Die bredere roep om transparantie krijgt onder andere een concrete governance-invulling met de introductie van de Verklaring Omtrent Risicobeheersing (VOR) als onderdeel van de Corporate Governance Code in 2025. Daaruit volgt de verwachting dat ondernemingen transparant zijn over de interne risicobeheersings- en controlesystemen waarover zij beschikken en dat het bestuur verantwoording aflegt over de voornaamste risico’s waarmee ondernemingen worden geconfronteerd. In het huidige geopolitieke klimaat staat het buiten kijf dat dergelijke risico’s steeds vaker het gevolg zijn van internationale spanningen. Waar ondernemingen jarenlang konden bouwen op een stabiele en open wereldorde, zijn zij nu kwetsbaarder dan ooit als drukmiddel dan wel bijvangst voor strategische machtsmiddelen van landen: bij geopolitieke spanningen komen hun marges onder druk te staan en soms zijn zij zelf het doelwit van diplomatieke druk. Daarnaast kan de impact verder reiken dan de onderneming zelf, wat de vraag vanuit de samenleving om inzicht in geopolitieke risico’s bij ondernemingen verder aandrijft. Denk aan vitale maatschappelijke processen als het betalingsverkeer, de bevoorrading van supermarkten of de dataveiligheid, die door geopolitieke spanningen bedreigd kunnen worden.
Nu is het niet zo dat bedrijven stilstaan: uit jaarverslagen in de databases van PwC blijkt dat vijf jaar geleden ‘geopolitiek’ in ruwweg zeven procent van de jaarverslagen voorkwam; in 2024 was dat opgelopen tot bijna veertig procent. Verder blijkt uit Eumedions evaluatie van het afgelopen AVA-seizoen dat verslaggeving over geopolitieke en macro-economische risico’s inmiddels breed is ingebed en steeds vaker wordt gekoppeld aan weerbaarheid, bedrijfscontinuïteit en cybersecurity. Tegelijkertijd blijft de mate van concretisering verschillen: niet elke onderneming maakt al duidelijk hoe deze risico’s zijn vertaald naar scenario’s, beheersmaatregelen en kwantitatieve impact.
Ook is er met de identificatie van geopolitieke risico’s nog veel te winnen: uit een serie van vier interviews met accountants van grote ondernemingen blijkt dat geopolitiek de facto een belangrijk onderwerp is waar ondernemingen zich toe moeten verhouden, maar dat impact en zichtbaarheid sterk verschillen per businessmodel. Hoewel geopolitiek steeds vaker onderdeel is van het risicoassessment, verschilt de kwaliteit en diepgang daarvan. Daarbij is er nog geen uniformiteit in hoe de verschillende bedrijven deze risico’s in kaart brengen, laat staan hoe ze mitigerende maatregelen treffen, en ontbreekt het nog aan kwantificering van de risico’s.
Op de achtergrond speelt ook dat een minderheid van de ondernemingen beschikt over de geopolitieke kennis om deze risico’s goed te adresseren. Zo beschikt volgens de European Corporate Governance Barometer slechts één op de vijf boardrooms van STOXX 600-ondernemingen over een directielid met 'formele geopolitieke kennis' – in dit kader te beschouwen als wetenschappelijk kennis – en in sommige gevallen loopt de externe verslaggeving achter op de interne risicoanalyse.
Geopolitiek vraagt om meer dan een passage in het bestuursverslag. Het vraagt om bestuurlijke scherpte: welke scenario’s zijn relevant, waar raken zij de onderneming en welke afhankelijkheden kunnen onder druk komen te staan? Door geopolitiek expliciet onderdeel te maken van het risico-assessment krijgen bestuurders beter zicht op de weerbaarheid van hun organisatie, kunnen zij tijdig mitigerende maatregelen treffen en kunnen zij stakeholders consistenter transparantie bieden over geopolitieke uitdagingen. Daarnaast kunnen ondernemingen uit een dergelijke analyse hun eigen geopolitieke ‘vingerafdruk’ in kaart brengen, namelijk het totaalbeeld van gevoelige afhankelijkheden, dreigingen en kansen. Geopolitiek heeft voor elke onderneming een uniek profiel en alle handelingen om met geopolitiek om te gaan moeten dit profiel reflecteren.
De accountant speelt hierbij een belangrijke rol: naast het doorvertalen van de geopolitieke risico’s naar de jaarrekeningcontrole, kan de accountant optreden als sparringpartner door het bestuur uit te dagen op de vraag of geopolitieke risico’s voldoende concreet zijn geïdentificeerd, gewogen en vertaald naar beheersmaatregelen. Daarbij gaat het, zoals hoogleraar Marcel Pfeiffer eerder in het FD stelde, niet om volledige assurance over alle geopolitieke ontwikkelingen. Wel gaat het om het afdwingen van concreet en aantoonbaar inzicht in de impact ervan op de onderneming. Juist daar ligt de waarde van de accountant: als kritische sparringpartner die helpt voorkomen dat geopolitiek een abstract containerbegrip blijft en bevordert dat het wordt vertaald naar transparante verantwoording. Bovendien kan de accountant bijdragen aan de uniformiteit van het omgaan met geopolitiek risico’s in de verantwoording door de brede blik en marktkennis, wat transparantie richting stakeholders weer ten goede komt.
De geopolitieke realiteit vraagt om een fundamentele verschuiving in hoe ondernemingen risico's benaderen. Waar geopolitiek lange tijd gold als een abstract risico op de achtergrond, is het nu doorgedrongen tot de kern van de strategische agenda. Een unieke geopolitieke 'vingerafdruk' die inzicht biedt in zowel kwetsbaarheden als weerbaarheid, biedt een basis voor risicomanagement en transparante verslaggeving.