‘Bits zijn makkelijk, mensen zijn moeilijk’

Hal Varian, hoofdeconoom Google, niet bang voor ‘uitholling’ arbeidsmarkt door robotisering

De race tussen mens en machine is niet weg te denken uit de dagelijkse bezigheden van Hal Varian, hoofdeconoom bij Google. Hij krijgt dan ook regelmatig de vraag of ‘slimme machines’ leiden tot banenverlies voor mensen. En wanneer krijgt dit ‘uithollingseffect’ invloed op het midden- en hogere segment van de beroepsbevolkingspiramide?

‘In de VS hebben we de uitdrukking bits are easy, humans are hard’, antwoordt Varian via Google Hangouts in gesprek met PwC-hoofdeconoom Jan Willem Velthuijsen. ‘Ik begrijp de zorgen van mensen die het gevoel hebben dat hun baan wordt bedreigd door zelflerende machines en automatisering. Op het gebied van spraak- en beeldherkenning, vertalen en transcriptie heeft de wetenschap de afgelopen jaren enorme sprongen gemaakt. Aan de andere kant is de technologie van robots voor algemeen gebruik nog niet goed ontwikkeld. Probeer een robot bijvoorbeeld maar eens de trap op te laten lopen.’

Routinematige taken

‘Maar om te weten of dit een bedreiging vormt voor je baan of niet, moet je vanuit een andere invalshoek kijken. Economen zien het zo: er zijn routinematige en niet-routinematige taken. De routinematige, dus de repetitieve, saaie en vervelende taken, zullen worden overgenomen door robots en algoritmen. Computers zijn daar heel goed in, terwijl mensen zich gaan vervelen en slordig worden als ze te lang te veel hetzelfde moeten doen. Niet-routinematige taken vereisen typisch menselijke vaardigheden, zoals verbeeldingskracht, creativiteit, empathie, improvisatievermogen, in een team kunnen werken, het herkennen van niet voor de hand liggende verbanden en het nemen van allerlei andere intuïtieve beslissingen.’

Verschuiving in het evenwicht

 ‘Daar zie je waar het echte probleem zit: mensen zijn bang voor hun baan en stellen zich afwerend op tegenover computers en automatisering. Maar we kunnen ons beter afvragen hoe we het niet-routinematige gedeelte kunnen verbeteren en hoe we routinetaken die we eigenlijk toch niet leuk vinden, kunnen laten overnemen door de technologie. We halen dan meer voldoening en plezier uit ons werk. Daarbij gaat het niet in eerste instantie om efficiency of werkgelegenheid, maar om een verschuiving in het evenwicht tussen taken en competenties.’

Positief effect op werkgelegenheid

‘Statistici zijn het wat dat betreft met mij eens. De werkloosheid in de VS is 4,6 procent, oftewel vrijwel volledige werkgelegenheid na twintig jaar automatisering. Voor Nederland weet ik de exacte cijfers niet, maar ik neem aan dat daar ook sprake is van een netto positief effect op de werkgelegenheid sinds de opkomst van robots en algoritmen op de werkvloer.’

Dat klopt. Toch is het verontrustend als je leest dat in 2020 de helft van je taken geautomatiseerd zal zijn. Zelfs als je een hoogopgeleide professional bent, zoals een advocaat of een accountant.

‘Richt je dan op het ontwikkelen van de menselijke vaardigheden die je nodig hebt voor je werk. Elke baan omvat repetitieve taken. Een advocaat moet zijn wetboeken doorbladeren om zijn zaak te onderbouwen. De kunst is om een nieuwe balans te vinden tussen het efficiënter maken van minder complexe activiteiten en het toevoegen van extra waarde aan hoogwaardige competenties en taken. De technologie biedt daarvoor aanknopingspunten op alle werkniveaus.’

Wat wordt de volgende meest uitdagende technologische innovatie?

‘Een van de belangrijkste ontwikkelingen die zich de komende twintig jaar zal voordoen, is de doorontwikkeling van zelfrijdende auto’s en de automatisering van het vervoer in het algemeen. Wij hebben ons eigen project voor zelfrijdende auto’s, Waymo. Dat levert heel bijzondere dingen op.’

‘Deze ontwikkeling creëert allerlei andere mogelijkheden die niet te voorzien zijn. De tijd die nodig is voor vervoer, kan aanzienlijk korter worden. Files zullen grotendeels verdwijnen, geografische voordelen komen op losse schroeven te staan, vervoerskosten worden genivelleerd, er gebeuren nauwelijks meer ongelukken waardoor de zorgkosten dalen, outsourcing- en insourcingsystemen moeten worden herzien, en ga zo maar door. Dat wordt allemaal mogelijk gemaakt door betrouwbare en supersnelle dataverwerking, en Google is een van de bedrijven die hard bezig zijn om dat werkelijkheid te maken.’

Er ligt nog een andere grote uitdaging, namelijk hoe kun je de integriteit van kunstmatige intelligentie garanderen?

‘Google is lid van de Partnership on AI, net als onder meer IBM, Amazon, Facebook en Microsoft. Deze groep werkt samen aan sectorbrede normen voor governance en compliance op het gebied van kunstmatige intelligentie. Kunstmatige intelligentie brengt immers allerlei ethische vragen met zich mee, bijvoorbeeld wat voor beleid overheden moeten hebben voor digitale oorlogvoering.’

‘Zulke vraagstukken kan niet ieder voor zich oplossen, die moet je nationaal en internationaal aanpakken. Als AI-afhankelijke bedrijven voelen wij ons verplicht om het voortouw te nemen in deze discussie. Ook omdat we een solide ethisch kader nodig hebben om verder te kunnen groeien en om in de maatschappelijke en economische behoeften te voorzien.”

Tot nu toe laten de statistieken geen digitaliseringsgerelateerde groei zien.

‘Die is er wel, maar die wordt gewoon niet geregistreerd. Dat komt door de manier waarop productiviteit wordt gemeten. Een voorbeeld: in 2000 werden er tachtig miljard foto’s gemaakt en ontwikkeld voor vijftig cent per foto. Vorig jaar werden er 1,6 biljoen foto’s gemaakt. Tegen nul marginale kosten. Er was dus eigenlijk een enorme productiviteitswinst, maar de statistieken laten juist een verlies van productiviteit zien, omdat de verkoop van camera’s daalde en het ontwikkelen van foto’s niks meer kost.’

‘Wat hier in feite aan de hand is, is dat er nieuwe bedrijfstakken zijn ontstaan omdat iedereen met zijn smartphone gratis foto’s kan maken. YouTube, Instagram, Snapchat, Facebook – zonder deze technologische vooruitgang zouden die allemaal niet in hun huidige vorm bestaan. Nog een voorbeeld: Google heeft wereldwijd gratis GPS geïntroduceerd. Dat heeft een enorme impact op de efficiëntie van het vervoer, op de woningmarkt, op de taxibranche, noem maar op. Twintig jaar geleden kostte een navigatiesysteem duizend dollar, nu is het een gratis app. En omdat het gratis is, komt de waarde niet helemaal tot uitdrukking in productiviteitsmetingen.’

Welk model hebt u in gedachten voor een nieuw BBP?

‘Dat is een lastige opgave, maar het gaat er vooral om dat we de marktoutput én de niet-marktoutput van een digitale economie meenemen. Daarom moet het hele systeem van nul marginale kosten op de schop en moeten we op een andere manier gaan meten. De welvaartswinst moet zichtbaar worden in de productiviteitsstatistieken. Anders meten we de economie af aan een BBP dat de economische werkelijkheid steeds minder weerspiegelt.’ 

Contact

Jan Willem Velthuijsen
Chief economist PwC
Tel: +31 (0)88 792 75 58
E-mailadres

Volg ons