Na bijna een jaar bevroren te zijn geweest is, de arbeidsmarkt nu snel aan het ontdooien. Dat leidt tot veel enthousiaste zoekers naar nieuwe of andere banen. Die enthousiaste zoekers merken al snel dat zij niet alleen zelf anders zijn gaan kijken door corona. Ook het banenlandschap zelf is aan het schuiven gegaan tijdens de crisis. Dat betekent werk aan de winkel om goed beslagen ten ijs te blijven komen.
De coronacrisis zorgde voor een abrupte stilstand op de arbeidsmarkt. De eerste berichten over de economische effecten van Covid-19 waren zo onheilspellend, dat het heel verstandig leek om te blijven zitten waar je zat. De overheid schoot te hulp met gigantische steunmaatregelen.
Maar hoewel die maatregelen veel arbeidsplaatsen in de zwaarst getroffen sectoren overeind hielden, gingen ook veel banen verloren. Uit cijfers van het UWV blijkt dat in februari het aantal nieuwe WW-uitkeringen op bijna 46.000 lag. Dat is ruim negentien procent hoger dan een jaar daarvoor.
Vooral bij jongeren tot 27 jaar was de stijging (67,3 procent) het hoogst. Want zij werken veel in sectoren die het zwaar hebben, zoals horeca, detailhandel, toerisme en vrijetijdsbesteding.
We zijn nu een jaar verder en de vooruitzichten zijn totaal anders. Corona is nog niet voorbij, in Europa worden lockdowns nog steeds verlengd. Maar de hoop op economisch herstel groeit. Dat blijkt onder meer uit de resultaten van PwC’s 24e Global CEO Survey van maart 2021. CEO’s putten moed uit de positieve ontwikkelingen in de eerste maanden van dit jaar: de brexit viel uiteindelijk mee, de VS kreeg een president die niet meteen op ramkoers ligt met het buitenland en het vaccineren tegen Covid-19 is op gang gekomen. CEO’s maken weer plannen.
En als CEO’s plannen maken, is dat heel goed nieuws voor de arbeidsmarkt. Ondernemingen durven het weer aan om vacatures op te vullen en prompt neemt ook het aanbod toe. Het is opvallend om te zien op hoeveel LinkedIn-profielen opeens weer ‘open for other business’ staat.
Vooral de Y-generatie, die wat eerder in is voor een nieuwe uitdaging, lijkt weer meer uit te kijken naar een nieuwe baan. En zij hebben daarbij nog wensen ook. Corona lijkt hen nog nadrukkelijker gevoelig te hebben gemaakt voor ‘banen met enige maatschappelijke betekenis’. De arbeidsmarkt is snel aan het ontdooien.
Maar er is nog meer aan de hand: het optimisme gaat niet op voor elk bedrijf en elke sector. Veel bedrijven zullen snel weer opklimmen, maar spannend is het voor bedrijven die daar veel meer moeite mee hebben. Bij dit herstel speelt immers nog een andere kracht mee: technologie. Voor de coronacrisis leek de koudwatervrees voor cyberaanvallen en privacyproblemen digitale technologie tegen te houden, vooral in Europa. Maar juist door digitale technologie konden we thuis werken en rna-vaccins ontwikkelen.
De CEO’s uit onze survey hebben dat goed begrepen en zijn een stuk enthousiaster geworden over de kansen van digitale transformatie, in één of andere vorm. Deze versnellende digitalisering leidt tot automatisering en een vraag naar andere, nieuwe vaardigheden. En zelfs tot het verdwijnen van sommige banen, die nu nog overeind worden gehouden door de steunpakketten, maar die in het normale economische verkeer niet meer worden gevraagd. De zogenoemde zombie-banen.
Op macroschaal is dit een geleidelijk proces, een soort tectonische verschuiving. Maar de tectoniek is door de aardbeving van corona wel versneld. Bij PwC hebben we berekend dat de komende vijf jaar 1,6 miljoen ‘oude’ banen flink gaan veranderen. Zodanig zelfs dat degene die nu zo’n baan bezet over vijf jaar een stuk minder productief is op die baan als zij zich niet flink aanpast.
Die banen vereisen op termijn een nieuwe reeks vaardigheden. De vaardigheden en kennis die de bezetters van de banen nu hebben, zijn nog maar ten dele nuttig voor die banen waaraan op lange termijn wel behoefte is.
Om straks in aanmerking te komen voor deze zogenoemde engel-banen, is om- of meescholing nodig. Ons onderzoek laat zien dat 82 procent van de vaardigheden die nodig zijn voor de banen die onder druk staan, ook bruikbaar zijn in andere beroepen. Het gros van de beschikbare vaardigheden van verouderde banen zijn dus nog steeds zeer waardevol op de arbeidsmarkt.
In Nederland hebben wij het geluk dat we vooral een dienstenland zijn geworden, en vaardigheden als dienstvaardigheid en effectief om kunnen gaan met klanten hebben velen van ons van nature al wel. Voor 82 procent blijft de match tussen banen en mensen dus prima.
Uit ons onderzoek blijkt ook dat er grote verschillen tussen regio’s kunnen ontstaan. In de ene regio kan er bijvoorbeeld minder vraag naar receptionistes zijn, terwijl organisaties in een andere regio daar juist heel erg naar op zoek zijn. Naast om- en meescholing is het beter afstemmen van vraag en aanbod tussen arbeidsmarktregio’s dus ook een deel van de oplossing. Dat de helft van de Nederlandse banen ook vanuit thuis kunnen worden vervuld, gaat hierbij enorm helpen.
Veel LinkedIn-genetwerkte Y’ers zullen geen probleem hebben om met de tectonische verandering mee te bewegen. Maar zoals steeds rond deze coronacrisis gaat het er ook om dat de grote groep werkenden met een iets grotere afstand tot de arbeidsmarkt wordt geholpen met het zich bewust zijn van de tectonische verschuiving, en met het dichten van de productiviteitskloof die aan het ontstaan is.
Dan kijken we natuurlijk naar het volgende kabinet, dat in de post-crisis beleidsplanning moet gaan zorgen voor stimulering. Maar ook die CEO’s hebben er belang bij dat zij zelf investeren in aansluiting tussen de vaardigheden van de mensen, terwijl zij hun enthousiaste digitaliseringsplannen uitvoeren.
De arbeidspool wordt namelijk niet meer groter, en als we inderdaad weer gaan groeien keert de historisch grote schaarste snel terug. Onze CEO’s uit de survey hebben ook dat goed begrepen. Zeventig procent geeft aan bij hun investeringsplannen meer dan voorheen nadruk te gaan leggen op het zorgvuldig en met oog voor het welzijn van de werknemer opbouwen van het personeelsbestand.
Dit belooft overigens ook veel goeds voor de arbeidsproductiviteit én de lonen. Het voorjaar lonkt.
De manieren van werken wijzigen ingrijpend, en door de Covid-19-crisis alleen nog maar sneller. Het nieuwe normaal zorgt voor verandering van werken, organisaties, diensten, verwachtingen. Daarnaast speelt technologie een rol. Behalve dat digitalisering en automatisering tot andere werkzaamheden leiden en menselijke activiteiten overnemen, passen organisaties hun systemen ook aan op het thuiswerken.
Hierdoor zoeken organisaties naar nieuwe vaardigheden bij medewerkers. De mensen in organisaties vragen op hun beurt om meer flexibiliteit, een ander evenwicht tussen werk en privé, voldoende leermogelijkheden en ook een andere vorm van leiderschap. Is uw organisatie wendbaar genoeg om in te spelen op de snel veranderende wereld?
Jan Willem Velthuijsen
Energy Transition Economist, PwC Netherlands
Tel: +31 (0)62 248 32 93