Btw in de pensioensector

BTW in de pensioensector
 


Algemeen

Een pensioenfonds verzekert pensioenaanspraken en int hiervoor premies van werknemers en werkgevers. Op basis daarvan kwalificeert een pensioenfonds als ondernemer voor de btw en dient als zodanig te zijn geregistreerd bij de Belastingdienst. De prestaties van een pensioenfonds bestaan voornamelijk uit verzekeringsdiensten en financiële prestaties in de beleggingsportefeuille (denk aan de verkoop van aandelen of andere effecten). Deze prestaties zijn in beginsel allemaal btw-vrijgesteld. Een pensioenfonds hoeft dan ook geen btw te berekenen over bijvoorbeeld de pensioenpremies. Nog steeds niet alle pensioenfondsen geven zich rekenschap van de btw. Het is echter noodzakelijk om dat wel te doen.

Inkoop buitenlandse diensten

Als een pensioenfonds diensten inkoopt van buitenlandse dienstverleners (bv. vermogensbeheer), bepalen de btw-regels in de btw dat het land waarin het pensioenfonds is gevestigd btw mag heffen. In dat geval dient het pensioenfonds zelf de btw op aangifte af te dragen. De aldus af te dragen btw wordt ook wel verleggings-btw genoemd, aangezien de heffing verlegd is naar het pensioenfonds. De buitenlandse dienstverlener brengt dan geen lokale btw in rekening. Overigens is een pensioenfonds geen verleggings-btw verschuldigd als de dienstverlening onder een btw-vrijstelling valt. Dit geldt bijvoorbeeld voor collectief vermogensbeheer.

Als een pensioenfonds geen btw-registratie heeft of ten onrechte geen btw afdraagt over ingekochte buitenlandse diensten loopt het fonds het risico op naheffing en boete. Deze boete kan oplopen tot 100% van het te betalen btw bedrag. De Belastingdienst kan 5 jaren terug bij het naheffen van niet betaalde btw. Een fiscale boete kleeft ook aan de pensioenfondsbestuurder voor integriteitsonderzoek door DNB en / of AFM.

Aftrek van voorbelasting

Naast bovengenoemde risico’s heeft een pensioenfonds mogelijk ook nog recht op aftrek van voorbelasting. Hoewel verzekeringsdiensten en financiële prestaties in de beleggingsportefeuille zijn vrijgesteld van btw, kan mogelijk toch een recht op aftrek van voorbelasting bestaan. Dit recht op aftrek hangt samen met de hoogte van de omzet behaald buiten de EU. Ook voor de aftrek kan in beginsel 5 jaren teruggegaan worden. Op deze wijze kan de btw-druk voor een pensioenfonds vaak aanzienlijk worden verlaagd.

Pensioenuitvoerder

Vaak is een groot deel van de dagelijkse werkzaamheden van een pensioenfonds uitbesteed aan een pensioenuitvoerder. In beginsel zijn de diensten van de pensioenuitvoerder belast met btw. In de praktijk kan de btw soms toch buiten de deur worden gehouden. Daarnaast zien wij dat door de  uitbesteding aan de pensioenuitvoerder het onduidelijk kan zijn wie verantwoordelijk is voor de fiscale positie van het pensioenfonds. Het is voor pensioenfonds en uitvoerder raadzaam om hierover in overleg te treden en de fiscale risico’s en mogelijkheden te benoemen en aan te pakken.

Actueel bij vermogensbeheer

Daarnaast is op dit moment een aantal zaken actueel op btw-gebied, met name bij vermogensbeheer. Nu is het zo dat vermogensbeheer voor een pensioenfonds in principe belast is met btw. Diverse rechters in Europa (waaronder ook in Nederland) hebben recent echter prejudiciële vragen gesteld over de vraag of deze diensten niet btw-vrijgesteld zouden moeten zijn. Om eventuele mogelijkheden op een vrijstelling niet onbenut te laten, raden wij aan om ingeval van buitenlandse vermogensbeheerders bezwaar te maken tegen de eigen aangifte waarin verleggings-btw over deze diensten wordt afgedragen. Als sprake is van Nederlandse vermogensbeheerders raden wij aan om met hen in overleg te treden, zodat de vermogensbeheerder zijn positie veiligstelt. In dat geval kan het pensioenfonds bij een gunstige uitkomst mogelijk ten onrechte betaalde btw terug ontvangen. Actie is op dit punt dus vereist!