Goedkopere en betere zorg? Deel de data!

We hebben steeds geavanceerdere computers en smartphones die ons leven en werk makkelijker moeten maken. Is het dan niet vreemd dat de samenleving alleen maar meer gestrest lijkt te worden? Hetzelfde gevoel bekruipt ons weleens als we kijken naar de medische sector, waar de urgentie blijkbaar nog niet groot genoeg is en we lijken te wachten tot het echt te laat is.

Door Ron Admiraal, PwC-expert op het gebied van farma, lifescience en medische technologie

De technologische mogelijkheden in de zorg nemen al decennialang sterk toe, terwijl het systeem steeds meer onder druk komt te staan: we worden gemiddeld ouder en zorgkosten rijzen naar onhoudbare niveaus. Daarnaast daalt de effectiviteit van traditionele onderzoek en ontwikkeling door de bedrijven, terwijl hun marges grofweg gelijk blijven. Waar moet dat eindigen? Een lichtpunt is dat we ook steeds meer data over de behandelpraktijk verzamelen, ook tijdens ons dagelijks leven.

Cultuuromslag nodig

Wij houden het voor mogelijk dat die groeiende databerg in combinatie met nieuwe technologie een keerpunt gaat veroorzaken. Stijgt hierdoor de effectiviteit van onderzoek en van behandelingen binnen tien jaar en gaan misschien zelfs de zorg goedkoper en houdbaarder worden? Daarvoor is nog een cultuuromslag nodig, waarvan we de eerste, voorzichtige tekenen zien. De receptuur voor die omslag bevat mooie ingrediënten als ‘big data analytics’, ‘real world evidence’, open innovatie en publiek-private samenwerking. De simpele samenvatting: samen weten we meer dan alleen.

Data-analyse biedt hoopgevende mogelijkheden

In de farmaceutische sector biedt data-analyse hoopgevende mogelijkheden. Door het nauwkeurig onderzoeken van data uit de behandelpraktijk, komt men tot ‘real world evidence’ voor de meest effectieve behandelingen. Hoe ‘bigger’ de data, hoe meer kan men toewerken naar ‘personalised medicine’, oftewel meer op individuen toegepaste geneeskunde. We zien farmaceuten investeren in start-ups en scale-ups die met slimme technieken data analyseren. En om waardevolle combinaties van grote databronnen te creëren, zoekt men publiek-private samenwerkingen (PPS): farmaceutische bedrijven leveren de kennis om medicijnen te ontwikkelen, start-ups de laatste technologieën en de (data)wetenschappers van de universiteiten doen het analytische werk. Uiteindelijk kan de zorg steeds meer thuis worden verleend in plaats van in een duur ziekenhuis.

Ongemak en conservatisme

Hoe logisch zulke oplossingen ook klinken, de praktijk is niet eenvoudig. Zo heeft PwC samen met de Vrije Universiteit een onderzoek gedaan naar welke uitdagingen en oplossingen deelnemers aan PPS-verbanden in de gezondheidszorg ervaren. De resultaten zijn gepubliceerd in het International Journal of Healthcare Management. Wat zijn de belangrijkste struikelblokken? Ongemak over het delen van data staat op één. Begrijpelijk, in een markt waar data het nieuwe goud is en privacy belangrijk. Conservatisme is een daaraan gelieerde uitdaging: men is onbekend met de nieuwste technieken en onzeker over de beschikbaarheid van mensen met de juiste vaardigheden, met terughoudendheid als gevolg.

Jheronimus Academy of Data Science

Hoe kunnen we deze uitdagingen te lijf gaan? Door er vertrouwder mee te worden. Om het gebrek aan vaardige data-analisten in te lopen, worden er verschillende initiatieven op touw gezet. Wij zijn betrokken bij de recent opgerichte Jheronimus Academy of Data Science (JADS) in ’s-Hertogenbosch, een samenwerking tussen de universiteiten van Eindhoven en Tilburg. Hier worden de broodnodige ‘data scientists’ opgeleid die gaan bijdragen aan innovaties op basis van ‘big data’. Die data-analisten zijn overigens niet alleen de typische bèta’s (de ‘techies’) maar ook de alfa’s die weten hoe je data kunt interpreteren en herleiden tot gedrag (de ‘fuzzies’).

Dataplan opstellen

En hoe zit het met het ongemak bij het delen van data? In samenwerkingsverbanden is het verstandig om over data duidelijke afspraken te maken. PwC is momenteel bezig met een open-innovatieproject dat wordt geleid door het Zweedse Karolinska Instituut. Binnen dit project werken veertien universiteiten, twee grote farmaceuten en een aantal start-ups aan een personalised-medicine-aanpak voor MS. Een belangrijke stap in de samenwerking was het opstellen van een dataplan. Waar ligt het eigenaarschap, hoe geven we elkaar inzicht en wie kan wat onder welke voorwaarden zien?  Het project is een mooi voorbeeld van ‘predictive healthcare’ (elke patiënt krijgt de therapie die het beste past) en het ondersteunt ‘value based healthcare’, waarin onnodige behandelingen en medicatie zoveel mogelijk worden voorkomen.

Risico’s en kosten gedeeld

Participeren in een groot publiek-private samenwerking zal voor de meeste farmaceuten nog best spannend zijn. Maar de tijd dat medische innovaties in afzondering werden uitgevonden, ligt grotendeels achter ons – alleen al omdat het te kostbaar is. Door samenwerking te zoeken met andere private en publieke partijen, worden risico’s gespreid, kosten gedeeld en is er meer data en denkkracht voor handen. Natuurlijk vragen allerhande kwesties vanuit wetgeving, ethiek en bedrijfsbelangen om een antwoord. Maar de waarde van al die data die gezamenlijk ontgonnen kan worden, is simpelweg te groot om te laten liggen. Het helpt de invalshoek op zorg te veranderen van ‘ik heb een aandoening en ik wil beter worden’, tot ‘hoe voorkom ik een aandoening of ontdek ik hem eerder en kan ik er gezond en veilig ouder mee worden’.

Contact

Ron Admiraal

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 15 46

Volg ons