Resultaten bedrijfsbezoeken in kader van Toezichtsplan Arbeidsrelaties

07/03/19

De Belastingdienst heeft 104 bedrijfsbezoeken afgelegd om toezicht te houden op de juiste kwalificatie van arbeidsrelaties onder de huidige Wet DBA. De bezoeken waren al aangekondigd in het Toezichtsplan Arbeidsrelaties van 1 juli 2018.

Van de bedrijfsbezoeken is een rapportage gepubliceerd en hierover is de Tweede Kamer via een Kamerbrief geïnformeerd. Het blijkt dat meer dan de helft van de opdrachtgevers in meer of mindere mate onjuist handelt als het gaat om de inhuur van zzp’ers. Naar aanleiding hiervan hebben verschillende Kamerleden aangedrongen op snelle vervolgacties. Inderdaad komt er een nieuwe toezicht- en handhavingsstrategie en wordt het handhavingsmoratorium afgebouwd. Hierover wordt de Kamer voor de zomer nader geïnformeerd.

Resultaten bedrijfsonderzoeken

Uit de rapportage van de Belastingdienst blijkt dat van de 104 onderzochte bedrijven bij 59 bedrijven sprake is van ‘in meer of mindere mate onjuist handelen’. In 12 gevallen is zelfs geconstateerd dat de opdrachtgever de arbeidsrelatie zodanig niet juist heeft gekwalificeerd, dat nader wordt onderzocht of sprake is van kwaadwillendheid.  

Bij de meerderheid van de onderzochte bedrijven is dus sprake van ‘(vermoedelijk) onjuist handelen’ als het gaat om de inhuur van zzp’ers. Het gaat bijvoorbeeld om de vermoedelijke aanwezigheid van een gezagsverhouding, het niet volgens de modelovereenkomst werken of een dermate lange duur van de arbeidsrelatie dat het werk van de zzp’er lijkt te zijn ingebed in de organisatie.

Uit de rapportage komt ook naar voren dat opdrachtgevers soms te maken hebben met opdrachtnemers die de werkzaamheden uitsluitend buiten dienstbetrekking willen vervullen. De (fiscale) voordelen van een zzp’er wegen voor de opdrachtnemer dan zwaarder dan de zekerheid van de dienstbetrekking. Verder wensen opdrachtgevers meer duidelijkheid, onder meer in verband met gevoelde concurrentieverstoringen omdat opdrachtgevers verschillend met de Wet DBA omgaan.

Vervolg en afbouw handhavingsmoratorium

Het huidige handhavingsmoratorium geldt tot 1 januari 2020. Sinds 1 juli 2018 handhaaft de Belastingdienst slechts als wordt voldaan aan het criterium van kwaadwillendheid: er sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking én er is sprake van evidente en opzettelijke kwaadwillendheid. Zoals ook uit de rapportage blijkt, vormt dit voor de Belastingdienst een zware bewijslast.

Uit de rapportage blijkt dat in de huidige situatie nog steeds met zelfstandigen wordt gewerkt waar sprake zou zijn van een dienstbetrekking. Daarmee lijkt een signaal te worden afgegeven dat de Belastingdienst meer handhavingsmogelijkheden moet krijgen. Dit geldt te meer nu de maatregelen ter vervanging van de Wet DBA (deels) worden uitgesteld tot 2021 (zie ook ons eerdere PwC Actueel bericht). Het is dan ook waarschijnlijk dat het handhavingsmoratorium per 2020 gefaseerd wordt afgebouwd. Hierover wordt de Kamer voor de zomer nader geïnformeerd. Wij houden u hier uiteraard van op de hoogte.

Contact

Henk van Keersop

Senior Manager, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 14 85

Volg ons