Fiscale mogelijkheden

Op 12 maart 2020 en op 17 maart 2020 heeft de overheid diverse crisismaatregelen in verband met de corona-epidemie aangekondigd. Zo kunnen werkgevers een beroep doen op de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud in verband met het coronavirus, zoals op 31 maart 2020 uitgewerkt. Ook kunnen getroffen ondernemers uitstel van betaling krijgen voor inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting en loonbelasting. Verder is het streven om per eind maart 2020 de Borgstelling mkb-kredietenregeling (BMKB) te verruimen.

Uitstel van betaling belasting

Iedere ondernemer kan schriftelijk of via een online formulier op de website van de Belastingdienst voor zijn of haar onderneming uitstel van betaling aanvragen voor inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting, omzetbelasting en loonheffingen. Een verzoek om maximaal drie maanden uitstel wordt automatisch toegekend. De overheid onderstreept dat de maatregel bedoeld is voor ondernemers die in liquiditeitsproblemen komen als gevolg van de coronacrisis. Voor uitstel langer dan drie maanden is aanvullende informatie nodig om te beoordelen of de financiële problemen hoofdzakelijk zijn veroorzaakt door de coronacrisis. Mogelijk is daar dan ook een verklaring van een derde deskundige bij vereist. Deze informatie en de eventuele verklaring mogen later worden toegestuurd.

In feite heeft de degene die het verzoek indient de drie maanden die automatisch als uitstel wordt toegekend, om deze informatie te verstrekken. Het kabinet onderzoekt nu welke informatie nodig is en hoe deze zo eenvoudig mogelijk kan worden aangeleverd. Het doel daarbij is de administratieve lasten voor ondernemers zo veel mogelijk te beperken.

Bij ontvangst van een verzoek om uitstel van betaling worden invorderingsmaatregelen door de Belastingdienst direct stopgezet en eventuele verzuimboetes voor te late betaling blijven achterwege of worden achteraf automatisch door de Belastingdienst teruggedraaid. Wanneer eventuele boetes in dit verband worden teruggedraaid is nog onduidelijk, maar u hoeft daar volgens de Belastingdienst zelf geen actie voor te ondernemen.

De behandeling van verzoeken om uitstel moet handmatig plaatsvinden, zodat behandeltijden bij veel verzoeken kunnen oplopen. Individuele beoordeling van het verzoek vindt dan ook later plaats. Verder blijven de gebruikelijke vereisten voor het verlenen van uitstel gelden. Denk daarbij ook aan het melden van betalingsonmacht om daarmee ook bestuurdersaansprakelijkheid te beperken. Deze melding betalingsonmacht kan overigens ook gevolgen hebben voor uw financiering als u daar afspraken over hebt gemaakt met uw financier. Let op: het indienen van een verzoek om uitstel van betaling ontslaat de belastingplichtige niet van het tijdig indienen van de aangifte.

Daarnaast betalen ondernemers nu belasting op basis van een voorlopige aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting. Ondernemers die een lagere winst verwachten door de coronacrisis, kunnen een verzoek indienen voor een verlaging van de voorlopige aanslag, zodat ze meteen minder belasting gaan betalen. Deze verzoeken zullen door de Belastingdienst worden ingewilligd.

Bij structurele betalingsproblemen gelden andere regels. Uitstel van betaling is dan ook mogelijk. In beginsel zal dan volledige zekerheid worden gevraagd door de Belastingdienst. Let op dat in geval van serieuze betalingsproblemen naast uitstel van betaling ook een melding van betalingsonmacht dient te worden gedaan om bestuurdersaansprakelijkheid te beperken.


Afhankelijk van de mogelijke ernst van uw situatie en de mate waarin uw problemen samenhangen met het coronavirus kunt u dus overwegen of het zinvol is contact op te nemen met de Belastingdienst om onderbouwd een specifieke betalingsregeling te treffen.

Een punt om ook in de gaten te houden is dat diverse landen fiscale stimuleringsmaatregelen treffen die van toepassing kunnen zijn op uw industrie of sector.

Borgstelling mkb-kredieten

De overheid streeft ernaar om per eind maart 2020 met een tijdelijke verruiming van de BMKB-regeling de risico’s van de corona-epidemie te mitigeren, zodat bedrijven met een gezond toekomstperspectief gefinancierd kunnen blijven. De BMKB is bestemd voor ondernemingen met maximaal 250 werknemers (fte) met een jaaromzet tot vijftig miljoen euro of een balanstotaal tot 43 miljoen euro.

De bedrijven die als gevolg van het coronavirus in liquiditeitsproblemen komen, kunnen tijdelijk rekenen op extra gunstige voorwaarden onder de BMKB. Er komt een nieuwe tijdelijke maatregel die voor de brede doelgroep mkb-bedrijven geldig is tot 1 april 2021. Onder deze tijdelijke maatregel worden financieringen met een verhoogd borgstellingskrediet van vijftig naar 75 procent mogelijk voor (in de kern gezonde) mkb-bedrijven. Hiermee biedt de overheid een hoger garantieaandeel aan in de BMKB. Deze maatregel is bestemd voor overbruggingskrediet of verhoging rekening courant-krediet van bedrijven bij een financier, met een maximale looptijd van een jaar. Ook komt een versoepeling van een aantal overige voorwaarden in de BMKB. Dit helpt bedrijven om aan hun dagelijkse betaalverplichtingen te kunnen blijven voldoen.

Tijdelijke, versoepelde regeling voor zzp’ers

Het kabinet stelt een tijdelijke, versoepelde regeling (Tozo) in om zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers, te ondersteunen zodat zij hun bedrijf kunnen voortzetten. De regeling wordt uitgevoerd door gemeenten. Zelfstandigen kunnen voor een periode van drie maanden, via een versnelde procedure, aanvullende inkomensondersteuning krijgen voor levensonderhoud. Deze vult het inkomen aan tot het sociaal minimum en hoeft niet te worden terugbetaald. Er is in deze tijdelijke bijstandsregeling voor zelfstandig ondernemers geen sprake van een vermogens- of partnertoets en ook geen toets op levensvatbaarheid. Om gebruik te kunnen maken van de Tozo moet een zelfstandige voldoen aan het urencriterium en voor de aankondiging van deze regeling op 17 maart 2020 al actief zijn  (inclusief inschrijving bij Kamer van Koophandel). Ondersteuning volgens deze tijdelijke regeling is ook mogelijk in de vorm van een lening voor bedrijfskapitaal tot maximaal 10.157 euro, tegen een verlaagd rentepercentage. Er kan samenloop zijn met de compensatieregeling getroffen sectoren, de tegemoetkoming van vierduizend euro. Deze vierduizend euro wordt niet verrekend met de uitkering.

Planning btw en douane

Planning btw en douane

Btw

Annuleringen, prijsverminderingen en btw 

Het aanpassen van de vergoeding (wegens annulering of prijsvermindering via bijvoorbeeld creditnota’s) kan leiden tot aanpassingen in de bedragen aan af te dragen en te vorderen btw. Dit geldt ook voor eventuele afkoopsommen of schadevergoedingen. Het is van belang dat u de btw-gevolgen nauwkeurig bepaalt om btw-risico’s te voorkomen.

Betalingsmoeilijkheden btw

Facturen met btw die later worden betaald door afnemers, leiden normaal gesproken niet tot uitstel van betaling van deze btw aan de Belastingdienst. De factuurdatum is namelijk bepalend voor de btw-afdracht en niet het moment van betaling door de klant.

Voor het verbeteren van uw liquiditeitspositie kunt u ook denken aan de verrekeningsmogelijkheid van te betalen loonbelasting met te vorderen btw, het aanpassen van het btw-aangiftetijdvak in maand of kwartaal afhankelijk of er een te vorderen of te betalen positie is, het optimaliseren van de timing van het versturen van facturen en het indienen van teruggaafverzoeken voor btw begrepen in oninbare debiteuren. 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jochem Kijftenbelt.

Douane

De logistieke keten kan hinder ondervinden door de corona-epidemie. Zowel bij de verzending als bij de aankomst is vertraging mogelijk. Spreiding van de logistiek kan een deel van deze problemen wegnemen. Voorzover bestaande douaneplanning door verspreiding van de logistiek over diverse havens moet worden aangepast, is overleg met de douaneautoriteiten of adviseurs over de douanetechnische gevolgen van groot belang. 

Voor de afwikkeling van douaneregelingen of douanevergunningen gelden vaak termijnen. Door een beperkte beschikbaarheid in de logistiek of door personele problemen op douanekantoren of bedrijven is het mogelijk dat deze termijnen niet worden gehaald. U kunt dan afstemming zoeken met de douaneautoriteiten om de termijnen te verlengen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Claudia Buysing-Damsté.

Meer over btw en douane

 

Jochem Kijftenbelt

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 45 01

E-mailadres

Claudia Buysing Damsté

Partner, Rotterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 38 11

E-mailadres

Winstbelasting

Winstbelasting

Winstbelasting

Naast het aanvragen van uitstel van betaling bestaat ook de mogelijkheid een teruggave te claimen als u verwacht dit jaar een verlies te maken. Voor de verrekening van uw verlies hoeft u namelijk niet te wachten tot uw aangifte is verwerkt: bij het indienen van een voorlopige aangifte kunt u direct verzoeken om een voorlopige verliesverrekening van tachtig procent van het aangegeven verlies. Daarvoor moet de aanslag over het jaar waarmee het verlies wordt verrekend wel al definitief vaststaan.

Vennootschapsbelasting
Mocht 2020 voor uw organisatie dus een verliesjaar worden terwijl 2019 een winstjaar was, dan hebt u de mogelijkheid om dit verlies te verrekenen met uw winsten van 2019, voor zover de verliezen deze winsten niet overstijgen. Dit zou dan een belastingteruggave opleveren. Voor zover het verlies de winsten van het voorgaande boekjaar wel zou overstijgen, kan het verlies nog met de winsten van de zes opvolgende boekjaren worden verrekend.

Inkomstenbelasting
Voor de inkomstenbelasting werkt dit grotendeels hetzelfde, alleen worden verliezen in enig jaar eerst verrekend met winsten uit de drie voorafgaande jaren en vervolgens met winsten van de negen opvolgende jaren.

Vpb-tarief

De vennootschapsbelasting kent twee tarieven: het lage tarief (16,5 procent) voor de eerste 200.000 euro belastbare winst (het zogenoemde opstaptarief), en het hoge tarief (25 procent) voor het meerdere. Hierdoor daalt de effectieve belastingdruk als een bedrijf een lagere belastbare winst realiseert, en stijgt deze als er een hogere winst wordt gerealiseerd. In slechtere tijden betaalt uw organisatie dus werkelijk én relatief minder belasting.

Als u dit jaar minder belastbare winst verwacht maar deze winst net boven de grens van het opstaptarief voor de vennootschapsbelasting dreigt uit te komen, kan het een (klein) liquiditeitsvoordeel opleveren om een investering die gepland stond voor (begin) 2021, nog in 2020 te doen. Als een organisatie minder dan 200.000 euro belastbare winst realiseert, geldt immers het opstaptarief van 16,5 procent.

IB-tarief

Personen die in privé ondernemen (IB-ondernemingen) betalen over hun winsten de progressieve belasting van de inkomstenbelasting (37,35 tot 49,5 procent, zie ook onze fiscale datacard). Door de progressieve tarieven geldt hetzelfde als voor bedrijven/vennootschappen die zijn onderworpen aan vennootschapsbelasting, een lagere belastbare winst leidt tot een lagere effectieve belastingdruk. Minder winst in slechte tijden leidt tot werkelijk én relatief minder belasting.

Verlaging belastingrente en invorderingsrente

Als het bedrag van uw definitieve belastingaanslag hoger is dan dat van uw voorlopige belastingaanslag, bent u over het verschil daartussen belastingrente verschuldigd. De huidige belastingrente voor de vennootschapsbelasting bedraagt acht procent en voor andere belastingen, waaronder de inkomstenbelasting, loonbelasting en omzetbelasting vier procent. De belastingrente wordt vanaf 1 juni 2020 tijdelijk verlaagd naar 0,01 procent en zal gelden voor alle belastingen waarvoor belastingrente geldt. Voor de inkomstenbelasting zal deze verlaging van de belastingrente pas vanaf 1 juli 2020 ingaan.

Als u een aanslag te laat betaalt, bent u nu nog vier procent invorderingsrente verschuldigd vanaf het moment dat de betaaltermijn is verstreken. Het percentage van de invorderingsrente wordt vanaf 23 maart 2020 tijdelijk verlaagd naar 0,01 procent.

De Belastingdienst zal de komende tijd een verzuimboete voor het niet (tijdig) betalen achterwege laten of terugdraaien.

Heffing opslag duurzame energie (ODE)

Het kabinet wil de heffing van de energiebelasting en/of de heffing van opslag duurzame energie (ODE) voor bedrijven in de tweede, derde en vierde belastingschijf tijdelijk uitstellen. Het kabinet onderzoekt hoe dit kan worden vormgegeven. Daarbij is het met name van belang dat het uitstel van betaling voor de belastingplichtige energieleveranciers daadwerkelijk ook leidt tot meer liquiditeit voor de afnemers van elektriciteit en aardgas, zoals in de sierteelt. Het kabinet gaat hierover in gesprek met de energieleveranciers.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Diederik van Dommelen of met Philip Vossenberg.

Meer over belastingen

Diederik van Dommelen

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 39 55

E-mailadres

Philip Vossenberg

Partner, Amsterdam, PwC Netherlands

+31 (0)88 792 41 72

E-mailadres

Contact

Jochem Kijftenbelt

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 45 01

Claudia Buysing Damsté

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 38 11

Diederik van Dommelen

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 39 55

Philip Vossenberg

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 41 72

Volg ons