Opvolgingsplanning voor uw familiebedrijf begint vandaag

28/02/19

Niemand weet wat er eerder komt: de volgende dag of de dood. Toch maken veel ondernemers pas een plan voor bedrijfsopvolging als ze ouder worden. Wie de bedrijfscontinuïteit werkelijk serieus neemt, maakt van de planning voor de opvolging een terugkerend proces dat niet vroeg genoeg kan beginnen.

Door Niels Govers, binnen PwC adviseur voor familiebedrijven, en hoogleraar Inge van Vijfeijken, die leiding geeft aan het Tilburg Institute for Family Business.

De drie broers waren twintigers toen hun vader plotseling overleed. Van de een op de andere dag waren ze verantwoordelijk voor de familieonderneming, zonder dat een van hen leidinggevende ervaring had. Wat verwachten werknemers en klanten van ons? Hoe verdelen we de verantwoordelijkheden? En bij alles kwam de terugkerende vraag: hoe zou vader dit gewild hebben? Nu, dertig jaar later, spreken ze over die tijd als een traumatische ervaring. Een strategische visie op de bedrijfsvoering kwam er pas jaren later; de dagelijkse hectiek en het verdriet om het verlies van hun vader namen hen eerst volledig in beslag.

Ondernemers zien opvolging als een uitdaging

Dit relaas uit de praktijk is er een van velen. Onze Family Business Survey laat zien dat een derde van de ondervraagden de opvolging als een uitdaging ziet. Het onderwerp wordt vaak vooruitgeschoven. Als de dga al ideeën heeft over hoe het verder moet na zijn of haar tijd, blijven die te vaak onbesproken met familieleden. Daarbij zijn de meeste mensen geneigd bij bedrijfsopvolging te denken aan de periode dat de bestuursvoorzitter oud en grijs zal zijn. Maar hoe moet het verder bij plotseling overlijden of arbeidsongeschiktheid? De impact van dit soort onvoorziene stressmomenten is nu onderwerp van een promotieonderzoek aan het Tilburg Institute for Family Business.

Juist bij familiebedrijven verdient continuïteit voldoende aandacht

Natuurlijk is het te begrijpen dat bedrijfsopvolging niet altijd de aandacht krijgt die ze verdient. In de meeste families is spreken over de dood lastig. En ondernemers zijn liever bezig met ondernemen dan met onvoorziene veranderingen op de – naar men mag hopen – lange termijn. Toch zien we families wel hun privévermogen per testament vermaken aan hun kinderen en de voogdij vastleggen. Maar hoe vergaat het de kinderen in de rol van aandeelhouder? Juist bij familiebedrijven, waar familie, bedrijf en eigendom nauw met elkaar verweven zijn, verdient de bedrijfscontinuïteit minstens zoveel aandacht als de privéregelingen.

Op tijd beginnen met plan voor bedrijfsopvolging

Wie het nuchter wil benaderen, weet twee dingen zeker: 1) dat de leidinggevende van het bedrijf er op een dag mee ophoudt, en 2) dat die dag niet met zekerheid is vast te stellen. Daarom kunnen verantwoordelijken in het familiebedrijf wat ons betreft niet vroeg genoeg beginnen met het maken van een plan voor bedrijfsopvolging dat regelmatig wordt herzien. Het plan beschrijft voor een termijn van vijf tot vijftien jaar welke opvolgingskandidaten de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen – uiteraard in overleg met de familieleden. Een veertiger met tienerkinderen zou zich moeten omringen met capabele managers die in geval van overmacht het bedrijf draaiende kunnen houden. Tien jaar later kan dit heel anders liggen. Er is dan misschien een kind dat het bedrijf kan leiden.

Denk ook aan opstellen van familiestatuut

Daarnaast is het opstellen van een familiestatuut aan te bevelen. Welke waarden onderschrijft de familie, wat is de visie en missie van de onderneming? Hoe werkt het bestuur van het bedrijf en het beheer van het vermogen? Zowel het opvolgingsplan als het familiestatuut faciliteren het gesprek in de familie over alles wat vaak ongezegd blijft. De drie broers die zich afvroegen hoe vader het gewild had, zouden er enorm mee geholpen zijn.

Contact

Niels Govers

Partner, Eindhoven, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 54 20

Volg ons