PwC heeft de waarde van data bepaald aan de hand van de kosten van arbeid en andere input die nodig is om in verschillende beroepen data te verzamelen, op te slaan in databases en om inzichten uit die data te genereren. Die optelsom van ruwe data, databases en datascience noemen we de totale waarde van dataproducten. Baarsma: 'Data worden niet verhandeld als een tastbaar product, maar zitten ingebed in processen, systemen en diensten. De waarde van data is niet zo concreet als een product met een marktprijs. Maar de onderzoeksuitkomst dat ongeveer een tiende van de hele Nederlandse economie draait op data, maakt die waarde tastbaar en inzichtelijk'.
Nederland heeft tussen 2013 en 2024 voor zo'n 466 miljard euro aan kapitaal in dataproducten opgebouwd. 'Dat laat zien dat data, net als gebouwen of machines, kapitaalgoederen of "assets" zijn die opstapelen. Nederland heeft naast wegen, bruggen en dijken ook een grootschalige digitale data-infrastructuur opgebouwd', aldus Baarsma.
Ons rapport laat zien dat er in Nederland een verschuiving plaatsvindt van het verzamelen en organiseren van data in databases, naar het genereren van inzichten uit data (met datascience). Investeringen in datascience groeiden (gecorrigeerd voor inflatie) van 17,4 miljard euro in 2013 naar 32,2 miljard euro in 2024. Dat is een stijging van 86 procent. Baarsma: 'Dit laat zien dat de waardecreatie steeds meer beweegt van het verzamelen en opslaan van data naar het analyseren en slim toepassen van data. Deze datagedreven manier van werken past bij de overgang van een kennis- naar een intelligentie-economie'.
'Er zijn nog steeds organisaties die denken dat ook ze datagedreven werken omdat ze gegevens verzamelen. Maar ons onderzoek laat zien dat de echte waarde pas ontstaan als data worden geanalyseerd en omgezet in inzichten. Dat kan maar tot één conclusie leiden: verschuif je aandacht van het bezit van data naar het halen van waarde uit die data.'
In absolute bedragen investeerde de zorg- en welzijnsector in 2024 het meest in dataproducten, namelijk 19,5 miljard euro. De zorgsector wordt vaak geassocieerd met personeelstekorten en bezuinigingen, niet met data-investeringen. Toch gaat er in de zorg enorm veel geld naar dataverzameling (denk aan patiëntdossiers, diagnosegegevens, behandelregistraties), voortvloeiend uit haar wettelijke taak.
Als we echter kijken naar de data-investeringen per fte (de data-intensiteit), 'scoren' de sectoren financiële dienstverlening en vastgoed en informatie en communicatie het hoogst. Data-intensiteit geeft aan in welke mate data verweven zijn met het dagelijkse werk. Sectoren met een hoge data-intensiteit investeren relatief meer in datascience. Een sector als zorg en welzijn investeert het meest in dataverzameling en databases. Baarsma: 'De publieke sector slaat data op omdat het moet, de private sector omdat hij het wil. Ondernemingen zijn meer gericht op het waarde halen uit data dan publieke organisaties. Dat wil niet zeggen dat het niet anders kan in de publieke sector. Ook de zorg zou datakapitaal kunnen verzilveren door data veel breder in te zetten voor hogere kwaliteit en arbeidsproductiviteit'.
Veronique Roos-Emonds, lid van de raad van bestuur van PwC Nederland, ziet ook een kans voor organisaties om meer waarde uit data te halen. ‘Data vormen de basis van besluitvorming in organisaties. Voor bedrijven is daarom de belangrijkste vraag niet langer óf data waarde hebben, maar hoe zij die waarde structureel kunnen benutten. Dat begint bij inzicht in de eigen dataketen: waar worden data verzameld, waar blijft waarde liggen en welke schakels moeten worden versterkt? De uitkomsten van dit onderzoek bieden bestuurders concrete handvatten om de waarde en voorspellende inzichten uit data beter te benutten.’
Een van de conclusies in ons rapport is dat dataproducten een steeds grotere waarde voor de economie vertegenwoordigen. Om die waarde nog verder te vergroten, doen we enkele aanbevelingen aan de politiek en organisaties:
Uit ons rapport blijkt een verband tussen investeringen in data en economische groei. Eén procent meer data-intensiteit (dus uitgaven per fte) hangt samen met 0,13 procentpunt hogere economische groei in het jaar erna. Baarsma: 'Data-investeringen zijn misschien een kostenpost voor een bedrijf of instelling, maar op macro-economische niveau genereren die investeringen toekomstige economische groei. Dit maakt data-investeringen vergelijkbaar met investeringen in infrastructuur of onderwijs: het zijn investeringen in de toekomst'.
In data‑intensieve functies zijn grote personeelstekorten. Beroepen zoals ICT‑specialisten, ingenieurs en businessanalisten zijn schaars, terwijl zij de meeste datawaarde opleveren. Baarsma: 'Het rapport laat zien dat het oplossen van deze tekorten substantieel meer waarde kan vrijmaken voor de Nederlandse economie. Het is een duidelijk signaal aan de politiek: investeer in opleiding en arbeidsmarktbeleid, anders laten we miljarden liggen'.
AI maakt het voor veel meer mensen mogelijk om met data te werken. Het gebruik van AI verlaagt de drempel voor bijvoorbeeld leraren, beleidsmedewerkers en mensen in commerciële functies om inzichten uit data te halen. In data-intensieve beroepen betekent de inzet van AI dat mensen nog meer en sneller waarde uit data kunnen halen. Ons rapport laat zien dat een toename van het gebruik van AI met zeven procent samenhangt met een stijging van de dataproductintensiteit per werknemer van 0,38 procent.
Barbara Baarsma: 'Datagerelateerde kennis en vaardigheden zijn geen niche meer, maar een basisvereiste op de arbeidsmarkt van vandaag en morgen. 54 procent van alle beroepen besteedt al minimaal tien procent van de werktijd aan datagerelateerde taken. Datavaardigheden zijn dus al lang niet meer alleen relevant voor ICT-specialisten. Wie zijn positie wil behouden op de arbeidsmarkt, moet investeren in kennis over data en de toepassing daarvan. Het is een verantwoordelijkheid van bedrijven om dat te faciliteren, maar ook een verantwoordelijkheid van de individuele werknemer om dat op te pakken. Ook de overheid heeft een rol: investeer in opleiding en arbeidsmarktbeleid en faciliteer een meer datagedreven economie, anders laten we in de toekomst miljarden liggen'.
How data is reshaping the Dutch economy
Van data naar meetbare impact
Hoofdeconoom, PwC Netherlands
Barbara is hoofdeconoom van PwC Nederland en geeft in deze rol leiding aan het economisch bureau van PwC. Sinds 2009 is zij hoogleraar Toegepaste Economie aan de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast vervult zij verschillende maatschappelijke nevenfuncties.
+31 (0)62 420 47 07
Partner, Raad van Bestuur, PwC Netherlands
Sinds 1 juli 2022 ben ik lid van de raad van bestuur van PwC Nederland. Een rol die ik ontzettend eervol vind en met trots heb aanvaard.
Amsterdam