25/03/26
Maatschappelijke organisaties - zoals stichtingen, verenigingen en kerkgenootschappen - krijgen geen aanvullende informatieplicht en stichtingen die nu niet verplicht zijn hun financiële gegevens openbaar te maken, hoeven vooralsnog geen balans en een staat van baten en lasten te deponeren bij het handelsregister.
De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel waarmee dit was voorgesteld – de Wet transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties (Wtmo) – verworpen op 24 maart 2026. Tijdens de behandeling had de Eerste Kamer zich al zeer kritisch uitgelaten over dit wetsvoorstel, met name over de noodzaak, de effectiviteit en de uitvoerbaarheid van de maatregelen. Sommige Kamerleden hopen dat het kabinet wel snel met een nieuw voorstel komt.
Met de informatieplicht hadden maatschappelijke organisaties desgevraagd informatie beschikbaar moeten stellen aan de burgemeester, het Ministerie (OM) en andere overheidsinstellingen zoals de Belastingdienst en de Sociale Verzekeringsbank over de herkomst, het doel en de omvang van donaties uit zowel binnen- als buitenland. Dat betrof donaties in geld of natura met een waarde van 15.000 euro of meer. Ook een lening tegen gunstige voorwaarden (bijvoorbeeld met een symbolische en daarmee niet-marktconforme rente) zou onder het wetsvoorstel vallen als de voordelen voor de maatschappelijke organisatie het drempelbedrag overstijgen. Persoonlijke arbeid of activiteiten van leden van de betreffende maatschappelijke organisatie (zoals vrijwilligerswerk) vielen daarentegen niet onder donatie in natura.
Het doel van wetsvoorstel was om de democratische rechtsstaat en het openbaar gezag beter te beschermen tegen ondermijning en om witwassen en terrorismefinanciering tegen te gaan. Dit zou worden bereikt door meer inzicht te verschaffen in de financiële middelen van maatschappelijke organisaties en via een krachtiger handhavingsinstrumentarium. De reikwijdte van het wetsvoorstel was beperkt tot maatschappelijke organisaties die in Nederland gevestigd zijn dan wel duurzaam in Nederland activiteiten ontplooien.
In ons eerdere Belastingnieuwsbericht leest u wat het verworpen wetsvoorstel inhield: ‘Deponerings- en informatieplicht voor stichtingen’.
Op 24 maart 2026 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel afgewezen. Naar verwachting zal het kabinet een reactie hierop geven. Wanneer dat beschikbaar is, zullen wij dat verwerken in dit bericht.
Vooralsnog verandert er niets voor u als bestuurder van een stichting, vereniging of andere maatschappelijke organisatie. Omdat Kamerleden vragen om een nieuw wetsvoorstel, is het belangrijk om nieuwe ontwikkelingen goed te volgen zodat u zich op tijd kunt voorbereiden als er wel een wijziging in deze richting komt. Dan hebt u voldoende tijd om de interne processen en administratie waar nodig aan te passen of aan te scherpen.
Naar aanleiding van de kritiek van de Afdeling advisering van de Raad van State heeft het wetsvoorstel ingrijpende aanpassingen ondergaan. Zo oordeelde de Afdeling dat de proportionaliteit en de noodzaak onvoldoende waren aangetoond. Daarnaast vond de Afdeling dat de verhouding tot de grondrechten en het Europees recht onvoldoende waren uitgewerkt. Hierna heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel op 1 april 2025 aangenomen. Tijdens de door de commissie voor Justitie & Veiligheid van de Eerste Kamer georganiseerde deskundigenbijeenkomst, bleken de deskundigen uiterst kritisch te zijn. Ook gaven de partijen die de wet moeten uitvoeren, zoals burgemeesters en het OM, hun bedenkingen over de uitvoerbaarheid te kennen. Verder wees het College voor de Rechten van de Mens op de druk die het voorstel zette op de grondrechten. Meld- en bewaarplichten rond donaties zouden een afschrikwekkend effect hebben op donateurs en maatschappelijke organisaties. Maatschappelijke organisaties gaven aan te vrezen voor een ongerechtvaardigde beperking van de grondrechten en voor onnodige regeldruk en administratieve lasten.
Mede op basis van deze fundamentele kritiek op de noodzaak, de proportionaliteit, de rechtmatigheid en de uitvoerbaarheid stelde de Eerste Kamer tijdens de behandeling van het wetsvoorstel uiterst kritische vragen aan de minister. De antwoorden van de minster op deze vragen en het factsheet Waarborgen en checks and balances van de Wtmo, dat hij vervolgens heeft aangeboden, heeft de Eerste Kamer echter niet voldoende kunnen overtuigen.
Het wetsvoorstel kent een relatief lange geschiedenis en is op 20 november 2020 ingediend. Zie voor meer achtergronden ook onze Belastingnieuwsberichten ‘Deponerings- en informatieplicht voor stichtingen‘ en ‘Proportionele transparantie voor maatschappelijke organisaties’. Het is vooralsnog onduidelijk of dit wetsvoorstel een vervolg krijgt.