Solvency II-benchmark

Nederlandse verzekeraars lopen voorop in de onderbouwing van LAC DT

Dutch insurers lead the way in LAC DT substantiation
  • 01 jun 2026

Nederlandse verzekeraars behoren, samen met Italiaanse verzekeraars, tot de Europese koplopers in de onderbouwing van de Loss-Absorbing Capacity of Deferred Taxes (LAC DT). Dat blijkt uit een nieuwe PwC-benchmarkstudie naar zes Europese Solvency II-markten. Tegelijkertijd laat de studie zien dat Nederlandse verzekeraars hun LAC DT-positie moeten onderbouwen vanuit een complexere uitgangspositie dan veel Europese peers. 

Binnen Solvency II speelt LAC DT een belangrijke rol in het kapitaalbeheer van verzekeraars. LAC DT verlaagt het vereiste solvabiliteitskapitaal, omdat toekomstige belastingvoordelen kunnen worden meegenomen in de SCR-berekening. In de onderzochte markten bedraagt deze vermindering gemiddeld tussen de 8 en 18 procent van de bruto SCR. 

Vier bepalende factoren 

De benchmark vergelijkt LAC DT-praktijken van grote verzekeraars in Nederland, België, Duitsland, Luxemburg, Frankrijk en Italië, op basis van publiek beschikbare SFCR-rapportages over 2022 tot en met 2024. Daarnaast heeft PwC onderzocht hoe lokale belastingregels, verwachtingen van toezichthouders, governance en internationale organisatiestructuren de verschillen tussen landen beïnvloeden. 

De studie identificeert vier factoren die bepalen in welke mate verzekeraars LAC DT kunnen benutten: 

  • de volwassenheid van modellering en governance; 
  • verwachtingen van toezichthouders; 
  • nationale fiscale regelgeving; 
  • de complexiteit van grensoverschrijdende vaste inrichting structuren. 

LAC DT blijft een belangrijke maatstaf voor kapitaalbeheer 

Uit de benchmark blijkt dat Nederland en Italië relatief hoge niveaus van LAC DT-onderbouwing realiseren. Nederlandse verzekeraars benutten gemiddeld 66 procent van hun maximale LAC DT-capaciteit, terwijl Italië uitkomt op 74 procent. Duitsland, Frankrijk, België en Luxemburg blijven daarbij achter. 

De geconstateerde verschillen zijn niet alleen toe te schrijven aan uiteenlopende niveaus van volwassenheid van de LAC DT modellen, maar worden ook beïnvloed door verschillen in nationale belastingregimes, de beschikbaarheid van LAC TP en de intensiteit van toezicht door de lokale centrale banken. 

Nederlandse verzekeraars kennen moeilijker uitgangspunt 

Een belangrijk verschil met andere landen zit in de Nederlandse belastingregels. Nederlandse levensverzekeraars hebben in 2022-2024 netto actieve belastinglatenties (DTA’s) op hun balans staan. Daardoor kunnen zij minder gebruikmaken van ongerealiseerde fiscale winsten voor de onderbouwing van de LAC DT dan verzekeraars in landen als Duitsland en Italië, waar netto passieve belastinglatenties (DTL’s) vaker voorkomen. 

Dat onderscheid is relevant. Verzekeraars met een netto DTL-positie beschikken al over ingebedde fiscale winsten om LAC DT te onderbouwen. Nederlandse verzekeraars zijn daarentegen veel sterker afhankelijk van verwachte toekomstige fiscale winsten en gedetailleerde bewijsvoering. 

Dit is een van de redenen waarom Nederlandse verzekeraars de afgelopen jaren fors hebben geïnvesteerd in modellering, governance en documentatie. Bij veel grote Nederlandse verzekeraars is LAC DT inmiddels volledig geïntegreerd in hun kapitaalstrategie, kwartaalafsluitingen en tweede-lijnscontrole. 

Strenger toezicht legt de lat hoger 

De benchmark laat ook zien dat strenger toezicht niet automatisch leidt tot lagere LAC DT-onderbouwing. Integendeel: markten met intensieve toezichtcontroles hebben vaak beter ontwikkelde LAC DT-modellen. 

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft de afgelopen jaren uitgebreide richtlijnen gepubliceerd over uitgestelde belastingen en LAC DT. De toezichthouder richt zich sterk op de kwaliteit van toekomstige winstprojecties, prudentie in aannames en de onderbouwing van managementacties. Daarnaast verlangt DNB expliciete haircuts op toekomstige winstbronnen om onzekerheid na een stressscenario te weerspiegelen. 

Dat verhoogt de bewijslast voor verzekeraars, maar stimuleert tegelijkertijd de ontwikkeling van volwassen governance- en modelleringsframeworks. 

De studie signaleert ook een spanningsveld. Verzekeraars investeren fors om aan de huidige verwachtingen te voldoen, terwijl toezichtkaders en richtlijnen blijven doorontwikkelen. Dit zorgt voor onzekerheid over de houdbaarheid van bestaande methodieken en aannames. 

Verder kijken dan percentages 

Een belangrijke conclusie uit de benchmark is dat verzekeraars hun LAC DT-positie niet uitsluitend moeten vergelijken op basis van percentages. 

Een relatief hoge LAC DT-ratio in een jurisdictie met grote netto DTL-posities vraagt vaak minder complexe onderbouwing dan een vergelijkbare ratio in Nederland. Daardoor zeggen de kwaliteit van modellering, aannames en governance vaak meer dan het uiteindelijke percentage zelf. 

De studie laat daarnaast zien dat grensoverschrijdende vaste inrichting structuren de onderbouwing van LAC DT complexer maken. Verzekeraars die via Europese branches opereren, moeten Solvency II-stressscenario’s verdelen over meerdere fiscale jurisdicties. Dit vraagt om aanvullende modellering en fiscale analyses. 

Investeren in modellering blijft essentieel 

De benchmark laat verder zien dat investeringen in volwassen LAC DT-modellen belangrijk blijven, ook voor verzekeraars die vandaag al over ruime DTL-posities beschikken. Veranderingen in markten, regelgeving of portefeuilles kunnen die fiscale ruimte snel beïnvloeden. 

Robuuste modellering helpt verzekeraars om alternatieve winstbronnen te identificeren en de stabiliteit van hun solvabiliteitspositie te vergroten. Dat wordt steeds belangrijker nu toezichthouders meer nadruk leggen op bewijsvoering, governance en consistentie van aannames. 

Wij ondersteunen verzekeraars bij het versterken van hun LAC DT-governance en modellering, zodat zij hun kapitaalpositie beter kunnen sturen en toezichtuitdagingen effectief kunnen beheersen. 

Download de volledige benchmarkstudie

Of neem contact op met een PwC-expert voor een LAC DT-scan of benchmarkgesprek.

(PDF of 1.72MB)

Contact ons

Job Hoefnagel
Job Hoefnagel

Partner, PwC Netherlands

Tim de Bruijn
Tim de Bruijn

Senior Manager, PwC Netherlands

Volg ons