Overzicht pensioenactualiteiten 2019-Q2 (maart tot en met juni)

In dit overzicht over het tweede kwartaal van 2019 leest u onder meer over het principeakkoord “Vernieuwing pensioenstelsel” dat op 5 juni 2019 gesloten is. PwC vindt het belangrijk om u regelmatig op de hoogte te houden van relevante pensioenontwikkelingen.

 

Principeakkoord over hervorming van het pensioenstelsel

Op 5 juni 2019 hebben het Kabinet en sociale partners een principeakkoord gesloten over hervorming van het pensioenstelsel. Wij hebben hier een bericht over geschreven. Hieronder treft u een aantal relevante links naar stukken over de hervorming:

Kamerbrief: principeakkoord vernieuwing pensioenstelsel 
SER advies: naar een nieuw pensioenstelsel
CPB notitie: effecten van de overgang op nieuwe pensioenregels

Pensioenakkoord: verdere uitwerking tweede pijler in stuurgroep, uitwerking pensioenakkoord moet eind 2020 klaar zijn

Voor de uitwerking van de twee pensioencontracten en afschaffing van doorsneesystematiek wordt een stuurgroep aangesteld. De uitwerking van de twee toekomstige pensioencontracten en de maatregelen voor de overgang naar het nieuwe stelsel moeten eind 2020 gereed zijn, aldus minister Koolmees. Begin 2022 wil het kabinet vervolgens het wettelijk kader gereed hebben. De nadere uitwerking van het pensioenakkoord is een taak van een stuurgroep met deelnemers van sociale partners en kabinet, ondersteund door deskundigen van pensioenuitvoerders, de toezichthouders en door onafhankelijke, externe deskundigen.

Kamer wil adequaat nabestaandenpensioen bij invaren in nieuw contract

De dekking van het nabestaandenpensioen mag geen gevaar lopen bij de overstap naar een ander pensioencontract, vindt de Tweede Kamer. Die wil ook één uniform partnerbegrip voor het recht op nabestaandenpensioen. De Kamer heeft moties aangenomen aan die het kabinet vragen dit te regelen. Die waren ingediend bij een overleg over de initiatiefnota voor een beter nabestaandenpensioen van Pieter Omtzigt (CDA) en Eppo Bruins (ChristenUnie). De Kamerleden stuurden die nota in de zomer van 2018 aan de Kamer. De reden was dat mensen in vergelijkbare situaties een totaal verschillend nabestaandenpensioen kunnen krijgen. Zo kan overlijden vlak vóór of vlak na bereiken van de AOW-leeftijd een factor vier schelen in het nabestaandenpensioen, aldus Omtzigt en Bruins. In zijn advies over de pensioenhervorming noemt de SER als wens het nabestaandenpensioen meer te standaardiseren. 

Kabinet: lumpsum van maximaal 10%, vrij te besteden

Iedereen met pensioen in de tweede of derde pijler kan in de toekomst op pensioendatum 10% ineens opnemen. De besteding is vrij. Opname bij fondsen met dekkingsgraden onder 100% is nog een aandachtspunt. Het maximale opnamebedrag is 10% van de waarde van de aanspraken en opname is alleen mogelijk is op pensioendatum. Verder heeft hij besloten dat het pensioen dat overblijft na opname van een bedrag ineens boven de afkoopgrens moet liggen. Dit om te voorkomen dat alle opgebouwde aanspraken de pensioenbestemming kunnen verliezen. Er is nog een klein voorbehoud bij de voorwaarden: de toets op uitvoerbaarheid moet positief uitvallen. Dat heeft minister Koolmees van Sociale Zaken geschreven in een brief aan de Tweede Kamer. De brief geeft nadere invulling aan een voornemen uit het regeerakkoord en is een vervolg op de aankondiging in de ‘tienpuntenbrief’ uit februari.

Minister Koolmees: kapitaalgedekt stelsel in gevaar als rente zo laag blijft

Als de rente nog langere tijd zo laag blijft als nu, dan is dat een probleem voor elk kapitaalgedekt stelsel, aldus minister Koolmees. En ook voor de Nederlandse tweede pijler. De minister zei dit in het debat over het pensioenakkoord in antwoord op een vraag van Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA). Omtzigt wilde weten of de regering het met hem eens is, dat geen enkel kapitaalgedekt stelsel is bestand tegen een rente die lange tijd op 0% staat. Koolmees antwoorde hierop bevestigend.

Wet Temporisering verhoging AOW-leeftijd 

Op 17 juni 2019 is het wetsvoorstel temporisering verhoging AOW-leeftijd bij de Tweede Kamer aanhangig gemaakt. Met het voorstel wil het kabinet invulling geven aan de afspraak die met de sociale partners is gemaakt in het kader van het akkoord ten aanzien van het temporiseren van de AOW-leeftijd. Omdat de eerste groep burgers in 2020 geraakt zal worden door de verlaging van de AOW-gerechtigde leeftijd, diende het wetsvoorstel nog voor het zomerreces de goedkeuring te krijg van zowel de Tweede als de Eerste Kamer. Minister Koolmees heeft de Tweede Kamer daarom verzocht om het wetsvoorstel spoedig te behandelen met het oog op publicatie in het Staatsblad in de maand juli 2019 en inwerkingtreding per 1 januari 2020.

Ontwikkelingen pensioen voor payrollers

Adequaat pensioen payrollers uitgesteld

De verplichting om payrollers een adequate pensioenregeling aan te bieden is pas van kracht in 2021, een jaar later dan gepland. Minister Koolmees heeft dit besloten omdat de invoering complex is. Koolmees maakte dit bekend in het debat over de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) in de Eerste Kamer. De Algemene maatregel van bestuur (Amvb) die regelt waaraan een adequate pensioenregeling voor payrollers moet voldoen hoort bij die wet. De beoogde ingangsdatum van de Wab blijft staan op 1 januari 2020. De senaat stemt deze week over het wetsvoorstel. 

Kabinet betwist dat contractvrijheid sociale partners in het geding komt met verplicht pensioen voor payrollers

Volgens het antwoord van minister Koolmees van Sociale Zaken op vragen uit de Eerste Kamer over een adequate pensioenregeling voor payrollers komt de contractvrijheid van sociale partners niet in het geding met een verplichte pensioenregeling voor payrollers. Het besluit dat regelt waaraan zo’n pensioenregeling moet voldoen, hoort bij de Wet arbeidsmarkt in balans. De Tweede Kamer ging in februari 2019 akkoord met deze wet. Kritiek op het besluit, van onder meer VNO-NCW, is dat de overheid op de stoel van sociale partners gaat zitten. Ook zou het onuitvoerbaar zijn, zeker voor payrollbedrijven met klanten in meerdere sectoren.

Pensioenfonds Stipp wil af van basisregeling

Pensioenfonds Stipp en sociale partners onderzoeken de gevolgen van verkorting van de wachttijd. Dit doen ze om de magere en complexe eenjarige basisregeling voor uitzendkrachten te verbeteren. De ABU, de branche-organisatie voor uitzend- en payrollbedrijven, en andere sociale partners uit de uitzendsector overleggen over een nieuwe regeling. Stipp, de uitvoerder van de beschikbarepremieregeling, vindt de uitvoerbaarheid van de basisregeling al jaren problematisch en pleit voor een minder complexe regeling.

Ontwikkelingen verplichte pensioenregelingen

Booking.com hoeft niet aan te sluiten bij BPF Reiswerk

Hotelwebsite Booking.com is slechts een ‘platform’, dat niet bemiddelt bij een reisovereenkomst, oordeelt het gerechtshof Amsterdam. Daarom valt het niet onder de verplichtstelling van het bedrijfstakpensioenfonds. Het Hof verwerpt in haar arrest een serie argumenten die het pensioenfonds inbracht, om aan te tonen dat Booking.com een ‘(online) reisagent’ is, zoals gedefinieerd in het verplichtstellingsbesluit. De lagere rechter trok de vergelijking met een ‘digitaal prikbord’.

Waarom veel internetbedrijven niet bij een bedrijfstakpensioenfonds willen

Het is voor bedrijven in de internet- en platformeconomie vaak niet aantrekkelijk zich bij een bpf aan te sluiten. Dat komt onder meer door jonge werknemersbestanden, plus soms lage dekkingsgraden en vaak hogere premies bij de bpf’en dan in ppi’s. Een voorbeeld hiervan is de reiswebsite Booking.com. Medewerkers daar bouwen sinds vier jaar pensioen op bij BeFrank. Het bedrijf geeft de voorkeur aan deze ppi, boven het verplichte pensioenfonds voor de reissector, Reiswerk Pensioenen. Reiswerk spande een rechtszaak aan om Booking.com te dwingen zich aan te sluiten bij het pensioenfonds, maar de Amsterdamse kantonrechter stelde de online reisaanbieder in het gelijk. 

Tussenuitspraak Hof Arnhem-Leeuwarden over verplichte deelname in BPF

De werkgever bestrijdt een besluit tot verplichte aansluiting bij Bedrijfstakpensioenfonds voor het Beroepsvervoer over de Weg en betwist in dat verband het overgrote deel van de door het pensioenfonds aan dat besluit ten grondslag gelegde feiten. Het pensioenfonds wil meer stukken en meer informatie van werkgever ontvangen. Het pensioenfonds heeft naar het oordeel van het hof een rechtmatig belang bij de door haar van werkgever verlangde informatie.

Wet arbeidsmarkt in balans aangenomen

De Eerste Kamer heeft op 28 mei 2019 de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) aangenomen. Dit betekent dat er per 2020 een aantal belangrijke zaken gaat wijzigen op het gebied van de financiering van de Werkloosheidswet (WW) en het arbeidsrecht. In dit artikel bespreken wij deze wijzigingen en de gevolgen voor werkgevers. 

Kabinet gaat mogelijkheid pensioenopgave met rechtszekerheid onderzoeken

Deelnemers moeten in de toekomst een pensioenopgave krijgen waar ze rechtszekerheid aan kunnen ontlenen, zodat uitvoerders geen bedragen kunnen terugvorderen. Een grote meerderheid van de Tweede Kamer stemde in met een motie die het kabinet vraagt hier een voorstel voor uit te werken. Directe aanleiding voor de motie is dat ABP de uitkeringen van duizend deelnemers heeft aangepast: zevenhonderd deelnemers krijgen minder, driehonderd deelnemers meer pensioen. Het ABP had de uitkeringen vastgesteld op basis van gegevens van de Sociale Verzekeringsbank, maar die blijken onjuist te zijn. 

Het kabinet heeft aangegeven in overleg met pensioenuitvoerders, DNB en AFM te onderzoeken wat het in de praktijk betekent als deelnemers rechtszekerheid kunnen ontlenen aan hun pensioenopgave. Op dit moment ontleent een deelnemer zijn aanspraak of recht op pensioen immers niet aan informatie van de pensioenuitvoerder, maar uitsluitend aan het pensioenreglement. 

Koolmees wijst flexibele AOW opnieuw af

Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Tweede Kamer geïnformeerd dat de toegevoegde waarde van een flexibele AOW uiterst beperkt is en bovendien zeer complex in de uitvoering en slecht voor de overheidsfinanciën. Daar komt nog bij dat de meeste mensen volgens Minister Koolmees nu al flexibel zijn met hun pensioendatum, omdat zij voldoende pensioen in de tweede pijler hebben opgebouwd om hun pensioeningangsdatum te kunnen vervroegen.

Contact

Bastiaan Starink

Partner, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 64 06

Jan Meijer

Senior Manager, PwC Netherlands

Tel: +31 (0)88 792 76 54

Volg ons