijks een zakelijke rente (zes procent) moet betalen over de schuldig gebleven bedragen. Als u die zes procent rente een jaar niet betaalt, zijn er onder voorwaarden nog mogelijkheden om dit te repareren. 

Direct opeisbare renteloze of laagrentende lening

Als u een kind een direct opeisbare renteloze of laagrentende lening verstrekt, moet uw kind over het verschil tussen zes procent rente en de werkelijk bedongen rente jaarlijks schenkbelasting betalen. U kunt dit voor de toekomst repareren door de voorwaarden van de lening te wijzigen, zodat deze niet langer direct opeisbaar is én een zakelijke rente draagt. Een alternatief is om uw kind alsnog zes procent rente aan u te laten betalen.

Wonen

Wonen

Tips

Stel voornemen tot verhuur eigen woning uit tot na 1 januari 2022

Als u uw eigen woning verhuurt, wordt deze niet meer gezien als eigen woning, maar als beleggingsvermogen. Daardoor verplaatst uw box 1-woning zich in de meeste gevallen naar box 3. Verhuurt u de woning pas vanaf 2 januari 2022, dan zal de woning in 2022 niet in de box 3-heffing worden meegenomen.

Benut verhuisregelingen eigen woning

Als u een leegstaande woning hebt, kunt u onder voorwaarden gedurende drie jaar recht hebben op de zogenoemde verhuisregelingen. Dit betekent bijvoorbeeld dat uw eigen woning die in 2019 of later leeg is komen te staan en voor verkoop is bestemd, in 2022 nog steeds wordt gezien als eigen woning en daarmee in aanmerking komt voor de hypotheekrenteaftrek. Voor de woning die u sinds 2019 hebt gekocht of sindsdien in aanbouw is, kunt u ook nog in 2022 hypotheekrenteaftrek genieten, mits u de woning uiterlijk in 2022 betrekt als hoofdverblijf. Wanneer u uw eigen woning in de tussentijd (langer dan tijdelijk) verhuurt, dan kunt u vanaf het moment van verhuur geen gebruik meer maken van de verhuisregelingen. Die woning is voor u dan box 3-vermogen geworden.

Betaal hypotheekrente vooruit

Het kan aantrekkelijk zijn om hypotheekrente van het eerste halfjaar van 2022 vooruit te betalen in 2021. Dit kan uw eventuele box 3-belasting verlagen. Daarnaast wordt de hypotheekrenteaftrek in 2022 verlaagd met drie procent. Het is ook voordelig om de rente vooruit te betalen als u in 2022 een lager inkomen of belastingheffing tegen een lager progressief tarief verwacht. Zie meer over belastingtarieven en cijfers voor 2021/2022 onze datacard.

Aandachtspunten

Verlaging eigenwoningforfait

Het eigenwoningforfait voor woningen van meer dan 75.000 euro bedraagt in 2021 0,5 procent van de WOZ-waarde en wordt verlaagd naar 0,45 procent in 2022. Het percentage eigenwoningforfait voor woningen van meer dan 1.110.000 euro blijft 2,35 procent.

Tijdelijke verhuur eigen woning

Denk eraan om 70 procent van de inkomsten uit tijdelijke verhuur van uw eigen woning op te geven als inkomen in box 1. De inkomsten mag u nog verminderen met kosten die direct met de verhuur samenhangen. Tijdelijke verhuur heeft geen gevolgen voor uw hypotheekrenteaftrek, tenzij het gaat om een leegstaande eigen woning die te koop staat. Als u uw eigen woning tijdelijk verhuurt, heeft dat mogelijk gevolgen voor de btw (kortstondige verhuur is btw belast) en toeristenbelasting. Daarnaast kan lokale regelgeving in uw stad van toepassing zijn. Ten slotte is het raadzaam om bij uw (opstal)verzekeraar en uw hypotheekverstrekker na te gaan of de tijdelijke verhuur niet in strijd is met de daarvoor geldende voorwaarden.

Mobiliteit

Mobiliteit

Aandachtspunten

Bijtellingspercentage voor leaseauto’s 

De bijtellingspercentages voor leaseauto’s zijn van toepassing vanaf het jaar dat de auto op naam is gezet in het kentekenregister en blijven (maximaal) vijf jaar van toepassing. De bijtellingspercentages zijn als volgt:

 

2021

2022

Reguliere leaseauto’s

22%

22%

Nulemissieauto’s

12% (tot € 40.000)
22% (over het surplus)

16% (tot € 35.000)
22% (over het surplus)

Het 4%-bijtellingspercentage voor emissieloze (elektrische) auto’s is per 1 januari 2021 verhoogd naar 12 procent en gaat vanaf 2022 omhoog naar 16 procent. Vanaf 2022 geldt voor een auto met een cataloguswaarde hoger dan 35.000 euro voor het bedrag boven de 35.000 euro een bijtellingspercentage van 22 procent. De CO2-grenzen en tarieven in de bpm voor personenauto's worden per 1 januari 2022 aangescherpt.

Administratie

Administratie

Tips

Pas middeling toe

Hebt u een sterk wisselend inkomen uit werk en woning? Dan betaalt u waarschijnlijk meer belasting dan wanneer u dat inkomen gelijkmatig verdeeld krijgt over de jaren. U kunt dan in aanmerking komen voor de middelingsregeling. Met middeling berekent u uw gemiddelde inkomen over drie aaneengesloten kalenderjaren. Dit is het middelingstijdvak. Vervolgens berekent u hoeveel belasting u per jaar moet betalen. Zijn de nieuwe belastingbedragen lager dan die van de eerdere aanslagen? Dan hebt u mogelijk recht op een teruggaaf. Het verschil moet echter groter zijn dan 545 euro.

Aandachtspunten

Aangiftetermijn schenkingen

Vergeet niet vóór 1 maart 2022 aangifte te doen van uw schenking. Dit geldt voor alle belaste schenkingen (voor zover meer wordt geschonken dan de jaarlijkse vrijstelling) en voor schenkingen waarvoor in 2021 een beroep is gedaan op de eenmalige (aanvullende) verhoogde vrijstelling. Dit kunt u doen via een officieel aangiftebiljet schenkbelasting (te downloaden via www.belastingdienst.nl) of via een brief aan de Belastingdienst. Het is ook mogelijk om online aangifte schenkbelasting te doen via Mijn Belastingdienst. Wanneer u later dan vier maanden na afloop van het kalenderjaar waarin een schenking heeft plaatsgevonden daarvan aangifte doet, gaat de aanslagtermijn pas de dag na de aangifte in. Door aangifte te doen binnen de termijn, kunt u lange onzekerheid over de aanslag vermijden. U kunt ook meteen na de ontvangen schenking aangifte doen. 

Aangiftetermijn erfbelasting

Binnen acht maanden na het overlijden van de erflater moet de executeur aangifte doen. Als de erflater in zijn testament geen executeur heeft aangewezen, moet u als erfgenaam binnen de gestelde termijn aangifte doen. Dit geldt voor alle belaste erfrechtelijke verkrijgingen (voor zover u meer ontvangt dan de vrijstelling). U kunt een aangifteformulier aanvragen bij de Belastingdienst. U kunt ook uitstel vragen voor het indienen van de aangifte, maar vanaf acht maanden na overlijden moeten de erfgenamen belastingrente betalen over het bedrag van de aanslag ongeacht of de aanslag al is opgelegd. 

Belastingrente erfbelasting voorkomen

U kunt belastingrente voorkomen door uiterlijk drieëneenhalve maand na de overlijdensdatum aangifte te doen of binnen vijf maanden na het overlijden een verzoek om een voorlopige aanslag in te dienen. Sinds 1 januari 2019 geldt dat bij degene die voor de eerste dag van de negende maand na het overlijden – dus binnen de aangiftetermijn – verzoekt om een voorlopige aanslag of aangifte doet, geen belastingrente in rekening wordt gebracht als de (voorlopige of definitieve) aanslag erfbelasting wordt vastgesteld overeenkomstig dat verzoek of die aangifte. Voor overlijdens van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020 rekent de Belastingdienst geen belastingrente. Voor overlijdens vanaf 1 januari 2021 wordt (weer) vier procent belastingrente in rekening gebracht (over de periode vanaf acht maanden na het overlijden tot zes weken na de datum van de aanslag).

Aanpassing belastingrente erfbelasting in bijzondere situaties

In bijzondere situaties start de aangiftetermijn erfbelasting later dan op de dag van het overlijden. Per 1 januari 2020 is ook de berekening van belastingrente aangesloten op het verloop van die later aangevangen aangiftetermijn. Er wordt in die bijzondere situaties dus geen belastingrente meer berekend als het verzoek om een voorlopige aanslag of de aangifte is ontvangen binnen de aangiftetermijn die verlaat is aangevangen. De voorlopige of definitieve aanslag erfbelasting moet dan zijn vastgesteld conform het verzoek of de aangifte. Voorbeelden van bijzondere situaties zijn onzekerheid wie de erfgenaam wordt vanwege zwangerschap, onbeheerde nalatenschappen zonder vereffenaar en verkrijgingen als gevolg van de vervulling van een voorwaarde.

Spontane aangifte aanslagbelastingen

Vanaf 1 januari 2020 gelden voor spontane aangiften aanslagbelastingen (zoals inkomstenbelasting en schenk- en erfbelasting) dezelfde wettelijke correctie- en sanctiebevoegdheden als voor aangiften die volgen op een vooraf verzonden of uitgereikte uitnodiging daartoe. Bij een spontane aangifte wordt niet vooraf een uitnodiging verstuurd. Daarnaast wordt de aanslag- respectievelijk navorderingstermijn met zes maanden verlengd als binnen zes maanden voor het einde van die termijn een verzoek om uitnodiging of een spontane aangifte is gedaan. Hiermee krijgt de inspecteur meer tijd om de belastingschuld en aanslag correct vast te stellen.

Aanpassing inkeerregeling

De mogelijkheid om boetevrij in te keren, is per 1 januari 2020 uitgesloten voor inkomen uit aanmerkelijk belang. Ook wordt inkomen uit sparen en beleggen dat binnen respectievelijk buiten Nederland is opgekomen, voortaan gelijk behandeld en in zijn geheel uitgesloten van de boetevrije inkeerregeling. U krijgt dan wél een boete, maar de inkeer geldt dan als strafverminderende omstandigheid.

Toeslagen: invordering en verrekening

De Invorderingswet geldt (grotendeels) ook voor toeslagen. Dit betekent dat in faillissement- of beslagsituaties toeslagschulden voorrang krijgen boven andere, niet-fiscale schulden. Het is ook mogelijk om toeslagen met belastingschulden en toeslagschulden met teruggaven van belasting te verrekenen.

Publicatie jaarrekening bv

De jaarrekening van een bv moet binnen vijf maanden na het einde van het boekjaar zijn opgemaakt. De aandeelhouders kunnen deze termijn verlengen met vijf maanden. Door de tijdelijke voorziening uit de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid kan ook het bestuur de termijn voor het opstellen van de jaarrekening verlengen. Deze tijdelijke voorziening geldt in ieder geval tot 1 december 2021. De uiterste publicatietermijn is twaalf maanden na het einde van het boekjaar. Maar voor een bv waarvan alle aandeelhouders ook bestuurders zijn, is het extra oppassen. Voor dergelijke bv's geldt het moment van ondertekening door alle bestuurders als het moment van vaststelling van de jaarrekening. Daarmee wordt de deponeringstermijn verkort naar tien maanden. In de statuten van de bv kan ervoor worden gekozen om hiervan af te wijken. Deponering moet plaatsvinden binnen acht dagen na vaststelling van de jaarrekening.

Wet bestuur en toezicht rechtspersonen

Op 1 juli 2021 is de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen in werking getreden. De regels voor het bestuur en toezicht bij de vereniging, stichting, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij in het Burgerlijk Wetboek sluiten voortaan aan op die voor de nv en de bv. Onder meer voor de besluitvorming bij tegenstrijdig belang, bestuurdersaansprakelijkheid en de bevoegdheden van de rechtbank bij stichtingen gelden nieuwe regels. Verder is het meervoudig stemrecht beperkt: een bestuurder of commissaris kan niet meer stemmen uitoefenen dan alle andere bestuurders respectievelijk commissarissen tezamen. Een statutenwijziging is overigens niet gelijk verplicht. Toch is het voor zowel private als semi-publieke rechtspersonen raadzaam om de statuten te updaten zodat deze aansluiten bij de recent gewijzigde wet- en regelgeving. Zo kunt u voorkomen dat er verwarring ontstaat omdat statutaire bepalingen (op termijn) niet meer gelden.

Digitale oprichting bv

Volgens de Europese richtlijn 2019/1151 had het op 1 augustus 2021 al mogelijk moeten zijn om digitaal een bv op te richten. De oprichter hoeft dan niet meer fysiek langs de notaris te gaan, de procedure kan ook onder leiding van de notaris via een centraal digitaal platform plaatsvinden. Het ministerie van Justitie en Veiligheid maakt gebruik van de uitstelmogelijkheid die de Europese richtlijn biedt. Dit betekent dat het nog niet mogelijk is om sinds 1 augustus 2021 een bv digitaal op te richten. Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft uitstel aangevraagd voor maximaal 1 jaar omdat ze het wetgevingstraject nog moeten afronden. Wanneer de wet precies ingaat, is niet bekend. De Nederlandse wetgever heeft in elk geval tot uiterlijk 1 augustus 2022 de tijd voor de implementatie van deze wetgeving. Waarschijnlijk moet de digitale akte in de Engelse taal worden opgemaakt en is enkel inbreng in geld op aandelen mogelijk. Een bv kan dan overigens nog steeds fysiek bij de notaris worden opgericht.

Afschrijving gebouwen in eigen gebruik

Voor ondernemingen die bij natuurlijke personen worden belast in de inkomstenbelasting is het mogelijk om af te schrijven tot 50 procent van de WOZ-waarde van gebouwen in eigen gebruik. Het onderscheid in uw administratie tussen verhuurde gebouwen en gebouwen in eigen gebruik is voor u als ondernemer in de inkomstenbelasting dus relevant. Ook blijft het van belang om de WOZ-beschikking te controleren en zo nodig bezwaar aan te tekenen.

UBO-register

Alle privépersonen die meer dan 25 procent (in)direct eigendom of zeggenschap hebben in een juridische entiteit, zoals een vennootschap of stichting, kwalificeren als ultimate beneficial owner (UBO) en moeten worden opgenomen in een openbaar register. Dit register wordt beheerd door de Kamer(s) van Koophandel (KvK). De persoonsgegevens die daarbij openbaar worden zijn de naam van de UBO, geboortemaand en -jaar, nationaliteit, woonstaat en aard en omvang van het economisch belang. Deze registratieplicht is in Nederland in werking getreden op 27 september 2020. De op die datum bestaande entiteiten hebben tot 27 maart 2022 de tijd om hun UBO’s te registreren. Nieuw opgerichte entiteiten moeten hun UBO’s meteen bij de oprichting registreren.

Contact

Knowledge Centre

Rotterdam, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 43 51

Volg ons