In 2020 is het Nationaal Groeifonds (NGF) opgericht met een omvang van 20 miljard euro. Dit geld is beschikbaar voor projecten die de Nederlandse economie gaan versterken en recentelijk is de vierde financieringsronde geopend en u kunt aan de slag met het opzetten van aanvragen die voor financiering in aanmerking komen.
Het NGF financiert grote projecten waar publieke en private partijen samenwerken. Denk aan kennisinstellingen die met bedrijven of overheden optrekken om maatschappelijke uitdagingen aan te pakken. Een belangrijke voorwaarde is dat de projectresultaten maatschappelijk toepasbaar zijn of marktpotentieel hebben (ook wel valorisatie), snel kunnen opschalen (liefst internationaal) en bijdragen aan het verdienvermogen van de BV Nederland.
Als uw projecten passen binnen de overkoepelende thema’s R&D en Innovatie en Kennisontwikkeling, kunt u financiering aanvragen vanuit het het NGF. Deze thema’s zijn verder uitgewerkt en concreet gemaakt in subthema’s, zoals energie en duurzame ontwikkeling, veiligheid en digitalisering, sleuteltechnologieën (zoals fotonica en quantumtechnologie), landbouw en leefomgeving, gezondheid en zorg, mobiliteit, onderwijs en leven lang ontwikkelen. In de recent geopende vierde ronde wil het NGF de nadruk leggen op human capital (dus hoe zorg je voor goed personeel), valorisatie (hoe zorg je voor betrokkenheid van de markt) en internationale samenwerking (kijk over de grenzen).
U kunt een financieringsaanvraag bij het NGF indienen, als zelfstandig consortium of via één van de ministeries. Onze ervaring is dat het tijd kost om tot een goed projectvoorstel te komen en uiteindelijk een aanvraag in te dienen. Het is daarom belangrijk dat u die tijd neemt. Zorg ervoor dat u tijdig met RVO (de uitvoerder van het NGF) of een ministerie in gesprek gaat. Zij denken graag kritisch mee.
Om u te helpen bij het opzetten van een goed projectvoorstel lichten wij hieronder een aantal uitdagingen toe waar u tegenaan kunt lopen. Uiteraard kunnen wij u bij iedere stap van dit traject helpen.
Elk groeifondsproject begint met een goed idee. Dit idee moet logischerwijs passen binnen de thema’s waar het NGF in wil investeren. Vaak gaat het om ideeën die al langer leven, maar nooit echt van de grond zijn gekomen. Bijvoorbeeld doordat niemand de regie nam bij de doorontwikkeling of er geen betrokkenheid bij de juiste partijen was. U kunt het NGF als stok achter de deur gebruiken om aan dat goede idee handen en voeten te geven en dit idee door te ontwikkelen.
Om tot een aanvraag te komen moet u tijdig de juiste stappen zetten. U moet het met uw partners eens zijn over de gezamenlijke strategie, doelstellingen en resultaten. Er moet een concreet en uitvoerbaar plan van aanpak komen (inclusief solide business case, realistische mijlpalen en planning). Verder moeten de rollen, taken en verantwoordelijkheden binnen de samenwerking duidelijk zijn (governance). Uit uw plan moet blijken waarom juist deze partijen gaan samenwerken om een maatschappelijk of technologisch doel te bereiken en hoe dat bij gaat dragen aan een beter Nederland. Het NGF wil zien hoe u de projectresultaten maatschappelijk gaat toepassen, mede door het betrekken van het (internationale) bedrijfsleven. Tevens moet op hoofdlijnen duidelijk zijn dat het groeifondsgeld past binnen de regels van staatssteun.
Na de toekenning door het NGF begint het echte werk pas. Onze ervaring is dat deze fase enige tijd kan duren en een uitdagende fase in het project kan zijn.
De partijen moeten hun samenwerking nu echt laten werken. Dat kan betekenen dat er een centrale rechtspersoon moet worden aangewezen die als penvoerder naar het NGF gaat fungeren. De afspraken tussen de samenwerkende partijen moeten in een overeenkomst komen te staan. Daarin moet u regelen hoe het consortium gaat sturen om de doelstellingen tijdig te behalen, hoe de partijen het geld onderling gaan verdelen (bijvoorbeeld via een op te zetten financierings- of subsidieregeling), hoe partijen omgaan met intellectueel eigendom en wat de partijen doen als er geschillen zijn. Ook moet de penvoerder zorgen voor een uitgewerkte staatssteuntoets (en mogelijke melding bij de Europese Commissie) en voor een goede administratie en monitoring.
En vergeet de fiscale aspecten niet. Bij de uitvoering van een groeifondsproject ontstaan diverse geldstromen waar fiscale gevolgen aan verbonden kunnen zijn, bijvoorbeeld de heffing van btw. Wij hebben andere projecten gezien waarbij achteraf bleek dat uit het totale toegekende budget 21 procent btw moest worden voldaan. Als daar in de begroting onvoldoende rekening mee is gehouden, betekent dit dat mogelijk de doelstellingen niet (volledig) kunnen worden gehaald.
Daarom is het beter vooraf de fiscale gevolgen goed in kaart te hebben en bij het vormgeven van de afspraken onnodige btw-druk te voorkomen. Drie belangrijke aandachtspunten hierbij zijn:
Sander van Veldhuizen
Partner en sectorvoorzitter Onderwijs, PwC Netherlands
Tel: +31 (0)63 419 05 25