Op 17 mei 2023 heeft de Europese Commissie haar voorstel gepubliceerd om de douane-inrichting van de Europese Unie te hervormen. Dit is de meest ambitieuze en uitgebreide hervorming van de Europese douane-unie sinds de oprichting in 1968. De Europese Commissie heeft daarbij vooral de focus gelegd op drie belangrijke ambities:
Deze ambities worden ondersteund door een volledige herziening van het douanewetboek van de Unie (DWU) en bijbehorende bepalingen over de manier waarop de Europese douane-unie in de toekomst zal functioneren.
De belangrijkste structurele updates zijn:
Sinds de publicatie van het voorstel hebben zowel de Raad van de EU als het Europees Parlement hun standpunten over het voorstel kenbaar gemaakt. Na de trilogen is uiteindelijk op 26 maart 2026 een politiek akkoord bereikt tussen de Raad van de EU en het Europees Parlement.
De definitieve tekst wacht nu op formele goedkeuring door zowel de Raad van de EU als het Europees Parlement en zal naar verwachting in het vierde kwartaal van 2026 in het Publicatieblad worden gepubliceerd.
Vanwege de groeiende zorgen over e-commercezendingen, met name het toenemende aantal niet-conforme producten dat de EU binnenkomt en de onderwaardering van goederen om onder de drempel van 150 euro voor de vrijstelling voor zendingen met een lage waarde te blijven, is deze vrijstelling per 1 juli 2026 afgeschaft. De vrijstelling is vervangen door een tijdelijk douanerecht van 3 euro per item voor e-commercezendingen met een waarde tot 150 euro.
Om bulkimport van goederen verder te stimuleren, zodat douaneautoriteiten controles efficiënter kunnen uitvoeren en de naleving van EU-productveiligheidseisen kunnen verifiëren, is de EU daarnaast voornemens om per 1 november 2026 een handling fee voor e-commercezendingen in te voeren. Deze vergoeding zal naar verwachting 2 euro per item bedragen.
PwC beschikt over een toegewijd team van douanespecialisten, die over uitgebreide kennis en ervaring beschikken op het gebied van de juridische, technische en operationele aspecten van douane. Daarom zijn we door de Europese Commissie geselecteerd om hen te assisteren bij de ontwikkeling van het voorstel (via de studie "An integrated and innovative review of the EU rules governing e-commerce transactions from third countries from a customs and tax perspective", zoals naar verwezen in het voorstel).
Mede hierdoor hebben we een zeer diepgaand begrip van de achtergrond en intentie van het voorstel. Dit plaatst ons in een uiterst gunstige positie om de implicaties van de EU Douanehervorming voor het bedrijfsleven te beoordelen en te helpen bij het nemen van de juiste maatregelen om te voldoen aan de voorgestelde wetgeving, evenals om de kansen die het biedt te benutten.
Natuurlijk doen we dit in samenwerking met ons netwerk van experts op andere gebieden, zoals BTW, Transfer Pricing, digitalisering, duurzaamheid en veiligheid, die cross-sectorale en multidisciplinaire perspectieven kunnen bieden op de douaneproblematiek.
Naast de voorgestelde structurele veranderingen zoals hierboven beschreven, zijn er een aantal belangrijke juridische veranderingen voorgesteld die de manier waarop bedrijven omgaan met douaneprocessen kunnen veranderen:
Voortkomend uit de ambitie om een modernere aanpak van e-commerce te hebben, heeft de Commissie bepaald dat de huidige vrijstelling van douanerechten, bekend als de vrijstelling voor zendingen met een lage waarde, die van toepassing is op specifieke goederen (uitgezonderd zijn tabak, alcohol en parfum of toiletwater) met een intrinsieke waarde van niet meer dan 150 euro, moet worden verwijderd per 1 juli 2026.
Vanaf deze datum tot het moment waarop de EU Customs Data Hub voor e-commerce live gaat (naar verwachting juli 2028), zal een tijdelijk douanerecht van 3 euro per item van toepassing zijn op zendingen met een intrinsieke waarde van niet meer dan 150 euro.
Dit nieuwe concept zal bepaalde 'leveranciers' en 'platforms' verantwoordelijk houden voor het voltooien van de douaneformaliteiten met betrekking tot de invoer van e-commerce goederen. De toevoeging van deze nieuwe partij binnen de douanewetgeving sluit nauw aan bij de huidige btw-regels rondom de 'gelijkgestelde leverancier' bepaling die van toepassing is op elektronische interfaces.
Echter, de invoering van de gelijkgestelde importeur zal een groter aantal leveranciers treffen dan de overeenkomstige btw-bepalingen en zal niet beperkt zijn tot alleen elektronische interfaces die de levering van goederen faciliteren.
In feite zullen alle leveranciers die betrokken zijn bij de afstandsverkopen van goederen, inclusief zowel platforms als niet-platform online retailers, worden beschouwd als een gelijkgestelde importeur en moeten voldoen aan de bijbehorende verplichtingen.
Binnen het huidige DWU en alle eerdere douanewetgeving is er geen definitie van 'importeur'. Historisch gezien waren de verplichtingen verbonden aan een meer amorfe 'aangever' en zijn vertegenwoordiger. Echter, de herziening van het DWU zal nu een duidelijke definitie van een importeur geven en stelt dat deze gevestigd moet zijn in de EU en de bevoegdheid moet hebben om te bepalen dat de goederen in de EU worden gebracht. Dit creëert meer duidelijkheid over de verantwoordelijkheid voor douaneschulden en compliance verplichtingen.
Er is een verduidelijking met betrekking tot de verantwoordelijkheden van indirect vertegenwoordigers. Momenteel zijn indirect vertegenwoordigers hoofdelijk aansprakelijk voor een douaneschuld. Echter, deze verantwoordelijkheid wordt nu uitgebreid en indirect vertegenwoordigers zullen verplicht zijn om alle compliance verplichtingen die een importeur of exporteur heeft in de EU op zich te nemen en zullen in de praktijk als de importeur of exporteur in hun eigen recht worden beschouwd.
Hoewel indirect vertegenwoordigers in de praktijk verplicht waren om aan alle aspecten van de douanewetgeving te voldoen, zal dit nu duidelijk worden vastgelegd. Als zodanig zal de rol van een indirecte vertegenwoordiger nu duidelijker gedefinieerde verantwoordelijkheden dragen (inclusief mogelijke straffen voor niet naleven van de wetgeving).
De introductie van een nieuwe Trust & Check ondernemer status zal beschikbaar worden gesteld aan betrouwbare ondernemers en zal een ‘green lane’ bieden voor douane-inklaring zonder formele douane-interventie, mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.
In afwijking van AEO moeten Trust & Check ondernemers gedurende ten minste 2 jaar voorafgaand aan de aanvraag regelmatig douaneactiviteiten hebben verricht in het kader van hun bedrijfsvoering. Daarnaast moeten dergelijke ondernemers beschikken over een elektronisch systeem dat de douaneautoriteiten zo dicht bij realtime als technisch mogelijk gegevens verstrekt of beschikbaar stelt over de goederenbewegingen.
De voorgestelde herziening van het DWU is een belangrijke stap in de richting van modernisering van de Europese douane-unie, waarbij rekening wordt gehouden met ontwikkelingen op het gebied van data-analyse en e-commerce en een consistentere, gestroomlijnde douane-ervaring wordt gecreëerd. Alle partijen die betrokken zijn bij invoer in de EU moeten daarom beoordelen welke gevolgen de voorgestelde wijzigingen voor hen hebben. Enkele belangrijke aandachtspunten zijn:
Een belangrijk punt binnen de implementatietijdlijn zal de publicatie zijn van de Uitvoerings- en Gedelegeerde Verordening die de gedetailleerde stappen zullen bevatten over hoe de nieuwe voorstellen zullen worden geïmplementeerd. Verwacht wordt dat deze wetgevende teksten op zijn vroegst in 2027 zullen worden gepubliceerd. Verder moeten de volgende belangrijke tijdlijnen worden opgemerkt met betrekking tot het voorgestelde nieuwe DWU:
Suzanne Bras
Senior Manager Customs & International Trade, PwC Netherlands
Tel: +31 (0)65 395 86 76