Drie analytische perspectieven beoordelen het aanpassingsvermogen van de sector

Kan de retailsector zich aanpassen aan de toekomst?

Can the retail industry adapt for the future?
  • 19 feb 2026

Om relevant en betrouwbaar te blijven in een steeds competitievere markt, moet de retailsector zich voortdurend richten op waarde en ervaring, en niet alleen op prijs. De sector moet productiviteit tot haar nieuwe groeimotor maken door arbeidsbesparende technologieën te combineren met gerichte bijscholing. Door de kracht van data te benutten voor het sturen van assortiment, prijsstelling en omnichannel klantreizen, kunnen retailers hun prestaties aanzienlijk verbeteren, stellen Peter van Kampen, PwC’s retailexpert, en hoofdeconoom Barbara Baarsma. 

De sector staat onder toenemende druk: beperkte fysieke ruimte, arbeidstekorten en ecologische en infrastructurele beperkingen vragen om een herallocatie van schaarse productiefactoren naar activiteiten die productief zijn, een lage milieu-impact hebben en minder afhankelijk zijn van arbeid met een lage toegevoegde waarde. 

In maart 2025 publiceerden wij een studie over ‘De Nederlandse economie toekomstbestendig maken’. Dit rapport onderzoekt vijftien sectoren binnen het commerciële domein over de periode 1995–2023 vanuit drie verschillende perspectieven: hun positie in de economie, hun economische bijdrage en hun afhankelijkheid van schaarse productiefactoren. 

De sectoren die het meest centraal staan, leveren een significante bijdrage aan de economie en hebben tegelijkertijd een beperkte afhankelijkheid van schaarse productieve middelen, maar zorgen voor de meeste potentie voor duurzame groei. Onze analyse beoordeelt de retailsector aan de hand van drie analytische lenzen: centraliteit, economisch belang en afhankelijkheid van schaarse productiefactoren. Daarnaast belichten we ook de rol die de retailsector speelt bij het vervullen van consumentenbehoeften, het vormgeven van consumentengedrag en daarmee het aanjagen van bredere maatschappelijke transities. Verder kijken we ook naar het beïnvloeden van de structuur en aantrekkelijkheid van stedelijke omgevingen, het bevorderen van gemeenschapsgevoel, levendigheid en toegang tot essentiële goederen en diensten in veel gebieden. 

Centraliteit 

Deze lens beoordeelt de rol van de sector in nationale productiestromen. De retailsector staat op de negende plaats van meest centrale sectoren en heeft uitgesproken productierelaties met andere gespecialiseerde zakelijke diensten en met informatie- en communicatiesectoren. 

Deze relatief lage score is niet verrassend, aangezien de sector zich aan het einde van de waardeketen bevindt, dicht bij de consument. De retail speelt daardoor een sleutelrol in het bedienen van klanten die producten afnemen uit een breed scala aan andere sectoren, maar deze rol komt niet volledig tot uiting in de centraliteitsscore, die is gebaseerd op de totale waarde van transacties met andere sectoren. 

Economisch belang retailsector 

De retailsector is de negende grootste sector in termen van economische omvang (aandeel in het bbp) en R&D‑uitgaven. Tegelijkertijd kende de sector de vijfde grootste groei in arbeidsproductiviteit in de afgelopen decennia, zij het vanaf het op één na laagste niveau. 

Daarmee moet de retailsector de positieve ontwikkeling in het verhogen van de arbeidsproductiviteit voortzetten, door verder te investeren in R&D, digitalisering en procesoptimalisatie, zonder de focus op de klant uit het oog te verliezen. Technologie verdiept de polarisatie: grote retailers lopen verder uit, terwijl kleinere achterblijven. 

Afhankelijkheid van schaarse productiefactoren 

Over het geheel genomen presteert de retailsector relatief goed in het gebruik van schaarse productiefactoren en staat de sector op de zesde plaats (waarbij plek één het beste of laagste gebruik betekent). De retailsector zelf is “schoon”, een duurzaamheidsstrategie moet zich daarom richten op het beïnvloeden van de toeleveringsketens en niet zozeer op de interne operatie. Het enige aspect waarop de sector laag scoort, is het relatief grote aandeel arbeid: de sector is de derde grootste werkgever, ondanks aanhoudende arbeidstekorten en stijgende loonkosten. De beschikbaarheid van arbeid wordt een structurele langetermijnbeperking, geen conjuncturele. 

Nabijheid tot consumenten, het aanjagen van maatschappelijke transities, invloed op stedelijke omgevingen en het bevorderen van gemeenschapsgevoel 

Wij lichten vier aanvullende rollen toe die de retailsector speelt in de Nederlandse economie. Door de nabijheid tot consumenten helpt de retailsector bij het vervullen van wensen en behoeften via omnichannel aanbod, waarbij fysieke winkels en online platforms geïntegreerd zijn. Daarnaast geeft de sector vorm aan consumentengedrag en jaagt zij daarmee bredere maatschappelijke transities aan. Retailers kunnen consumentengedrag op grote schaal beïnvloeden, bijvoorbeeld door gezondere keuzes te stimuleren, plasticgebruik te verminderen en circulariteit te bevorderen. Verder beïnvloedt de retailsector de structuur en aantrekkelijkheid van stedelijke omgevingen. Tot slot vervult de sector een belangrijke sociale functie door het bevorderen van gemeenschapsgevoel, levendigheid en toegang tot essentiële goederen en diensten. Retailtainment – het combineren van retail en entertainment – wint daarbij steeds meer terrein. 

Download de analyse

De Nederlandse retailsector toekomstbestendig maken

(PDF of 2.86MB)

Contact us

Barbara Baarsma

Barbara Baarsma

Hoofdeconoom, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)62 420 47 07

Peter van Kampen

Peter van Kampen

Consumer Markets Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 74 42

Volg ons